Tarot 18. De Maan

18. De Maan

De symboliek van tarotkaart nummer 18 De Maan verwijst naar het alchemistische huwelijk van de zon en de maan; een metafoor voor het spirituele proces waarbij de innerlijke dualiteit plaatsmaakt voor goddelijke eenheid. Wat hebben blaffende honden en een rivierkreeft hiermee te maken? Lees het in dit artikel!

De Maan in de 15e eeuw

Het thema van het alchemistische huwelijk (de versmelting der tegenstellingen), met hierin een centrale rol voor de zon en de maan, wordt door de 15e eeuwse tarot decks die behouden zijn gebleven op verschillende manieren uitgewerkt.

De vrouw op de Visconti-Sforza kaart houdt een maansikkel in haar hand. Zij is de ‘Maangodin’, die we terug zien in vrijwel alle godentradities, en die een personificatie is van de kundalini-energie (Isis, Inanna, Diana, Artemis, enz.). Het goudkleurige haar van de vrouw reikt tot haar bekken, de verblijfplaats van de kundalini in de mens.

De kleuren van haar kleding – rood (het mannelijke) en blauw (het vrouwelijke) – staan de voor polariteiten, die versmolten zijn. De twee uiteinden van het koord om haar middel verwijzen naar de caduceus: de staf van de Griekse god Hermes, die symbool staat voor een kundalini-ontwaken.

De hand waarmee de vrouw deze twee uiteinden vast houdt maakt het teken van het heilige (alchemistische) huwelijk: twee vingers tegen elkaar (2=1).

De twee bergen op de achtergrond, links en rechts van de vrouw, versterken de symboliek. Op ons netvlies verschijnen de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken: de polaire energiebanen ida-nadi en pingala-nadi, en in het midden de sushumna-nadi, met de kundalini-energie.

De maansikkel heeft een onnatuurlijke vorm en lijkt meer op een eclips (samenvallen van zon en maan). We mogen dit zien als een bevestiging van onze interpretatie van de overige symboliek op de kaart.

Visconti-Sforza Tarot (15e eeuw)

De caduceus, de staf van de god Hermes. De twee slangen staan voor de polaire energiebanen.
De staf zelf staat voor de wervelkolom met de kundalini-energie.

Twee vingers tegen elkaar is het teken van het heilige huwelijk (2=1), de versmelting van polariteiten.

Charles VI Tarot (eind 15e eeuw)

Op de kaart van het Charles VI, of Estensi, deck (links) wordt de vereniging der tegenstellingen uitgedrukt door de passer waarmee naar de maan wordt gewezen.

De tweebenige passer als symbool voor de polaire energiebanen die versmelten tijdens een kundalini-ontwaken, vinden we onder andere terug in de alchemie en de Vrijmetselarij. Zie voorbeelden rechts en onder.

Ook op deze kaart lijkt de maansikkel op een eclips.

Rechts: het Magnum Opus van de alchemist in symbolen. (18e eeuwse gravure)

Afbeelding uit de Vrijmetselarij.

Afgebeeld op dit alchemistische embleem is ‘de Steen der Filosofen’, een metafoor voor de vereniging met God. (Atalanta Fugiens, 1617)

Het hexagram (zespuntige ster) staat – net als de passer en de winkelhaak – voor de versmelting van de polariteiten. (Des Hermes Trismegists alter Naturweg, 1782)

De kern (wortels) van het spirituele proces bevindt zich in het bekken. De planeten staan voor de chakra’s. (Cabala Chemica, 1659)

Een tweede meetinstrument, met dezelfde esoterische betekenis als de passer, is de winkelhaak. Deze zien we terug op de kaart van de Rothschild Tarot (onder), waarvan alleen ongekleurde, ongesneden drukvellen bewaard zijn gebleven.

De symbolische betekenis van het armillarium (een driedimensionale weergave van ons heelal), in de hand van de man op de Rothshild kaart, wordt duidelijker als we de kaart van het Ercole I d’Este Tarot deck (helemaal rechts) ernaast leggen.

Het armillarium op de d’Este kaart staat op een ongebruikelijk lange standaard. Deze staat symbool voor de wervelkolom. De man houdt een passer in het verlengde van de standaard: de twee polaire energiebanen zijn versmolten en de kundalini-energie stroomt vanaf het bekken (de maan op de tafel) naar het hoofd, en geeft hier een Godservaring/ eenheidservaring (het armillarium, één zijn met het heelal).

De kleine, achtpuntige Morgenster, linksonder op de tafel (omcirkeld), is een bevestiging van deze interpretatie. Ook de Morgenster is een symbool voor de kundalini-energie (zie tarotkaart De Ster). De kleding-kleuren van de man, rood en blauw, staan voor de polariteiten.

Rothschild Tarot (circa 1500)

Ercole I d’Este Tarot (1473)

Hermes Trismegistus met een armillarium. Het kundalini-vuur zorgt voor de versmelting van zon en maan. (Viridarium chymicum, D. Stolcius von Stolcenbeerg, 1624)

Afbeelding van een ‘Rebis’: het eindstadium van het Magnum Opus van de alchemist.

Oosterse afbeelding van een kundalini-ontwaken, met het symbool voor de versmelting van de zon en maan.

De Tarot van Marseille

De Tarot van Marseille lijkt een volledig andere koers te varen met betrekking tot het thema Maan, maar dit is slechts schijn. Ook de symboliek op deze kaart verwijst naar een kundalini-ontwaken en de hiermee samenhangende versmelting van de polariteiten. De passer en de winkelhaak zijn vervangen voor twee honden en twee torens. De maangodin is vervangen voor een rivierkreeft.

De ‘Cary Sheet’ is een ongesneden, ongekleurd drukvel uit circa 1500 (rechts). Dit is het vroegste exemplaar van De Maan in de Tarot van Marseille-stijl.

Op de onderste helft van de kaart zien we een waterplas met een enorme rivierkreeft erin. Water is een universele metafoor voor de bron van goddelijke energie in ons bekken: de kundalini. Een rivierkreeft die uit het water omhoog komt verwijst naar een ontwaken van deze energie.

Voor de keuze van een kreeft zijn een aantal redenen te bedenken. Allereerst lijkt het achterlijf van een kreeft op de wervelkolom van de mens. Rood is de kleur van (kundalini-)vuur en van het eerste chakra, waar de kundalini verblijft als zij nog ‘slaapt’.

Verder moet de kreeft om te groeien ‘verschalen’ (zijn pantser afwerpen), vergelijkbaar met het vervellen van een slang, het klassieke symbool voor de kundalini. Dit vernieuwen is ook een aspect van werking van de kundalini-energie.

Cary Sheet (circa 1500)

Het achterlijf van de kreeft lijkt op de wervelkolom van de mens.

Een alchemistische afbeelding met een maangodin zittend in een plas met water (de kundalini). Ook het vuur verwijst naar de kundalini. Boven de godin, tussen de zon en de maan, bevindt zich de god Hermes, met zijn staf de caduceus. (Seven Keys of Honoratus Marinier, laat 18e eeuw)

Deze mozaïek, uit Bulla Regia, Tunesië, verbeeldt de geboorte van Afrodite uit het schuim van de zee. Deze mythe is een metafoor voor het ontwaken van de kundalini. Afrodite wordt hier uit de zee omhoog getild door twee centaurs, die met elkaar verbonden lijken. Ze staan voor de polaire energiebanen die versmelten tijdens het proces van kundalini-ontwaken. Op hun hoofd hebben ze de poten, scharen en voelsprieten van een kreeft.

Hiernaast twee prachtige afbeeldingen uit de alchemie van het proces van spiritueel ontwaken, met de kreeft als symbool voor de kundalini-energie.

Rechts: de kraai en duif staan voor de polariteiten. Op de grond liggen de zon en de maan. De hond is aangelijnd: meesterschap over de dierlijke natuur. (Rosarium Philosophorum, 1578)

Helemaal rechts: zowel de kreeft als de (viool)stok van water staat voor de kundalini-energie. (Aurora Consurgens, 15e eeuw)

De Tarot van Marseille-kaart van Jean Noblet (hieronder) bevat een aantal nieuwe elementen ten opzichte van de Cary Sheet. Rond de eclips van de zon en de maan, aan de bovenkant van de kaart, zijn vlammen toegevoegd. Dit is waarschijnlijk een verwijzing naar de ‘vuurtongen’ die met Pinksteren neerdaalden op de leerlingen van Jezus. Dit verhaal is een metafoor voor het ontwaken van de kundalini in de apostelen, die in de Bijbel de Heilige Geest wordt genoemd.

Toen de pinksterdag aanbrak, waren ze allemaal bij elkaar. Plotseling kwam er uit de hemel een geluid alsof er een hevige wind opstak, het vulde het hele huis waar ze zaten. Toen zagen ze iets dat op tongen van vuur leek: het verdeelde zich en daalde op ieder van hen neer. Ze werden allemaal vervuld van de heilige Geest en begonnen te spreken in vreemde talen, zoals de Geest hun te spreken gaf. (Handelingen 2:1-4)

De tongen van de honden op de kaart bevestigen deze interpretatie. Deze lijken op de vlammen/ ‘vuurtongen’ rond de eclips.

De drie heuveltjes aan de onderkant van de kaart staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken. De middelste heuvel is de sushumna-nadi in de wervelkolom, met erin stromend de kundalini (de kreeft).

De buitenste heuveltjes staan voor de ida-nadi en pingala-nadi, die langs de wervelkolom stromen. Ook de twee honden en torens symboliseren de energetische polariteit. Dit wordt bevestigd door de kleuren van de honden: rood (het mannelijke) en blauw (het vrouwelijke).

Tarot van Marseille,
versie Jean Noblet (1659)

‘Tongen van vuur’ dalen neer op de apostelen.

De honden vertegenwoordigen tevens de dierlijke/ lagere natuur van mens: op energetisch niveau onze buik (de eerste drie chakra’s). Als de kundalini (de rivierkreeft) ontwaakt in het bekken, moet zij eerst langs de onderste chakra’s (de honden), om bij haar eindbestemming, in het hoofd (de bergen in de verte), te komen.

Waarschijnlijk is gekozen voor honden – en niet voor bijvoorbeeld leeuwen of varkens – omdat de maangodinnen Diana (Romeinen) en Artemis (Grieken) vaak worden afgebeeld met honden. Hieronder twee voorbeelden.

Rechts: De koning (de alchemist) wordt opgeslokt door de wolf (laat zich leiden door de dierlijke instincten in zijn buik). Als de wolf wordt verbrand (de dierlijke energieën worden uitgezuiverd door het kundalini-vuur), wordt de koning weer tot leven gewekt. (Atalanta Fugiens, 1617)

Links: de maangodin Diana met hond. De twee slangen staan voor de versmelting van de polaire energieën. De slangen raken twee haarstrengen van Diana. (Natalis Comitis Mythologiae, 1637)

Onder: de godin Artemis als Potnia Theron: ‘Meesteres van de dieren’. (Boeotische amfora circa 680 v. Chr.)

Jacques Viéville Tarot (circa 1650)

De Maan van Jacques Viéville (links) wijkt volledig af van zijn Tarot van Marseille-collega’s. Bij hem geen kreeft, maar een vrouw die garen spint. Ook dit is een metafoor voor een kundalini-ontwaken.

De stok met aan de bovenkant een pluk vlas staat voor de wervelkolom en de pijnappelklier. De draad, die loopt van het bekken naar het hoofd van de vrouw, staat voor de kundalini.

Haar rood met blauwe jurk verwijst naar de versmelting van de polariteiten, net als de eclips, boven haar hoofd. De boom naast de vrouw is een klassiek symbool voor de ontwaakte kundalini.

Rechts: de metafoor van gesponnen garen is door kunstenaars ook gebruikt om (verhuld) te communiceren dat Jezus een kundalini-ontwaken heeft doorgemaakt. De bovenste hand van Maria maakt het teken van het heilige huwelijk (2=1). Haar onderste hand brengt de gesponnen draad naar het bekken van het kindje Jezus. De kleding van Maria is een combinatie van blauw (het vrouwelijke) met rood (het mannelijke). Haar blauwe mantel wekt de suggestie van de spiraalbeweging van de kundalini naar het hoofd.

De symboliek van tarotkaart De Maan is ook gebruikt in christelijke kunst uit dezelfde tijd. Hiermee werd spirituele kennis die inging tegen de leer van de kerk verhuld gecommuniceerd. Zo zijn er schilderijen van het Laatste Avondmaal met kreeft op tafel, naast de gebruikelijke vis, lam en brood (zie hieronder). Een opmerkelijke afwijking van de traditie waarvan je je afvraagt hoe de kunstenaar er in is geslaagd toestemming hiervoor te krijgen van de opdrachtgever (de kerk).

Het Laatste Avondmaal, Antonio Baschenis, Santo Stefano kerk, Carisolo, Italië, 15e eeuw. Dat de kreeften een bijzondere betekenis hebben kunnen we afleiden uit het enorme aantal. Vreemd is ook dat ze niet op een bord liggen, zoals het lam en de vis. De rijtjes met ronde broden lijken op de wervels van een wervelkolom.

Op schilderijen van de kruisiging zien we vaak een eclips. Op zich logisch, want in de Bijbel staat dat er een zonsverduistering plaats vindt op het moment dat Jezus sterft:

En het was ongeveer het zesde uur en er kwam duisternis over heel de aarde tot het negende uur toe. En de zon werd verduisterd en het voorhangsel van de tempel scheurde middendoor. En Jezus riep met luide stem en zei: Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest. En toen Hij dat gezegd had, gaf Hij de geest. (Lucas 23:44-46)

Het detail van de eclips in dit citaat is bedoeld om ons te vertellen dat de dood van Jezus op het symbolische niveau staat voor een spiritueel transformatieproces. Een volledige zonsverduistering kan alleen plaatsvinden bij Nieuwe Maan. Het was echter Volle Maan (Pesach) toen Jezus werd gekruisigd. ‘Het zesde uur‘ is een verwijzing naar het zesde chakra, de plaats waar de versmelting van de polariteiten (zon en maan) plaats vindt. Voor een volledige analyse van de symboliek rond de kruisiging, zie mijn boek Ecce Homo.

Dat de eclips op de onderstaande schilderijen een esoterische betekenis heeft, kunnen we afleiden uit de hand van Jezus die het teken van het heilige huwelijk (2=1) maakt.

Oswald Wirth Tarot (1889)

De Oswald Wirth Tarot

De kaart van Oswald Wirth (links) is vrijwel identiek aan de Tarot van Marseille. Zijn honden hebben de kleuren wit en grijs, hetgeen, net als rood en blauw, verwijst naar de polaire energieën: licht/donker, yin/yang.

De mozaïek van Château des Avenières (rechts), die gebaseerd is op de tarot van Oswald Wirth, heeft dubbele pilaren, zowel links als rechts. Dit versterkt het thema van de kaart: de versmelting de dualiteit tot goddelijke eenheid.

Château des Avenières (1917)

De Rider-Waite-Smith (RWS) Tarot

Kunstenares Pamela Colman-Smith heeft gekozen voor een hond en een wolf (het getemde en ongetemde dier) om de polariteiten tot uitdrukking te brengen. Zij heeft zich hiermee laten inspireren door de alchemie. Op de afbeelding hieronder, naast de RWS-kaart, zien we een hond en een wolf met elkaar in gevecht. Zij staan voor de innerlijke dualiteit van de alchemist. De dieren zullen, volgens de bijbehorende tekst, ‘in één worden veranderd’.

De kleuren geel en oranje van de honden verwijzen waarschijnlijk naar de buikchakra’s, de verblijfplaats in de mens van de dierlijke energieën. De kleur van het tweede (onderbuik) chakra is oranje en het derde (navel) chakra is geel.

Een ander subtiel, maar betekenisvol, verschil met alle voorgangers is dat op de kaart van RWS de kreeft uit het water kruipt. Dit benadrukt het ontwaken van de kundalini.

Rond de maan/eclips zien we Yod’s (de Hebreeuwse letter Y) in plaats van vlammen. De betekenis is hetzelfde. Zoals we zagen bij tarotkaart De Toren verwijst de letter Yod – die op een vuurvlam lijkt – in het mystieke jodendom naar het goddelijke.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

‘EEN WOLF EN EEN HOND ZIJN IN ÉÉN HUIS, EN WORDEN DAARNA IN ÉÉN VERANDERD’. (Lambspring, 1556)

Conclusie

De mens heeft altijd geprobeerd het onbeschrijfelijke in beeldtaal uit te drukken. Het onzichtbare, goddelijke werd begrijpelijk gemaakt met gebruik van wezens of objecten uit de zichtbare wereld.

De kundalini-energie in het ons bekken wordt in de meeste tradities gepersonifieerd door een godin (Shakti, Isis, Artemis, Sophia, etc.). Vrijwel alle godinnen staan voor een aspect van de transformerende kundalini (lees mijn artikel over de godenwereld).

De maangodin Hecate met twee honden. De twee slangen verwijzen naar de ida- en pingala-nadi.

Ook beelden uit de natuur komen veel voor. De yogi ziet de bron van goddelijke energie als een opgerolde slang, die wakker kan worden gemaakt en zich dan langs de wervelkolom omhoog beweegt. Voor de alchemist lijkt dezelfde bron van energie op een kreeft die uit het water omhoog komt. In de Bijbel vinden we de metafoor van een (wal)vis.

Het is niet moeilijk om ook de keuze van de maan, met haar invloed op het stijgen en dalen van de zeespiegel, te begrijpen als een universeel symbool voor de kundalini.

In de tarot vinden we onder andere ook nog een hert, een boom, een zwaard, en een zandloper. De lijst van symbolen en metaforen voor de kundalini-energie is schier oneindig; net zo groot als het verbeeldingsvermogen van de mens.

Tarotkaart De Maan is een prachtig voorbeeld van een plattegrond in beelden van de weg naar God.

Arthurian Tarot ( Caitlin Matthews, John Matthews, Miranda Gray, 1991)

Een (roze) zalm die tegen de stroom in zwemt, terug naar zijn geboortegrond, is een rake, originele metafoor voor de kundalini-energie.

The Arto Tarot (Jane Estelle Trombley, 2008)

De maangodin Diana/Artemis met haar honden.

Tarot de Mars (Quentin Faucompré, 2012)

Als de kundalini ontwaakt is één van haar taken de transformatie en versmelting van de dierlijke energieën.

Arcus Arcanum Tarot (Hansrudi Wascher, 1987)

De vrouw/godin nodigt ons uit om deze weg te gaan.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright oktober 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2020-10-16T07:35:56+00:00augustus 16th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 18. De Maan

Tarot 17. De Ster

17. De Ster

De achtpuntige ster op deze tarotkaart is een symbool van de Soemerische godin Inanna en haar Akkadische tegenhangster Ishtar. Deze godinnen werden tevens geassocieerd met de planeet Venus, die de Morgenster wordt genoemd omdat ze, na de zon en de maan, de helderste is van alle hemellichamen en kort voor zonsopgang zichtbaar is in het oosten. Venus kondigt als het ware de zon aan en hierdoor werd zij al in de verre oudheid geassocieerd met het goddelijke.

En wij hebben het profetische woord, dat vast en zeker is, en u doet er goed aan daarop acht te slaan als op een lamp die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw hart.
(Bijbelcitaat 2 Petrus 1:19)

In het verlengde hiervan staat de achtpuntige Morgenster in diverse spirituele tradities voor de goddelijke energie in het bekken van de mens: de kundalini. Rechts twee voorbeelden.

De Morgenster (Venus) helder zichtbaar vlak voor zonsopgang.

Een Oud-Babylonische plaquette uit 2000-1600 v. Chr. met de Ster van Ishtar op de stam van een palmboom (symbool voor de wervelkolom).

Clavis Artis, een alchemistisch manuscript uit laat 17e/begin 18e eeuw.

De Ster in de 15e eeuw

Dat de ster op deze kaart al vanaf het begin stond voor een kundalini-ontwaken, wordt bevestigd door de overige symboliek. Deze verwijst op beide onderstaande 15e eeuwse tarotkaarten naar het versmelten van de mannelijke en vrouwelijke energieën; een onderdeel van het kundalini-proces.

Visconti-Sforza Tarot

Ercole I d’Este Tarot

Het Magnum Opus (kundalini-ontwaken) van de alchemist: het mannelijke en vrouwelijke zijn versmolten. Boven de hoofden van de Rebis is een achtpuntige ster afgebeeld. (Compendium alchymist, J. M. Faust, 1706)

De kleding van de vrouw op de Visconti-Sforza kaart is een combinatie van de kleuren blauw en rood. Dit zijn de klassieke kleuren voor respectievelijk het vrouwelijke en het mannelijke. Ter bevestiging van deze interpretatie maakt zij met haar rechterhand het teken van het heilige huwelijk (twee vingers tegen elkaar, 2=1). Dit handgebaar is precies op de plek geplaatst waar de kleuren rood en blauw bij elkaar komen (rechts).

De rode mantel van de vrouw is bedekt met een patroon van achtpuntige sterren. Rood is een kleur die ook naar de kundalini-energie kan verwijzen: het is de kleur van vuur en tevens van het eerste chakra, de verblijfplaats van de kundalini. De vrouw staat tussen twee bergen. Deze symboliseren de polaire energiebanen ida nadi en pingala nadi, die links en rechts van de wervelkolom stromen.

De man en de vrouw op de kaart van het Ercole I d’Este deck (boven) dragen ook kleding in de kleuren rood en blauw. Met hun armen om elkaar heen wijzen ze naar de achtpuntige ster: een overduidelijke verwijzing naar het samengaan van de mannelijke en vrouwelijke energieën.

Links: tijdens een kundalini-ontwaken versmelten de polaire energiebanen ida-nadi (blauw) en pingala-nadi (rood), ter hoogte van het voorhoofd (zesde chakra).

De Tarot van Marseille

De vrouw op de Tarot van Marseille kaarten staat niet alleen tussen twee heuvels, maar ook tussen twee bomen. De betekenis is hetzelfde: de vrouw personifieert de kundalini-energie, de twee bomen staan, net zoals de heuvels, voor de ida nadi en pingala nadi. De naaktheid van de vrouw is voor ons een bevestiging van haar goddelijkheid.

Het samengaan van de mannelijke en vrouwelijke energieën wordt op de Tarot van Marseille Ster gesymboliseerd door de twee vazen waaruit water (energie) stroomt. Eén vaas stroomt uit op het land, de ander in de plas met water, ten teken dat het hier gaat om de energie van de polariteiten.

Zowel de bomen als de heuvels en de vazen staan dus voor de polaire energieën. De vrouw en de achtpuntige ster staan beide voor de goddelijke kundalini-energie. Dit kunnen we ook afleiden uit de navel van de vrouw. Op de kaart van Jean Noblet is dit een zespuntige ster (hexagram) en op de kaart van Jean Dodal een cirkel met erin een driehoek met de punt omhoog: het teken voor vuur.

Tarot van Marseille,
versie Jean Noblet (1659)

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1715)

Een andere klassieke metafoor voor de ontwaakte kundalini is een boom. Op de kaart van Jean Dodal zien we een vogel op één van de bomen. Dit is een verwijzing naar een voltooid kundalini-proces.

De zeven kleinere sterren (hexagrammen) op de kaart staan voor de zeven chakra’s, die gezuiverd en geactiveerd worden (gaan ‘stralen’) door de kundalini-energie. Alle elementen op deze kaart vinden we ook terug in de symboliek die gebruikt wordt in de alchemie om een kundalini-ontwaken te verbeelden, zie de drie voorbeelden hieronder.

Uit: Compendium alchymist,
J. M. Faust, 1706.

The Rosarium Philosophorum, 18e eeuw. Vanuit de (kundalini-)boom stijgt de ziel op naar God.

Houtsnede uit Ritter-Krieg,
Johann Sternhals, 1580.

Het thema van een god met twee uitstromende vazen water, om de versmelting van de polaire energieën uit te drukken, vinden we ook terug in het Oude Egypte. Op de afbeelding hiernaast zien we de androgyne god Hapi op identieke wijze afgebeeld.

De betekenis die Egyptologen aan dit beeld geven is dat de twee vazen met water staan voor de Witte en de Blauwe Nijl, die samenstromen en de voor de Egyptenaren de zeer belangrijke rivier de Nijl vormen (zie landkaart hiernaast). De god Hapi is een personificatie van de Nijl.

Grote rivieren worden in spirituele tradities vaak gebruikt als metafoor voor kundalini-energie; bijvoorbeeld de Ganges in het hindoeïsme, de Jordaan in het jodendom, en in het Oude Egypte was dit de Nijl.

De slang om Hapi heen mogen we zien als een bevestiging dat dit reliëf op een dieper niveau ook een verbeelding is van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken, vergelijkbaar met de betekenis van tarotkaart De Ster.

Jacques Vieville Tarot, circa 1650.

De Tarot van Paris, 17e eeuw.

Sommige Tarot van Marseille decks hebben gekozen voor totaal andere beelden om hetzelfde tot uitdrukking te brengen. Op de kaarten van Jacques Vieville en de Tarot van Parijs (rechts) zien we een man met een passer in zijn hand. De passer is een symbool uit de Vrijmetselarij en verwijst naar de versmelting van de polariteiten. Dezelfde betekenis dus als de twee vazen op de andere Tarot van Marseille decks.

De man op de kaart van Jacques Viéville wijst met de passer naar de toren, rechts op de kaart. Deze toren is een metafoor voor de wervelkolom met erin stromend de ontwaakte kundalini (zie ook tarotkaart De Toren). In plaats van een uurwerk zien we een (kundalini-)ster boven in de toren. We mogen dit zien als een bevestiging van onze interpretatie.

De zandloper, die de man in zijn andere hand houdt, is ook een symbool voor de kundalini-energie
(zie tarotkaart De Kluizenaar).

De man op de Tarot van Parijs kaart wijst met de passer naar zijn hoofddeksel, dat de vorm heeft van een piramide. Een piramide is een vierkante basis (symbool voor het aardse), met verticale lijnen die naar één punt, de top (symbool voor het goddelijke), toelopen. Deze symbolische betekenis van de piramide is vergelijkbaar met die van de passer: de aardse dualiteit die versmelt tot een goddelijke eenheid.

De passer op dit alchemistische embleem met het ‘Magnum Opus’ staat voor het versmelten van het mannelijke en vrouwelijke. Uit: Theoria Philosophiae Hermeticae, Heinrich Nollius, 1617.

Het versmelten van het mannelijke en vrouwelijke (het heilige huwelijk) wordt op deze gravure gesymboliseerd door zowel de handgebaren (2=1) van de goden Mercurius en Minerva, als de passer. De caduceus (de staf) van Mercurius is het klassieke symbool voor een kundalini-ontwaken. (Crispijn van de Passe (I), circa 1611, Rijksmuseum)

Socrates houdt met één hand een passer omhoog en met de andere hand tekent hij een Rebis. Beide staan voor het versmelten van het mannelijke en vrouwelijke. Uit: Symbolicarum Quaestionum, Achilles Bocchius, 1555.

De Oswald Wirth Tarot

De vrouw op de kaart van Oswald Wirth heeft gouden haren met een lengte tot over haar bekken. Ook dit is klassieke metafoor voor de kundalini-energie, die stroomt vanaf het bekken tot de kruin.

In plaats van een boom met een vogel als transformatiesymbool heeft Wirth gekozen voor een bloem met een vlinder. De bloem heeft vijf blaadjes en is waarschijnlijk een verwijzing naar de ‘Roos van Venus’. Tijdens een cyclus van acht jaar maakt Venus een baan om de aarde die het patroon heeft van een vijfbladige bloem (zie illustratie). Dit patroon wordt de Roos (of Pentagram) van Venus genoemd. De vijfbladige roos wordt al sinds oudsher gebruikt als een symbool voor het goddelijke. De vlinder op de bloem is een klassiek symbool voor transformatie.

Oswald Wirth Tarot (1889)

De ‘Roos van Venus’

Château des Avenières (1917)

Houten paneel, British Museum.

De mozaïek van Château des Avenières (helemaal links) is afgeleid van de Oswald Wirth tarot. Op de boom naast de godin zit een Egyptische Ba-vogel. In het Oude Egypte stond de Ba-vogel voor de essentie/de ziel van de mens; voor datgene dat voortleefde na de dood van het lichaam.

Op het houten paneel hiernaast zien we een godin die vanuit een (kundalini-) boom met een schenkkan voeding (energie) geeft aan een vrouw en haar Ba (de vogel).

De twee vazen op de mozaïek hebben verschillende kleuren: goud en zilver. Dit zijn kleuren die geassocieerd worden met de zon en de maan, en verwijzen naar de polariteit/dualiteit.

De Rider-Waite-Smith Tarot

De kaart van RWS is dit keer opvallend gelijk aan de Tarot van Marseille en de Oswald Wirth Tarot. Kunstenares Pamela Colman Smith heeft de godin nog wat explicieter in het midden geplaatst van de twee vazen met uitstromend water, waardoor nog duidelijker het beeld verschijnt van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken: de kundalini-energie bevindt zich tussen de polaire energiebanen ida nadi en pingala nadi in.

Ook heeft op deze kaart de godin één been op het water en één been op het land: een versterking van de symboliek van de twee vazen. De godin vertegenwoordigt de eenheid van het goddelijke.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

Ook in de christelijke kunst is de achtpuntige ster gebruikt om verhuld ‘ketterse’ spirituele kennis te communiceren. We zien hier de heilige Dominicus met een achtpuntige ster boven zijn hoofd. Met zijn linkerhand maakt hij het (geheime) teken van het heilige huwelijk (2=1) en met zijn andere hand wijst hij naar zijn hoofd, de plek waar dit heilige huwelijk plaatsvindt. (Fra Angelico, circa 1440)

Wonder Woman met een achtpuntige ster op het voorhoofd

Conclusie

De achtpuntige ster op deze tarotkaart is al sinds de verre oudheid een symbool voor de kundalini-energie. De vrouw op de kaart is een personificatie van deze goddelijke energie in het bekken van de mens. Zij is een godin met vele namen en gezichten, waaronder Ishtar, Inanna, Sophia, Isis, Hera en Shakti (lees mijn artikel over de godenwereld).

In de Bijbel belooft Jezus ons de Morgenster – zoals de achtpuntige ster ook wordt genoemd – als wij ons ego en onze dierlijke instincten overwinnen.

En wie overwint en wie Mijn werken tot het einde toe in acht neemt … Ik zal hem de morgenster geven.
(Openbaring 2:26,28)

Animal Totem Tarot (Eugene Smith, Leeza Robertson, 2016)

Een oester met parel en een vuurtoren zijn treffende symbolen voor de kundalini-energie.

The Tarot of the Golden Serpent (Sebastian Haines, 2009)

De roos, de graal en de feniks zijn prachtige aanvullingen op de overige kundalini-symboliek van deze kaart.

D’Morte-Disney Tarot

Sneeuwwitje is een personificatie van de kundalini-energie. Zie mijn artikel over de diepere betekenis van dit sprookje.

The Buddha Tarot (Robert M. Place, 2004)

De Boeddha bereikte verlichting (nirwana) na een kundalini-ontwaken. Lees meer hierover op deze pagina.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright augustus 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2020-10-28T15:46:18+00:00augustus 13th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 17. De Ster

Tarot 16. De Toren

16. De Toren

In de 16e eeuw, in Frankrijk, heette tarotkaart De Toren nog ‘Het Huis van God’ (La Maison Dieu); een naam waarbij je eerder een tempel, of een kerk, verwacht dan een toren. Wat is het verband tussen de toren op deze kaart en God, en wat is de reden dat hij wordt vernietigd? Lees het in dit artikel!

De Toren in de 15e eeuw

Uit de allereerste eeuw dat er tarotkaarten in omloop kwamen is slechts één handgeschilderd exemplaar van de Toren (uit het Charles VI deck) behouden gebleven, en een paar exemplaren op ongesneden vellen uit de vroege drukkunst, die ongekleurd zijn gebleven. Tezamen laten deze kaarten alle elementen zien die heden ten dage nog steeds de basis vormen voor kaart nummer 16: we zien een toren die instort, schijnbaar door inwerking van het vuur van de zon. Twee personen bevinden zich in een vrije val richting de aarde.

Charles VI (Estensi) deck,
tweede helft 15e eeuw.

Rosenwald deck,
circa 1500

Budapest-​Metropolitan deck,
circa 1500

Rothshild deck,
circa 1500

Dat het vernietigende vuur van de zon komt, en niet uit donderwolken, mag voor ons al een indicatie zijn dat deze kaart een bijzondere boodschap heeft. De zon is een universeel symbool voor God/het goddelijke. Een toren die vernietigd wordt door God, doet al gauw denken aan de Toren van Babel uit de Bijbel, een verhaal dat zich op het symbolische niveau afspeelt in de mens.

De Toren van Babel

Veel Bijbelverhalen zijn niet bedoeld om letterlijk genomen te worden. Het zijn metaforen voor innerlijke spirituele processen. Zo ook het verhaal over de mens die een toren wilde bouwen tot aan de hemel. De diepere betekenis van Bijbelteksten zit verborgen in subtiele woordkeuzes en zinsconstructies. In mijn boek Kundalini-ontwaken heb ik vijf pagina’s gewijd aan een analyse van de Toren van Babel en een onderbouwing van mijn stellingen. Ik vat hier de grote lijnen samen.

De Toren van Babel gaat over de mens die eigenhandig aan de slag gaat om het kundalini-vuur in zichzelf op te wekken en via de wervelkolom (de toren) naar het zevende chakra (de hemel) te brengen. Met andere woorden: de mens wil zich, onder invloed van het ego, verheffen tot het goddelijke.

Deze schromelijke zelfoverschatting heeft echter het tegengestelde effect. In plaats van op te stijgen door de wervelkolom daalt het goddelijke (de kundalini) juist neer. Tot twee keer toe staat dit letterlijk in de tekst: als reactie op de vermetele daad van de mens komt God naar beneden (Genesis 11:1-9).

Vervolgens verspreidt God de mensen over de aarde en geeft hen verschillende talen zodat ze elkaar niet meer verstaan:… want daar verwarde de HEERE de taal van heel de aarde, en vandaar verspreidde de HEERE hen over heel de aarde (Genesis 11:9).

Gravure van de Toren van Babel, door Jan Collaert I (16e eeuw). Omcirkeld zijn verborgen verwijzingen naar een kundalini-proces: de handen maken het teken van het heilige huwelijk (2=1), en vóór de toren staat een man die een doek omhoog houdt vanaf zijn bekken tot boven zijn hoofd.

Dit is een metafoor voor een innerlijke versnippering van de mens. De energie die eerst nog door de wervelkolom stroomde en zorgde voor een eenheidservaring, daalt neer in het bekken en verdeelt zich over de twee energiebanen ida-nadi en pingala-nadi. Als gevolg hiervan ervaart de mens niet meer God, maar de uitersten van de dualiteit: goed en kwaad, man en vrouw, enzovoorts. De verspreiding van de mens over de aarde mogen we lezen als een innerlijke opdeling in verschillende ego-aspecten. De mens moet – innerlijk verdeeld – zijn weg gaan vinden in de dualiteit.

Kundalini symbolen

Er zijn vele symbolen en metaforen voor de wervelkolom met erin stromend de ontwaakte kundalini-energie. Klassieke voorbeelden zijn: een slang, een boom, een pilaar, een ladder en een toren.

De kaart van het 15e eeuwse Budapest-​Metropolitan deck (boven) bevat een subtiele aanwijzing dat de Toren staat voor de kundalini-energie. De twee kleine bomen aan weerszijde van de toren staan voor de twee energiebanen die de mens verbonden houden met de dualiteit: de ida- en pingala-nadi.

Rechts: de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken

Onder: twee schorten uit esoterisch genootschap de Vrijmetselarij, met een weergave van het kundalini-proces in symbolen, waaronder bomen, pilaren en een toren.

De Alchemie

Ook in de spirituele traditie van de alchemie vinden we de toren terug als metafoor voor de wervelkolom met de ontwaakte kundalini. Hieronder drie voorbeelden.

Links en boven: Buch der heiligen Dreifaltigkeit, Ms Vossianus Chym, 1522.

Rechts: deze twee alchemistische ovens staan voor het energetische (links) en fysieke (rechts) aspect van een ontwaakte wervelkolom. Annibal Barlet, Le Vray et Methodique Cours, 1651.

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1715)

De Tarot van Marseille

De interne versnippering van de mens, die ontstaat als God (de kundalini) zich terug trekt, wordt op de Tarot van Marseille-kaarten uitgedrukt door de bolletjes naast de toren. Uit hun ronde vorm mogen we afleiden dat dit geen brokstukken zijn van de toren. Ook de verschillende kleuren duiden op iets anders dan stukken steen. De drie torenraampjes staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij de een kundalini-ontwaken. De bovenkant van de toren lijkt op een kroon. Dit is een verwijzing naar de grootheidswaanzin van het ego, dat zich koning waant van het universum en kroon op de schepping.

De kaart heeft nu ook een titel: Het Huis van God. Dat hiermee de wervelkolom wordt bedoeld met erin stromend de goddelijke kundalini-energie, kunnen we ook terugvinden in de Bijbel. In het boek Genesis heeft aartsvader Jakob in zijn slaap een visioen van engelen die langs een ladder omhoog en omlaag klimmen (een metafoor van de kundalini die door zijn wervelkolom stroomt), met bovenaan God die tot hem spreekt. Als Jakob wakker wordt zegt hij:

“Hoe ontzagwekkend is deze plaats! Dit is niets anders dan het huis van God en de poort van de hemel.” Daarna stond Jakob ‘s morgens vroeg op. Hij nam de steen waar hij zijn hoofdkussen van gemaakt had, zette die overeind als een gedenkteken en goot er olie op. Hij gaf die plaats de naam Bethel. (Genesis 28:17-19)

Ook van dit verhaal staat een analyse in mijn boek Kundalini-ontwaken. Het Hebreeuwse Bethel betekent ‘huis van God’. Jakob zet de steen waarop hij heeft geslapen overeind en giet er olie overheen. De opgerichte steen verwijst naar de ontwaakte wervelkolom van Jacob. De ‘zalving’ met olie symboliseert de transformatie van zijn hersenvocht tot amrita (drank der onsterfelijkheid).

De Ladder van Jakob (Wenceslas Hollar, 17e eeuw)

Jakob zet een steen rechtop en giet er olie overheen.

Sommige tarot decks uit deze periode, zoals de Belgische Vandenborre Bacchus Tarot (hiernaast), hebben gekozen voor een boom waar de bliksem in slaat, in plaats van een toren. De kaart heet dan De Bliksem (La Foudre). Ook een boom is een klassieke metafoor voor de ontwaakte kundalini. De diepere betekenis van de kaart blijft hetzelfde.

In Italië verschijnen de eerste kaarten die La Torre (De Toren) heten. Dit zal de definitieve titel blijven van tarotkaart nummer 16. Zie rechts de Ligurien-Piemont Tarot uit 1840.

Vandenborre Bacchus Tarot
(België, 1780)

Ligurien-Piemont Tarot
(Italië, 1840)

De Oswald Wirth Tarot

De Zwitser Oswald Wirth heeft zijn kaart Le Feu du Ciel (Het Vuur uit/van de Hemel) genoemd, een titel die zowel naar bliksem zou kunnen verwijzen als naar de kundalini-energie. Eén van de vallende figuren heeft een kroon op zijn hoofd, een verwijzing naar een ‘onttroning’ van het ego.

De figuren op de mozaïek van Château des Avenières (helemaal rechts), die gebaseerd is op de Toren van Wirth, zijn gekleed in de kleuren rood en blauw. Dit zijn de klassieke kleuren voor het mannelijke en het vrouwelijke. Ze staan op deze kaart voor het uiteen vallen van de innerlijke eenheid in tegenstellingen/dualiteit. Ook de gestreepte sjerp om het middel van de voorste man, met de twee fladderende uiteinden, verwijst hier naar.

De toren staat op een aardbol, waardoor het beeld ontstaat van een ‘val’ van de mens (terug) in de materie.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Château des Avenières (1917)

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De Rider-Waite-Smith Tarot

Ook de twee figuren op de RWS-kaart zijn gekleed in een combinatie van het mannelijke rood en het vrouwelijke blauw. Een nieuw element is dat het niet twee mannen zijn die vallen, zoals op alle voorgaande kaarten, maar een man en een vrouw. We mogen dit zien als een bevestiging van onze interpretatie van de kleuren rood en blauw.

In de lucht zweven 22 Yod’s. De Yod is de Hebreeuwse Y. Dit op een vuurvlam lijkende letterteken is de kleinste letter van het Hebreeuwse alfabet. Alle andere letters hebben een Yod in zich. Het is de eerste letter van YHWH (God). De Yod staat in het mystieke jodendom voor de alomtegenwoordigheid van God. In het oude Hebreeuws werd de Yod geschreven als een onderarm met hand. Er geen zon te zien op de RWS-kaart; in plaats hiervan verwijst de Yod naar ‘de Hand van God’.

Modern Hebreeuws

Oud Hebreeuws

Het Hebreeuwse alfabet bestaat uit 22 letters. Dat het precies 22 Yod’s zijn op deze kaart is een verwijzing naar het uiteenvallen van de innerlijke eenheid van de mens in egofragmenten.

Conclusie

De grote arcana van de tarot bestaat uit miniaturen die aspecten belichten van een kundalini-ontwaken. De kaart De Toren is een waarschuwing gericht aan de mens die denkt het goddelijke op eigen kracht te kunnen bemachtigen. God laat zich niet ongestraft voor het karretje van het ego spannen. Hoogmoed komt voor de val (Bijbelboek Spreuken 16:18).

Aan deze kaart ten grondslag ligt het Bijbelverhaal over de Toren van Babel, waarin de toren een metafoor is voor de wervelkolom met erin stromend de ontwaakte kundalini-energie. Dit verhaal leert ons waarom de kennis over de kundalini-energie zo angstvallig is bewaakt in al die eeuwen en alleen verborgen in heilige teksten is terug te vinden. In verkeerde handen kan het ertoe leiden dat mensen onvoldoende voorbereid en met de verkeerde motieven zich een toegang gaan forceren tot deze heilige bron. Ook Jezus merkt dit op in het evangelie van Mattheüs (11:12):

En van de dagen van Johannes de Doper af tot nu toe wordt het Koninkrijk der hemelen geweld aangedaan, en geweldenaars grijpen het.

Deze weg kan alleen worden gegaan met een hart dat gezuiverd is van de verlangens naar grandeur van het ego. Alleen voor een mens die bereid is te sterven aan zichzelf gaat de deur naar God open.

Lees ook mijn artikel: Kundalini en de Toren van Babel.

Op de voorgrond zien we een pilaar (ontwaakte wervelkolom), met een slak op weg naar boven, en een zegekrans. De pilaar rust op vier leeuwen (symbool voor de dierlijke krachten in de mens). Op de achtergrond zien we de Toren van Babel. Al deze symboliek verwijst (verhuld) naar het proces van kundalini-ontwaken. Voor de weg naar God is geduld en uithoudingsvermogen nodig. (Jacob Bruck, Emblemata moralia et bellica, 1615)

P.s.

Maria Magdalena heeft een belangrijke rol gespeeld in het leven van Jezus. Haar wervelkolom was, net als die van Jezus, ontwaakt. We kunnen dit, onder meer, afleiden uit haar geuzennaam Magdalena, die ‘Toren van God’ (Migdal-El) betekent. Meer hierover in mijn boek over Maria Magdalena!

Chrysalis Tarot (Holly Sierra, Toney Brooks, 2014)

De hindoe-godin Kali personifieert de zuiverende werking van de kundalini-energie. Zij is verantwoordelijk voor de ‘dood’ van het ego.

De Egipcios Kier Tarot (Margarita Arnal Moscardo, 1988)

In het Oude Egypte stonden de obelisk, en de drie attributen van de farao onder op de kaart (kromstaf, vlegel en was-scepter), voor de wervelkolom met erin stromend de kundalini-energie. Zie mijn boek Kundalini-ontwaken.

Le Tarot des Alchimistes (Jean Beauchard, 2006)

Zichtbaar in de kolf is het voltooide Magnum Opus (kundalini-ontwaken) van de alchemist in symbolen. Daarnaast Icarus in een vrije val. De Griekse mythe over Icarus en Daedalus gaat over de desastreuze gevolgen van hoogmoed.

The Arthurian Tarot (Caitlin and John Matthews, 1990)

Ook de uil (Wijsheid, Sophia) is een klassiek symbool voor de kundalini.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright juli 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2020-10-19T15:56:47+00:00juni 16th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 16. De Toren

Tarot 15. De Duivel

15. De Duivel

De duivel is een interessant archetype dat ons kan helpen bij zelfinzicht en spirituele groei. Het demonische wezen dat ons aanstaart vanaf tarotkaart nummer 15 is een verbeelding van onze eigen dierlijke driften; een aspect dat onlosmakelijk verbonden is met ons lichaam. Ontkenning van je innerlijke duivel zorgt ervoor dat deze krachten in het onderbewuste een eigen leven gaan leiden en ons aanzetten tot gedrag dat we eigenlijk helemaal niet willen. Onderkenning en inzicht, daarentegen, creëren een bewustzijnsruimte waarin keuzemogelijkheden ontstaan.

De Duivel in de 15e eeuw

Er zijn helaas geen 15e eeuwse handgeschilderde tarotkaarten van de Duivel behouden gebleven. Wel kunnen we in musea een aantal exemplaren vinden uit de vroege drukkunst die nooit zijn af gemaakt. Uit deze kaarten kunnen we afleiden dat de duivel in de tarot werd afgebeeld volgens de gangbare kenmerken in die tijd: een angstwekkend wezen met bokkenhoorns, vogelpoten, veel haar en een grote vork (zie ook het schilderij van Hans Memling uit 1485, rechtsonder).

Rosenwald deck

Rothschild-Beaux-Arts deck

Budapest-​Metropolitan deck

De Hel (detail),
Hans Memling, 1485.

In ons woedt continu een strijd tussen de impulsen van onze dierlijke, lagere natuur en onze hogere, goddelijke natuur. Dierlijke neigingen zijn bijvoorbeeld agressie, hebberigheid, jaloezie, lust en egoïsme. Eigenschappen die voortkomen uit onze hogere natuur zijn liefde, vergevingsgezindheid, compassie en altruïsme. De Duivel staat niet alleen voor het beest in de mens, maar ook voor eenzijdig gericht zijn op het aardse (materialisme). En op een nog dieper niveau staat de Duivel tevens voor de (aardse) dualiteit.

Energetisch staat de Duivel voor de twee energiebanen die langs de wervelkolom stromen en die ons de dualiteit laten ervaren. De yoga-traditie noemt deze energiebanen de ida- en pingala-nadi. Het goddelijke kenmerkt zich door eenheid. Bij de mens die het goddelijke heeft gerealiseerd stroomt de energie door één kanaal: de sushumna-nadi, die door de wervelkolom loopt.

Op de kaart van het Budapest-​Metropolitan deck (hierboven) – de enige 15e eeuwse kaart met duidelijke esoterische symboliek – staat de Duivel tussen twee kleine bomen. Deze bomen staan voor de ida- en pingala-nadi. Dit beeld moet ons vertellen dat de Duivel geworteld is in de dualiteit.

Oosterse afbeelding van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een spiritueel ontwaken.

19e eeuwse afbeelding van een yogi

Rechts: de Oude Grieken gebruikten de prachtige metafoor van een dubbele fluit om het stromen van de levensenergie door de ida- en pingala-nadi tot tot uitdrukking te brengen. Hiernaast twee voorbeelden van een satyr – die, net als de duivel, voor ook voor het beest in de mens staat – met een dergelijke dubbele fluit. (Aardewerk uit  circa 530 v. Chr.)

Vaak wordt de duivel afgebeeld met een gezicht op zijn buik. We zien dit o.a. terug op de kaart van het Rothschild-Beaux-Arts deck (boven). Dit staat voor gericht zijn op de verlangens van de (onder-)buik. Voor een leven dat in het teken staat van zintuiglijk plezier en seksuele bevrediging.

De Tarot van Marseille

De Duivel van de Tarot van Marseille heeft een aantal elementen die verwijzen naar de dualiteit. Ten eerste heeft hij zowel mannelijke (geslachtsdeel) als vrouwelijke (borsten) kenmerken. Let wel, dit is iets anders dan androgyny, dat juist een kenmerk is van de mens die het goddelijke heeft gerealiseerd. Dan zijn het innerlijk mannelijke en vrouwelijke versmolten tot een eenheid. In de Duivel zijn het mannelijke en het vrouwelijke separaat aanwezig, zoals overigens in ieder (onverlicht) mens.

Tarot van Marseille,
versie Jean Noblet (1659)

Tarot van Marseille,
versie Payen-Webb (18e eeuw)

Ook de staf van de Duivel verwijst naar de dualiteit. Op de kaart van Jean Noblet is het een tweetand en op de kaart van Payen-Webb branden er twee vlammen op de staf. De twee hoorns van de Duivel zijn niet alleen een verwijzing naar het dierlijke, maar ook naar de dualiteit. Jean Noblet gebruikt om de polariteiten/dualiteit uit te drukken tevens de combinatie van de kleuren rood (het mannelijke) en blauw (het vrouwelijke).

De vleermuisvleugels van de Marseille Duivel symboliseren spirituele onbewustheid: een vleermuis leeft ’s nacht, in het (spirituele) duister. Op de kaart van Jean Noblet staan op de linkervleugel twee, en op de rechtervleugel drie punten. Dit is waarschijnlijk opnieuw een verwijzing naar de dualiteit. In de leer van Pythagoras over de tegenstellingen stonden de even getallen voor het vrouwelijke en de oneven getallen voor het mannelijke.

De twee op de Duivel lijkende wezens die vastgebonden zijn aan zijn voetstuk, staan voor de mens die ‘gevangen’ zit in de materie en zich laat leiden door zijn lagere natuur.

Een belangrijk thema, zo blijkt uit meerdere tarotkaarten, is het omgaan met de seksuele driften. Lust is een oerkracht die de mens gevangen kan houden in de wereld van het dierlijke, en hiermee weghoudt van het goddelijke.

De kaart hiernaast uit het Zwitsere 1JJ tarot deck (19e eeuw) snijdt dit thema aan met heldere symboliek. De staart van de Duivel is zo gebogen dat het associaties oproept met een fallus. Het uiteinde van de staart raakt de tweetand, die staat voor de twee energiebanen die ons de dualiteit laten ervaren.

De dualiteit en het dierlijke zijn onderdeel van Gods schepping en in dit opzicht niet per definitie ‘slecht’. Willen we echter de eenheid van het goddelijke ervaren dan moeten we het aardse loslaten. De Tarot van Marseille kaart versie Payen-Webb (boven) maakt dit extra duidelijk door de kaart L’Antechrist (de antichrist) te noemen in plaats van Le Diable: de Duivel vertegenwoordigt in onze duale wereld de tegenpool van het goddelijke (Christus).

1JJ deck uit Zwitserland (Johann Georg Rauch, circa 1830)

De Oswald Wirth Tarot

De uitvoering van Oswald Wirth’s Duivel is sterk beïnvloed door de Baphomet figuur van de occultist Eliphas Levi en dit schept verwarring. Baphomet wordt door historici gezien als een afgod, waarvan de exacte oorsprong en betekenis niet bekend is. De Tempeliers – een christelijke ridderorde uit de 12e en 13e eeuw – zouden hem aanbeden hebben in plaats van Christus en mede hierom op de brandstapel zijn beland.

Eliphas Levi kwam tot de conclusie dat Baphomet staat voor het gnostische principe van volmaakt evenwicht tussen de tegenstellingen, en hij creëerde een beeld dat hierbij paste (zie hiernaast). In zijn Baphomet zijn o.a. alchemistische principes (‘solve et coagula’), de vier elementen en de caduceus van de god Hermes verwerkt.

Levi’s Baphomet vertegenwoordigt hiermee positieve, nastrevens- waardige, spirituele principes. De vlam op het geitenhoofd staat bijvoorbeeld voor het menselijke intellect dat heerst over het dierlijke. Elementen van Baphomet gebruiken voor de Duivel, zoals Oswald Wirth heeft gedaan, kan iemand hierdoor op het verkeerde been zetten over de betekenis van de kaart.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Baphomet, door Eliphas Levi (1854-1856).

Château des Avenières (1917)

De ontwerper van de mozaïeken van Château des Avenières (links) heeft voor zijn Duivel zelfs Levi’s Baphomet in zijn geheel genomen. De man en vrouw die vastzitten in/aan het aardse (de grote cirkel), zouden zichzelf gemakkelijk kunnen bevrijden als ze dit zouden willen. De mozaïek stelt hun gevangenschap dus als een keuze.

De Rider-Waite-Smith Tarot

Kunstenares Pamela Colman-Smith heeft – waarschijnlijk als reactie op Oswald Wirth’s verwarrende Duivel – de kaart weer ondubbelzinnig laten verwijzen naar de tegenpool van het goddelijke. Haar Duivel is corpulent (onmatigheid) en sinister. Zijn hoorns zijn gekromd richting de aarde. De omgekeerde brandende toorts in zijn handen verwijst naar het kundalini-vuur, dat naar beneden stroomt in plaats van omhoog. Dit is ook de betekenis van de twee staarten van de naakte man en vrouw. De druiventros (wijn) en het vuur verwijzen beide naar de goddelijke kundalini die de lagere, in plaats van de hogere, chakra’s voedt.

Het pentagram, dat bij Levi’s Baphomet en de mozaïek van Château des Avenières met de punt omhoog is afgebeeld, is op de RWS-kaart met de punt naar beneden gedraaid. In occulte kringen staat het pentagram met de punt omhoog voor de gerealiseerde mens. De vijfde punt van de ster staat voor de Geest, die heerst over de andere vier punten, die staan voor de vier elementen (het aardse). Omgekeerd, met de punt naar beneden, regeert het aardse (het dierlijke) over de Geest (het goddelijke).

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

In de bovenste hand van de Duivel staat het teken voor Jupiter, de planeet die, van de zeven planeten uit de klassieke astronomie, het verst is verwijderd van de zon, en die (daarmee) in de alchemie symbool staat voor het eerste/onderste chakra. Het handgebaar zelf verwijst naar de dualiteit (‘in tweeën gesplitste eenheid’).

De naakte man en vrouw roepen associaties op met Adam en Eva, zeker als je de RWS-kaart De Geliefden ernaast legt. Arthur E. Waite en Pamela Colman-Smith verkeerden in esoterische kringen, die wisten dat het Bijbelverhaal van Adam en Eva op het symbolische niveau gaat over de mens die kiest voor het laten afvloeien van de kundalini-energie (de slang) via de onderste chakra’s (lees: seksuele activiteit) en hierdoor verdreven wordt uit het paradijs (de verbinding met het goddelijke verliest). Voor een uitgebreidere analyse van dit Genesis-verhaal zie mijn boek Kundalini-ontwaken. Ook in talloze schilderijen is deze geheime kennis verwerkt, zie drie voorbeelden hieronder.

De hand van Adam ligt om de borst van Eva: de verboden vrucht is seksualiteit (Hans Baldung Grien, 1511)

God vertelt Adam en Eva dat zij niet van de verboden vruchten mogen eten. Waar deze verboden vruchten voor staan wordt gesymboliseerd door het bosje groen, in de vorm van een fallus, in de linkerhand van Adam. (Grabower Altaarpaneel, Bertram van Minden, 1375-1383)

De twijg in de hand van Adam verwijst naar een fallus: de verboden vrucht is seksualiteit. (lucas van leyden, 1529, Rijksmuseum)

Conclusie

In het krachtenveld van de polariteiten staat de duivel tegenover het goddelijke. Waar het goddelijke staat voor eenheid, vertegenwoordigt de duivel de dualiteit (de fysieke schepping bestaat uit tegenstellingen). In de mens staat de duivel voor onze dierlijke, lagere natuur, die de tegenpool is van onze hogere, goddelijke natuur.

In de tarot is de Duivel de tegenhanger van de Keizer, de Hierofant, en de Zegewagen. De mannen op deze drie kaarten hebben het aardse en het dierlijke – de duivel dus – overwonnen.

Rechts: de ruiter van de Zegewagen (tarotkaart nr. 7) heeft zijn lagere natuur (de duivel) overwonnen en het hogere (JHWH in Hebreeuwse letters) gerealiseerd. De figuur onder in beeld is de Dwaas (tarotkaart nr. 0) die niet in God gelooft. Illustratie van Oswald Wirth uit La Clef de la Magie Noir (Stanislas De Guaita, 1897).

Aanbevolen: Paul Solomon over onze lagere en hogere natuur
(uit: “The Wisdom of Solomon“)

Golden Botticelli Tarot (Atanas Alexandrov Atanassov, 2007)

De drietand staat voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een spiritueel ontwaken. De omgekeerde drietand op deze kaart symboliseert dat de energie naar beneden stroomt, naar de aarde, in plaats van omhoog, naar de hogere chakra’s.

The Buddha Tarot (Robert M. Place, 2004)

In het boeddhisme is Mara de demon die probeerde te verhinderen dat de Boeddha de staat van verlichting bereikte.

Ramses – Tarot of Eternity (Severino Baraldi, 2003)

De god Set stond in het Oude Egypte voor de lagere natuur/het dierlijke.

Tarot of Atlantis (Bepi Vigna, Massimo Rotundo, 2004)

De Hydra uit de Griekse mythologie is het draakachtige monster dat de halfgod Hercules moest verslaan. Steeds als hij één kop van het beest afhakte groeiden er weer twee nieuwe aan. De Hydra staat voor onze hardnekkige (dierlijke) verlangens, die zich maar moeilijk laten overwinnen.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright juni 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2020-10-19T14:14:49+00:00juni 13th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 15. De Duivel

Tarot 14. Gematigdheid

14. Gematigdheid

Gematigdheid is een van de vier zogenaamde ‘kardinale deugden‘. We hebben gezien dat twee andere kardinale deugden, 8. Gerechtigheid en 11. Kracht, in de tarot staan voor aspecten van een kundalini-ontwaken. Geldt dit ook voor Gematigdheid? Zit er een verborgen, esoterische betekenis achter de twee vazen waarmee de vrouw water bij de wijn doet?

Traditioneel  staat de deugd gematigdheid voor zelfbeheersing en balans, met name ten opzichte van de lichamelijke geneugten, zoals eten, drinken en seks. Allegorisch (als symbolische voorstelling) wordt deze deugd meestal verbeeld door een vrouw die vloeistof van één kruik in een andere giet. Andere attributen komen ook voor, bijvoorbeeld een bit (het ‘beteugelen’ van de dierlijke driften), een klok en meetinstrumenten (het ‘reguleren’ van gedrag).

In het geval van een vloeistof, wordt dit meestal geïnterpreteerd als water bij de wijn doen (om dronkenschap te voorkomen). Maar deze uitleg staat niet vast. Koude bij hete vloeistof voegen, om iets in temperatuur te verlagen, is ook denkbaar.

Gematigdheid in de 15e eeuw

In de tarot verwijst de stromende vloeistof naar de kundalini-energie die stroomt van het bekken naar het hoofd. Een eerste aanwijzing dat het bij deze kaart om iets anders gaat dan water bij de wijn doen, is de fysieke onmogelijkheid van het traject dat de vloeistof aflegt. Niet alleen op de 15e eeuwse tarotkaarten, ook in de eeuwen die hierna volgen, trekt de vloeistof zich niets aan van de wetten van de zwaartekracht.

Een schematische weergave van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken.

Visconti-Sforza tarot (15e eeuw)

Ercole d’Este Tarot (15e eeuw)

Een tweede aanwijzing is dat op veel tarotkaarten de vloeistof stroomt vanaf het hoofd van de vrouw naar haar bekken: de (omgekeerde) weg die de kundalini-energie in de mens aflegt. Maar er zijn nog meer details die verwijzen naar een proces van kundalini-ontwaken. De kleurcombinatie rood met blauw van de kleding die de vrouw draagt, op zowel de Visconti-Sforza kaart als de Ercole d’Este kaart, verwijst naar het heilige huwelijk: het versmelten van het mannelijke (rood) en het vrouwelijke (blauw).

Het spiraalpatroon op de kleding van de vrouw op de Ercole d’Este kaart verwijst naar de spiraalbeweging omhoog van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken. Haar gekruiste benen symboliseren de versmelting van de innerlijke dualiteit naar een (goddelijke) eenheid.

Op de kleding van de Visconti-Sforza vrouw zien we een patroon van achtpuntige sterren. Zoals we zullen zien bij de bespreking van tarotkaart De Ster, is de achtpuntige ster (de ‘Venus-ster’) een oud en veel gebruikt symbool voor de kundalini-energie.

Met de schenkkan op de Visconti-Sforza kaart is iets merkwaardigs aan de hand. De vloeistof loopt niet uit de tuit, maar boven uit de kan. Deze ongerijmdheid moet de aandacht vestigen op de diepere betekenis van de tuit: deze heeft geen praktische, maar een symbolische waarde. De S-vorm verwijst naar de kundalini-slang.

De twee uiteinden van het koord om de jurk van de vrouw hebben dezelfde S-vorm. Deze staan voor de twee energiebanen die versmelten in het hoofd, tijdens het kundalini-proces. De lus aan het koord verwijst naar de pijnappelklier, midden in het hoofd, die geactiveerd wordt tijdens deze versmelting.

Venus (de planeet) met achtpuntige ster
(De Sphaera Mundi, circa 1450)

Niet alleen in de tarot zijn de allegorieën van de kardinale deugden gebruikt om verboden esoterische kennis te communiceren. Ook daarbuiten zijn legio voorbeelden te vinden van verborgen verwijzingen naar de kundalini-energie. Zie drie voorbeelden hieronder.

De blote rug van de vrouw is een verwijzing naar de wervelkolom/kundalini.
(Hendrick Goltzius, circa 1600, Rijksmuseum)

De uitgestoken middelvinger is een verwijzing naar de wervelkolom/ kundalini (het ‘midden’ van het lichaam). De sjaal van hoofd naar bekken heeft dezelfde symbolische betekenis als de kan met vloeistof: de stromende kundalini-energie. (Jacques de Gheyn, 1593, Museum Boijmans Van Beuningen)

De sjaal van hoofd naar bekken is een verwijzing naar de kundalini-energie.
(Fresco Parz castle, Oostenrijk, 1580)

Ook de alchemie kent de metafoor van een vloeistof, of damp, die zich verplaatst tussen twee kolven/potten, voor het uitbeelden van een kundalini-ontwaken. Zie hieronder.

Boven: het kundalini-vuur zuivert de eerste vijf chakra’s, gesymboliseerd door de vijf bloemen. Uit: Symbola aurea mensae, Michael Maier (1617).

Hieronder hetzelfde in andere beelden.

Rechts: de duif van de Heilige Geest (= de kundalini) reinigt de eerste vijf chakra’s. Uit: Rosarium Philosophorum, 1578.

De kolven met de rode vloeistof, rechts, zijn een metafoor voor de kundalini-energie. De tang die de alchemist vast houdt staat voor de twee energiebanen die versmelten tijdens een kundalini-ontwaken. Uit: Pyrotechnia ofte Vuur-stook-Kunde (1687)

De vijf kolven op elkaar (links) staan voor de eerste vijf chakra’s die worden getrans- formeerd door de kundalini. De gekruiste kolven en gekruiste ‘hoornen des overvloeds’ staan voor de twee energiebanen die versmelten. Idemdito de twee tangen (onder). Uit: Chimischer Wegweiser, 1710.

De Alessandro Sforza Tarot

Dat de kaart Gematigdheid al in de 15e eeuw stond voor méér dan alleen een kardinale deugd, kunnen we ook afleiden uit de versie van de Alessandro Sforza Tarot, die sterk afwijkt van zijn tijdgenoten. Het is een kaart die veel vragen oproept bij tarotkenners en historici. Wat is de betekenis van het hert op deze kaart en waarom zit de vrouw, met de twee vazen, er bovenop?

Het antwoord vinden we – wederom –  in de traditie van de alchemie en de Griekse godenmythes. In beiden symboliseert het hert de kundalini-energie. Waarschijnlijk door de rood-bruine kleur van de vacht (de kleur van vuur) en het gewei van het dier, dat uitgroeit naar de ‘hemel’.

Een van de twaalf ‘werken’ die de Griekse halfgod Herakles (Hercules) moet verrichten in opdracht van koning Eurystheus is het vangen van de Hinde van Keryneia, met de gouden hoorns. Bij het overmeesteren van het dier breekt één van de hoorns af. De diepere betekenis van deze mythe is de opdracht die elke spirituele zoeker heeft om de kundalini te laten ontwaken (de hinde te vangen), en de twee energiebanen die de innerlijke dualiteit vertegenwoordigen (de twee hoorns) te laten versmelten (één hoorn).

De vrouw op de Alessandro Sforza kaart zit met haar wervelkolom tegen de wervelkolom van het hert. Dit mogen we zien als een bevestiging dat het hert verwijst naar een kundalini-ontwaken. De vrouw heeft één been opgetrokken om aan te geven dat de dualiteit is versmolten tot een (goddelijke) eenheid (zie ook het schilderij van Lucas Cranach de Oudere, hieronder). De ketting van rood koraal die zij draagt is tevens een metafoor uit de alchemie staat ook voor de kundalini-energie.

Alessandro Sforza Tarot (15e eeuw)

Het hert en de eenhoorn op dit alchemistische embleem (Book of Lambspring, 16e eeuw) verwijzen beide naar het kundalini-proces. De hoorn van de eenhoorn staat voor de kundalini-energie, die is opgestegen tot het zesde chakra (het voorhoofd). Het gewei van het hert staat voor de twee energiebanen die ter hoogte van het zesde chakra versmelten.

De alchemist vist koraal (de kundalini) uit het water (zijn onbewuste). Uit: Atalanta Fugiens, 1617.

Tijdens het vangen van de Hinde van Keryneia breekt één van de gouden hoorns af. (Een amfora uit circa 540 voor Chr.)

Deze Romeinse mozaïek (ca. 175 na Chr.) gebruikt alternatieve symboliek om te communiceren dat Hercules van twee hoorns één heeft gemaakt (het kundalini-proces).

Apollo en Diana, door Lucas Cranach de Oudere, 1525. De rechterhand van de godin Diana ligt tussen de twee hoorns van het hert. Dit heeft dezelfde betekenis als het gebogen been van Diana en het gebogen voorbeen van het hert: de innerlijke dualiteit wordt omgevormd tot een goddelijke eenheid tijdens een kundalini-ontwaken.

De Tarot van Marseille

De belangrijkste toevoeging aan de kaart in de 17e eeuw zijn de vleugels. Dit nieuwe element onderstreept dat de vrouw staat voor de vrouwelijk pool van het goddelijke. Zij heeft vele namen, waaronder Isis, Hera, Diana, Venus, Iris, en Shakti (de kundalini). Andere elementen op de kaart die verwijzen naar haar goddelijke status zijn het symbool voor de zon op haar hoofd (Tarot van Marseille, versie Jean Dodal) en de vijfbladige bloem, de zogenaamde ‘Roos van Venus’ (Tarot van Marseille, versie Pierre Madenié), ook op haar hoofd. We zien bij deze twee Marseille-kaarten ook weer de kleurcombinatie van blauw met rood in de kleding van de godin: de versmelting van de mannelijke en de vrouwelijk energieën.

Op kaart van Jean Dodal zijn de borsten van de vrouw geaccentueerd. Dit verwijst naar het ‘voedende’ karakter van ‘God de Moeder’. Dit voedende/gevende aspect wordt in de algemene iconografie ook tot uitdrukking gebracht door godinnen af te beelden met een grote hoeveelheid borsten. Soms stroomt daarbij ook nog vloeistof uit de borsten. Zie een voorbeeld uit de alchemie rechtsonder. Dit is enerzijds een verwijzing naar de voedende en transformerende kundalini-energie, maar ook naar de hersenvloeistof van de mens, die onder invloed van een kundalini-ontwaken verandert in amrita (drank der onsterfelijkheid), of ambrosia (de ‘nectar van de goden’).

Tarot van Marseille,
versie Pierre Madenié (1709)

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1701-1715)

Op dit alchemistische embleem uit Das Blut der Natur (1767) wordt de kundalini-energie gepersonifieerd door zowel de godin met de vloeiende borsten, als door de god Hermes met zijn staf de caduceus. Onder in beeld vindt de (innerlijke) opstanding uit de (spirituele) dood van de alchemist plaats.

De diepere betekenis van de kaart Gematigdheid wordt nog duidelijker als we kijken naar Tarot de Marseille kaarten met afwijkende elementen, zoals die van Jacques Viéville, uit 1650 (rechts). Op de kaart van Viéville heeft de vrouw een grote staf met vleugels eraan in haar hand. Deze staf, die is afgeleid van de caduceus van Hermes, staat voor de wervelkolom, met bovenaan de pijnappelklier, en is een prachtige aanvulling op de symboliek van de kan met vloeistof in haar andere hand.

De raadselachtige Latijnse tekst SOL FAMA is ook een verwijzing naar het goddelijke. Sol betekent zon en Fama betekent roem/befaamdheid. De woorden staan in spiegelbeeld geschreven. Ik denk dat dit een aanwijzing is dat we niet alleen de woorden, maar ook de stroom vloeistof moeten omdraaien om de betekenis ervan te begrijpen: de kundalini-energie stroomt van onder naar boven!

Tarot van Marseille,
versie Jacques Vieville (1650)

Tarot of the Master, van Giovanni Vacchetta, een reproductie uit 2002 van het origineel uit 1893

Tevens het vermelden waard is de kaart Gematigdheid van de Italiaan Giovanni Vacchetta (Tarot van de Meester, rechtsboven), uit een iets latere periode. De wapperende linten op de rug en aan het hoofd van de vrouw symboliseren de twee versmeltende energiebanen. De lus staat voor de pijnappelklier. De twee vazen zijn versierd met een dennenappelpatroon; ook dit is een verwijzing naar de pijnappelklier, die zo heet omdat hij de vorm heeft van een dennenappel. De zijnaden van de rok van de vrouw verwijzen naar de caduceus.

De Oswald Wirth Tarot

Oswald Wirth (1889) heeft geen nieuwe elementen toegevoegd aan Gematigdheid. Op de mozaïek van Château des Avenières, die is afgeleid van de tarot van Wirth, hebben de vazen verschillende kleuren: goud en zilver. Deze kleuren, die staan voor de zon en de maan, verwijzen naar de (versmeltende) polaire energieën, net als de kleuren rood en blauw in de kleding van de vrouw.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Château des Avenières (1917)

De kundalini, hier gepersonifieerd door een vrouw die een kroon draagt met zeven sterren (chakra’s), staat op twee fonteinen: een met een gouden, en één met een zilveren, vloeistof. Uit: Alchemical Notebook, Johann Grasshoff, 1620.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

Rechts: Illustratie van Matthias Gerung uit de Ottheinrich-Bibel, Bayerische Staatsbibliothek, 1530. Ook hierin zit kundalini-symboliek verwerkt: de kleurcombinatie rood-blauw van de engel en het teken van het heilige huwelijk (2=1 met de vingers).

De Rider-Waite-Smith Tarot

Pamela Colman-Smith heeft voor nóg een andere manier gekozen om de polariteiten uit te drukken: haar godin staat met één voet op het land en met één voet in het water. Dit beeld komt waarschijnlijk uit een visioen van de apostel Johannes, dat beschreven wordt in het Bijbelboek Openbaring (10:1-2):

‘En ik zag een andere sterke Engel uit de hemel afdalen. Hij was bekleed met een wolk en boven Zijn hoofd was een regenboog. Zijn gezicht was als de zon, en Zijn voeten waren als zuilen van vuur. En Hij had in Zijn hand een boekje, dat geopend was. En Hij zette Zijn rechtervoet op de zee en Zijn linker op de aarde.’

Dit visioen zijn beelden van een kundalini-ontwaken. De engel personifieert de goddelijke kundalini-energie.

De kundalini-energie, die op de RWS-kaart van de ene kelk in de andere stroomt, wordt ook verbeeld door het smalle beekje (of is het een weggetje?) dat loopt tussen de waterplas op de voorgrond naar de zon, in de verte. De driehoek geplaatst in een vierkant, op de borst van de engel, staat waarschijnlijk voor vuur (driehoek) in aarde (vierkant), oftewel: het kundalini-vuur in de mens. Boven dit symbool staat in Hebreeuwse letters: JHWH (God).

De irissen, langs de waterkant, zijn een esoterisch symbool voor de pijnappelklier en het kundalini-proces. In de christelijke schilderkunst is de iris veelvuldig gebruikt om (verhuld) te verwijzen naar het kundalini-ontwaken dat Jezus heeft doorgemaakt. Zie drie voorbeelden hieronder, en ook mijn boek Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie.

De verschijning van Christus aan het meer van Tiberias, Albert Bouts, begin 16e eeuw.

De verrijzenis van Christus, Pietro Perugino, circa 1495, Kathedraal van Sansepolcro, Italië.

Het Laatste Oordeel (uitsnede), Ambrosius Benson, 1540, Fine Arts Museum of San Francisco

Het Griekse godenpantheon kent ook een godin Iris: de persoonlijke boodschapper van Hera. Iris is qua taken de vrouwelijke tegenhanger van Hermes. Zij wordt, net als Hermes, vaak afgebeeld met een caduceus.

We zien Iris hiernaast een plengoffer (libatie) brengen: een ritueel waarbij een vloeistof wordt uitgegoten als offer voor, of door, de goden. In de iconografie van de Oude Grieken werden plengoffers gebruikt om op een verhulde manier te verwijzen naar de kundalini-energie. Zo ook op deze vaas uit de 5e eeuw voor Chr.

Deze afbeelding bevat een prachtige combinatie van de verschillende kundalini-metaforen die ook gebruikt zijn voor de kaart Gematigdheid. Iris giet vloeistof in een schaal die wordt vast gehouden door de god Apollo. Zij vertegenwoordigen de mannelijke en vrouwelijke energieën (polariteiten). Precies onder de kan en de schaal staat een hert (de kundalini). Iris houdt een caduceus in haar hand.

De goden Iris en Apollo

Conclusie

Al vanaf de 15e eeuw is op de tarotkaart van de kardinale deugd Gematigdheid symboliek verwerkt om verboden kennis over de kundalini-energie te communiceren. Talloze voorbeelden tonen aan dat voor deze ‘ketterij’ niet alleen de tarot, en niet alleen de kardinale deugden, zijn gebruikt. Waar je ook om je heen kijkt in musea en kerken, overal zie je creatieve pogingen van kunstenaren om ons te wijzen op een bron van goddelijke energie in ons bekken. Zelfs op illustraties in oude Bijbels!

Deze energiebron ontwaakt, als wij ‘deugdelijk’ leven, waarbij zelfbeheersing (gematigdheid) ten opzichte van de zintuiglijke geneugten een belangrijke factor is. Wie het goddelijke wil ervaren, moet het aardse loslaten.

De godin Venus maakt haar zoon Aeneas onsterfelijk. Dat het hier gaat om een kundalini-ontwaken mogen we afleiden uit hun handen die het teken maken van het heilige huwelijk (2=1)

Links: op het graf van Paus Clement II (Bamberger Dom, circa 1240) staat, tezamen met de vier kardinale deugden, een vijfde vrouw afgebeeld, gezien vanaf haar rug, die een grote vaas met vloeistof uitgiet (rechts). De betekenis hiervan is onbekend. De afbeelding wordt genoemd ‘Paradiesfluss’ (Paradijsrivier). De lezer van dit artikel zal geen moeite hebben deze raadselachtige vijfde vrouw te duiden…?

Silvia Ritter’s Tarot Deck(Work in progress)

Legacy of the Divine Tarot (Ciro Marchetti, 2008)

The Gill Tarot (Elizabeth Gill, US Games, 1991)

Medieval Scapini Tarot ( Luigi Scapini, 2005)

De ontwerper legt een verband tussen de kaart Gematigdheid en de neerdaling van de Heilige Geest tijdens de doop van Jezus (een gebeurtenis die een metafoor is voor een kundalini-ontwaken). Zie hiervoor ook mijn boek Johannes de Doper die Jezus de Christus werd.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright mei 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2020-10-19T13:58:57+00:00mei 21st, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 14. Gematigdheid

Tarot 13. De Dood

13. De Dood

De Dood is een positieve kaart in de tarot. Hij staat voor transformatie; voor het achter laten van het oude en een nieuw begin maken. Op het sprituele niveau gaat De Dood over sterven en wedergeboren worden, nog tijdens je leven. Een proces dat, volgens deze kaart met nummer 13, alles te maken heeft met je wervelkolom!

Vier 15e eeuwse kaarten

Er zijn vier kaarten van de Dood uit de 15e eeuw bewaard gebleven, die veel duidelijke symboliek bevatten over zijn betekenis in de tarot. De Visconti-Sforza kaart is vrij sober; alleen een geraamte – symbool voor de Dood – met een pijl en boog in zijn handen.

Met de boog is iets bijzonders aan de hand. Hij is enorm groot, net zo groot als de Dood zelf, en zijn vorm is twee keer een wervelkolom vanaf de zijkant gezien. Uit de dwarsstreepjes op de boog, waardoor hij lijkt opgebouwd uit ‘wervels’, mogen we afleiden dat de dubbele S-vorm, van de wervelkolom, geen toeval is. De kaart verwijst naar de ‘mystieke dood’ (sterven van het ego), die het gevolg is van een kundalini-ontwaken.

De Visconti-Sforza Dood (15e eeuw)

Sola Busca Tarot (circa 1491)

De diepere betekenis van de pijl, die op de Visconti-kaart nauwelijks meer te zien is, wordt duidelijk als we de kaart van de Sola Busca Tarot ernaast leggen. De pijl is een symbool voor de kundalini-energie, en dan met name haar zuiverende aspect. Op de Sola Busca kaart heeft de pijl – die net zo lang is als de man die hem vast heeft – het linkeroog doorboord van het afgehakte hoofd, dat op de grond ligt. Een luguber beeld, maar met een prachtige boodschap!

Een onthoofding is een universele metafoor voor het afleggen van het ego. Het doorboorde oog verwijst naar de opening van het ‘derde oog’ als gevolg van het kundalini-proces. De man op deze kaart heeft een lauwerkrans op zijn hoofd; deze staat voor een spirituele zege. Op de grond ligt zijn wapenuitrusting; een verwijzing naar de strijd die hij hiervoor heeft moeten leveren. De achtpuntige ster rechtsboven op de kaart staat – zoals we ook nog zullen zien bij de bespreking van tarotkaart De Ster – voor het vrouwelijke aspect van God, oftewel de kundalini-energie.

Om het hoofd van de Visconti-Dood zit een doek geknoopt. De twee uiteinden wapperen in de lucht en één ervan raakt de boog. Ook dit is geen toeval. De twee linten staat voor de twee polaire energiebanen die langs de wervelkolom stromen, en die versmelten ter hoogte van het zesde chakra (in het hoofd), tijdens een kundalini-ontwaken. Ook op twee andere 15e eeuwse kaarten van de Dood (hieronder) zien we deze wapperende linten, inclusief een knoop, terug. De symboliek ervan voert terug naar de zogenaamde ‘Knoop van Isis’, uit het Oude Egypte, die staat voor de twee polaire energiebanen en de pijnappelklier, die geactiveerd wordt tijdens de versmelting.

De Egyptische godin Isis.

De doodskist van Ta-mit
(Toledo Museum of Art)

De Heilige Familie, Giovanni Agostino da Lodi (ca. 1500).

De Doop van Jezus, Martin Schongauer (ca. 1480). Johannes de Doper maakt het teken van het heilige huwelijk (2=1) dat plaatsvindt in Jezus.

De Kruisiging, Nederlandse School (16e eeuw).

Pièta, Ercole de’ Roberti da Bologna (ca. 1482).

In de renaissance werd de Knoop van Isis regelmatig door kunstenaars (verhuld) verwerkt in schilderijen over het levensverhaal van Jezus, om hiermee duidelijk te maken dat in de Bijbel zijn geboorte, doop, kruisiging en verrijzenis, op het symbolische niveau, staan voor aspecten van het proces van kundalini-ontwaken. Hierboven vier voorbeelden.

Op de kaarten van de Visconti Di Modrone Tarot en de Estensi Tarot (hieronder) wordt de  versmelting van de polaire energiebanen ook nog op een andere manier duidelijk gemaakt. Op beide kaarten worden een aantal personen vertrapt onder de hoeven van het paard waar de Dood op zit. In de kleding van deze personen is op subtiele wijze het samengaan van de kleuren rood en blauw verwerkt. Deze kleuren staan voor, respectievelijk, het mannelijke en het vrouwelijke (lees: de tegenstellingen) in de mens. Op beide kaarten (wit omcirkeld) maakt een hand met twee vingers het teken van het heilige huwelijk (2=1): de versmelting van de polaire energieën.

Visconti Di Modrone Tarot (15e eeuw)

Estensi Tarot (eind 15e eeuw)

Symbool van de Rozenkruizers. Sterven aan jezelf, en wedergeboren worden, is een proces dat plaatsvindt in het hoofd, onder invloed van een kundalini-ontwaken. De twee slangen staan voor de twee polaire energiebanen die hierbij versmelten. De vleugels symboliseren een bewustzijns-verruiming/Godservaring.

De personen die getroffen worden door de Dood op beide bovenstaande kaarten, lijken dit niet te ervaren als een onprettige gebeurtenis. Op bijna alle gezichten zien we een vredige glimlach. Dit bevestigt ons dat deze kaart staat niet staat voor de fysieke dood, maar voor een mystieke ervaring. De mens wordt bevrijd van zijn ego en ervaart de eenheid van het goddelijke.

Rechts, uit: Atalanta Fugiens, embleem 50, Michael Maier (1617). De gelukzalige gezichtsuitdrukking van de man in het graf toont dat hij een Godservaring heeft, opgewekt door de kundalini-energie (slang), die is opgestegen tot in zijn hoofd. Zijn rode kleding staat voor een voltooid Magnum Opus.

In de geopende buik van de Visconti Di Modrone-Dood (boven) zijn de ingewanden zichtbaar. Ze maken een spiraalbeweging die verwijst naar de opstijgende kundalini.

De zeis is het instrument van de Dood waarmee hij alles weg hakt wat tussen de mens en God in staat. Deze zuiverende werking komt in de eeuwen hierna, bij de Tarot van Marseille, nog meer centraal te staan.

Rechts, een alchemistische illustratie uit: Book of Alchemical Formulas, Claudio de Domenico Celentano di Valle (1606).
De twee personen op de wolf staan voor de drie energiebanen die bij een kundalini-ontwaken zijn betrokken. De achterste persoon, met de twee adelaarshoofden, staat voor de versmolten polaire energiebanen (zon en maan). De voorste persoon, met de zeis, staat voor de zuiverende kundalini-energie. De ladder symboliseert de opstijging van de kundalini door de wervelkolom. De wolf staat voor de dierlijke energieën die gebruikt worden voor het proces van Godsrealisatie.

De Tarot van Marseille

De Dood van de Tarot van Marseille gaat te werk als een tuinman. Met een grote zeis maait hij het veld waarin hij staat. Om hem heen liggen lichaamsdelen: handen, voeten, botten en hoofden. Dat de zeis staat voor de werking van de kundalini-energie kunnen we afleiden uit de inkleuring van de kaart. De zeis heeft dezelfde kleur als de wervelkolom van de Dood.

Tarot van Marseille,
versie Pierre Madeniè (1709)

Tarot van Marseille,
versie Nicolas Conver (1760)

Liguria-Piedmont Tarot (1860)

Op de kaarten van Pierre Madeniè en Nicolas Conver heeft de zeis ook nog eens de kleuren rood en blauw van de polaire energieën. Ter bevestiging van deze interpretatie, laat één van de afgehakte handen op de kaart Pierre van Madeniè (wit omcirkeld) het teken van het heilige huwelijk (2=1) zien.

De Dood hakt, buiten de tarot, maar zelden ledematen af. Dit is een beeld dat komt uit de alchemie en verwijst naar de spirituele fase van desintegratie: de oude mens wordt in stukken gehakt, waarna de geboorte van de nieuwe mens plaatsvindt. De afgehakte ledematen symboliseren het verwijderen van oude ballast en overbodige egostukken. Alles wat tussen de mens en God in staat wordt verwijderd. Hieronder drie alchemistische illustraties.