Over Anne-Marie Wegh

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Anne-Marie Wegh has created 16 blog entries.

Tarot 15. De Duivel

15. De Duivel

De duivel is een interessant archetype dat ons kan helpen bij zelfinzicht en spirituele groei. Het demonische wezen dat ons aanstaart vanaf tarotkaart nummer 15 is een verbeelding van onze eigen dierlijke driften; een aspect dat onlosmakelijk verbonden is met ons lichaam. Ontkenning van je innerlijke duivel zorgt ervoor dat deze krachten in het onderbewuste een eigen leven gaan leiden en ons aanzetten tot gedrag dat we eigenlijk helemaal niet willen. Onderkenning en inzicht, daarentegen, creëren een bewustzijnsruimte waarin keuzemogelijkheden ontstaan.

De Duivel in de 15e eeuw

Er zijn helaas geen 15e eeuwse handgeschilderde tarotkaarten van de Duivel behouden gebleven. Wel kunnen we in musea een aantal exemplaren vinden uit de vroege drukkunst die nooit zijn af gemaakt. Uit deze kaarten kunnen we afleiden dat de duivel in de tarot werd afgebeeld volgens de gangbare kenmerken in die tijd: een angstwekkend wezen met bokkenhoorns, vogelpoten, veel haar en een grote vork (zie ook het schilderij van Hans Memling uit 1485, rechtsonder).

Rosenwald deck

Rothschild-Beaux-Arts deck

Budapest-​Metropolitan deck

De Hel (detail),
Hans Memling, 1485.

In ons woedt continu een strijd tussen de impulsen van onze dierlijke, lagere natuur en onze hogere, goddelijke natuur. Dierlijke neigingen zijn bijvoorbeeld agressie, hebberigheid, jaloezie, lust en egoïsme. Eigenschappen die voortkomen uit onze hogere natuur zijn liefde, vergevingsgezindheid, compassie en altruïsme. De Duivel staat niet alleen voor het beest in de mens, maar ook voor eenzijdig gericht zijn op het aardse (materialisme). En op een nog dieper niveau staat de Duivel tevens voor de (aardse) dualiteit.

Energetisch staat de Duivel voor de twee energiebanen die langs de wervelkolom stromen en die ons de dualiteit laten ervaren. De yoga-traditie noemt deze energiebanen de ida- en pingala-nadi. Het goddelijke kenmerkt zich door eenheid. Bij de mens die het goddelijke heeft gerealiseerd stroomt de energie door één kanaal: de sushumna-nadi, die door de wervelkolom loopt.

Op de kaart van het Budapest-​Metropolitan deck (hierboven) – de enige 15e eeuwse kaart met duidelijke esoterische symboliek – staat de Duivel tussen twee kleine bomen. Deze bomen staan voor de ida- en pingala-nadi. Dit beeld moet ons vertellen dat de Duivel geworteld is in de dualiteit.

Oosterse afbeelding van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een spiritueel ontwaken.

19e eeuwse afbeelding van een yogi

Rechts: de Oude Grieken gebruikten de prachtige metafoor van een dubbele fluit om het stromen van de levensenergie door de ida- en pingala-nadi tot tot uitdrukking te brengen. Hiernaast twee voorbeelden van een satyr – die, net als de duivel, voor ook voor het beest in de mens staat – met een dergelijke dubbele fluit. (Aardewerk uit  circa 530 v. Chr.)

Vaak wordt de duivel afgebeeld met een gezicht op zijn buik. We zien dit o.a. terug op de kaart van het Rothschild-Beaux-Arts deck (boven). Dit staat voor gericht zijn op de verlangens van de (onder-)buik. Voor een leven dat in het teken staat van zintuiglijk plezier en seksuele bevrediging.

De Tarot van Marseille

De Duivel van de Tarot van Marseille heeft een aantal elementen die verwijzen naar de dualiteit. Ten eerste heeft hij zowel mannelijke (geslachtsdeel) als vrouwelijke (borsten) kenmerken. Let wel, dit is iets anders dan androgyny, dat juist een kenmerk is van de mens die het goddelijke heeft gerealiseerd. Dan zijn het innerlijk mannelijke en vrouwelijke versmolten tot een eenheid. In de Duivel zijn het mannelijke en het vrouwelijke separaat aanwezig, zoals overigens in ieder (onverlicht) mens.

Tarot van Marseille,
versie Jean Noblet (1659)

Tarot van Marseille,
versie Payen-Webb (18e eeuw)

Ook de staf van de Duivel verwijst naar de dualiteit. Op de kaart van Jean Noblet is het een tweetand en op de kaart van Payen-Webb branden er twee vlammen op de staf. De twee hoorns van de Duivel zijn niet alleen een verwijzing naar het dierlijke, maar ook naar de dualiteit. Jean Noblet gebruikt om de polariteiten/dualiteit uit te drukken tevens de combinatie van de kleuren rood (het mannelijke) en blauw (het vrouwelijke).

De vleermuisvleugels van de Marseille Duivel symboliseren spirituele onbewustheid: een vleermuis leeft ’s nacht, in het (spirituele) duister. Op de kaart van Jean Noblet staan op de linkervleugel twee, en op de rechtervleugel drie punten. Dit is waarschijnlijk opnieuw een verwijzing naar de dualiteit. In de leer van Pythagoras over de tegenstellingen stonden de even getallen voor het vrouwelijke en de oneven getallen voor het mannelijke.

De twee op de Duivel lijkende wezens die vastgebonden zijn aan zijn voetstuk, staan voor de mens die ‘gevangen’ zit in de materie en zich laat leiden door zijn lagere natuur.

Een belangrijk thema, zo blijkt uit meerdere tarotkaarten, is het omgaan met de seksuele driften. Lust is een oerkracht die de mens gevangen kan houden in de wereld van het dierlijke, en hiermee weghoudt van het goddelijke.

De kaart hiernaast uit het Zwitsere 1JJ tarot deck (19e eeuw) snijdt dit thema aan met heldere symboliek. De staart van de Duivel is zo gebogen dat het associaties oproept met een fallus. Het uiteinde van de staart raakt de tweetand, die staat voor de twee energiebanen die ons de dualiteit laten ervaren.

De dualiteit en het dierlijke zijn onderdeel van Gods schepping en in dit opzicht niet per definitie ‘slecht’. Willen we echter de eenheid van het goddelijke ervaren dan moeten we het aardse loslaten. De Tarot van Marseille kaart versie Payen-Webb (boven) maakt dit extra duidelijk door de kaart L’Antechrist (de antichrist) te noemen in plaats van Le Diable: de Duivel vertegenwoordigt in onze duale wereld de tegenpool van het goddelijke (Christus).

1JJ deck uit Zwitserland (Johann Georg Rauch, circa 1830)

De Oswald Wirth Tarot

De uitvoering van Oswald Wirth’s Duivel is sterk beïnvloed door de Baphomet figuur van de occultist Eliphas Levi en dit schept verwarring. Baphomet wordt door historici gezien als een afgod, waarvan de exacte oorsprong en betekenis niet bekend is. De Tempeliers – een christelijke ridderorde uit de 12e en 13e eeuw – zouden hem aanbeden hebben in plaats van Christus en mede hierom op de brandstapel zijn beland.

Eliphas Levi kwam tot de conclusie dat Baphomet staat voor het gnostische principe van volmaakt evenwicht tussen de tegenstellingen, en hij creëerde een beeld dat hierbij paste (zie hiernaast). In zijn Baphomet zijn o.a. alchemistische principes (‘solve et coagula’), de vier elementen en de caduceus van de god Hermes verwerkt.

Levi’s Baphomet vertegenwoordigt hiermee positieve, nastrevens- waardige, spirituele principes. De vlam op het geitenhoofd staat bijvoorbeeld voor het menselijke intellect dat heerst over het dierlijke. Elementen van Baphomet gebruiken voor de Duivel, zoals Oswald Wirth heeft gedaan, kan iemand hierdoor op het verkeerde been zetten over de betekenis van de kaart.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Baphomet, door Eliphas Levi (1854-1856).

Château des Avenières (1917)

De ontwerper van de mozaïeken van Château des Avenières (links) heeft voor zijn Duivel zelfs Levi’s Baphomet in zijn geheel genomen. De man en vrouw die vastzitten in/aan het aardse (de grote cirkel), zouden zichzelf gemakkelijk kunnen bevrijden als ze dit zouden willen. De mozaïek stelt hun gevangenschap dus als een keuze.

De Rider-Waite-Smith Tarot

Kunstenares Pamela Colman-Smith heeft – waarschijnlijk als reactie op Oswald Wirth’s verwarrende Duivel – de kaart weer ondubbelzinnig laten verwijzen naar de tegenpool van het goddelijke. Haar Duivel is corpulent (onmatigheid) en sinister. Zijn hoorns zijn gekromd richting de aarde. De omgekeerde brandende toorts in zijn handen verwijst naar het kundalini-vuur, dat naar beneden stroomt in plaats van omhoog. Dit is ook de betekenis van de twee staarten van de naakte man en vrouw. De druiventros (wijn) en het vuur verwijzen beide naar de goddelijke kundalini die de lagere, in plaats van de hogere, chakra’s voedt.

Het pentagram, dat bij Levi’s Baphomet en de mozaïek van Château des Avenières met de punt omhoog is afgebeeld, is op de RWS-kaart met de punt naar beneden gedraaid. In occulte kringen staat het pentagram met de punt omhoog voor de gerealiseerde mens. De vijfde punt van de ster staat voor de Geest, die heerst over de andere vier punten, die staan voor de vier elementen (het aardse). Omgekeerd, met de punt naar beneden, regeert het aardse (het dierlijke) over de Geest (het goddelijke).

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

In de bovenste hand van de Duivel staat het teken voor Jupiter, de planeet die, van de zeven planeten uit de klassieke astronomie, het verst is verwijderd van de zon, en die (daarmee) in de alchemie symbool staat voor het eerste/onderste chakra. Het handgebaar zelf verwijst naar de dualiteit (‘in tweeën gesplitste eenheid’).

De naakte man en vrouw roepen associaties op met Adam en Eva, zeker als je de RWS-kaart De Geliefden ernaast legt. Arthur E. Waite en Pamela Colman-Smith verkeerden in esoterische kringen, die wisten dat het Bijbelverhaal van Adam en Eva op het symbolische niveau gaat over de mens die kiest voor het laten afvloeien van de kundalini-energie (de slang) via de onderste chakra’s (lees: seksuele activiteit) en hierdoor verdreven wordt uit het paradijs (de verbinding met het goddelijke verliest). Voor een uitgebreidere analyse van dit Genesis-verhaal zie mijn boek Kundalini-ontwaken. Ook in talloze schilderijen is deze geheime kennis verwerkt, zie drie voorbeelden hieronder.

De hand van Adam ligt om de borst van Eva: de verboden vrucht is seksualiteit (Hans Baldung Grien, 1511)

God vertelt Adam en Eva dat zij niet van de verboden vruchten mogen eten. Waar deze verboden vruchten voor staan wordt gesymboliseerd door het bosje groen, in de vorm van een fallus, in de linkerhand van Adam. (Grabower Altaarpaneel, Bertram van Minden, 1375-1383)

De twijg in de hand van Adam verwijst naar een fallus: de verboden vrucht is seksualiteit. (lucas van leyden, 1529, Rijksmuseum)

Conclusie

In het krachtenveld van de polariteiten staat de duivel tegenover het goddelijke. Waar het goddelijke staat voor eenheid, vertegenwoordigt de duivel de dualiteit (de fysieke schepping bestaat uit tegenstellingen). In de mens staat de duivel voor onze dierlijke, lagere natuur, die de tegenpool is van onze hogere, goddelijke natuur.

In de tarot is de Duivel de tegenhanger van de Keizer, de Hierofant, en de Zegewagen. De mannen op deze drie kaarten hebben het aardse en het dierlijke – de duivel dus – overwonnen.

Rechts: de ruiter van de Zegewagen (tarotkaart nr. 7) heeft zijn lagere natuur (de duivel) overwonnen en het hogere (JHWH in Hebreeuwse letters) gerealiseerd. De figuur onder in beeld is de Dwaas (tarotkaart nr. 0) die niet in God gelooft. Illustratie van Oswald Wirth uit La Clef de la Magie Noir (Stanislas De Guaita, 1897).

Aanbevolen: Paul Solomon over onze lagere en hogere natuur
(uit: “The Wisdom of Solomon“)

Golden Botticelli Tarot (Atanas Alexandrov Atanassov, 2007)

De drietand staat voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een spiritueel ontwaken. De omgekeerde drietand op deze kaart symboliseert dat de energie naar beneden stroomt, naar de aarde, in plaats van omhoog, naar de hogere chakra’s.

The Buddha Tarot (Robert M. Place, 2004)

In het boeddhisme is Mara de demon die probeerde te verhinderen dat de Boeddha de staat van verlichting bereikte.

Ramses – Tarot of Eternity (Severino Baraldi, 2003)

De god Set stond in het Oude Egypte voor de lagere natuur/het dierlijke.

Tarot of Atlantis (Bepi Vigna, Massimo Rotundo, 2004)

De Hydra uit de Griekse mythologie is het draakachtige monster dat de halfgod Hercules moest verslaan. Steeds als hij één kop van het beest afhakte groeiden er weer twee nieuwe aan. De Hydra staat voor onze hardnekkige (dierlijke) verlangens, die zich maar moeilijk laten overwinnen.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright juni 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-01-10T11:24:07+00:00juni 13th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 15. De Duivel

Tarot 14. Gematigdheid

14. Gematigdheid

Gematigdheid is een van de vier zogenaamde ‘kardinale deugden‘. We hebben gezien dat twee andere kardinale deugden, 8. Gerechtigheid en 11. Kracht, in de tarot staan voor aspecten van een kundalini-ontwaken. Geldt dit ook voor Gematigdheid? Zit er een verborgen, esoterische betekenis achter de twee vazen waarmee de vrouw water bij de wijn doet?

Traditioneel  staat de deugd gematigdheid voor zelfbeheersing en balans, met name ten opzichte van de lichamelijke geneugten, zoals eten, drinken en seks. Allegorisch (als symbolische voorstelling) wordt deze deugd meestal verbeeld door een vrouw die vloeistof van één kruik in een andere giet. Andere attributen komen ook voor, bijvoorbeeld een bit (het ‘beteugelen’ van de dierlijke driften), een klok en meetinstrumenten (het ‘reguleren’ van gedrag).

In het geval van een vloeistof, wordt dit meestal geïnterpreteerd als water bij de wijn doen (om dronkenschap te voorkomen). Maar deze uitleg staat niet vast. Koude bij hete vloeistof voegen, om iets in temperatuur te verlagen, is ook denkbaar.

Gematigdheid in de 15e eeuw

In de tarot verwijst de stromende vloeistof naar de kundalini-energie die stroomt van het bekken naar het hoofd. Een eerste aanwijzing dat het bij deze kaart om iets anders gaat dan water bij de wijn doen, is de fysieke onmogelijkheid van het traject dat de vloeistof aflegt. Niet alleen op de 15e eeuwse tarotkaarten, ook in de eeuwen die hierna volgen, trekt de vloeistof zich niets aan van de wetten van de zwaartekracht.

Een schematische weergave van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken.

Visconti-Sforza tarot (15e eeuw)

Ercole d’Este Tarot (15e eeuw)

Een tweede aanwijzing is dat op veel tarotkaarten de vloeistof stroomt vanaf het hoofd van de vrouw naar haar bekken: de (omgekeerde) weg die de kundalini-energie in de mens aflegt. Maar er zijn nog meer details die verwijzen naar een proces van kundalini-ontwaken. De kleurcombinatie rood met blauw van de kleding die de vrouw draagt, op zowel de Visconti-Sforza kaart als de Ercole d’Este kaart, verwijst naar het heilige huwelijk: het versmelten van het mannelijke (rood) en het vrouwelijke (blauw).

Het spiraalpatroon op de kleding van de vrouw op de Ercole d’Este kaart verwijst naar de spiraalbeweging omhoog van de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken. Haar gekruiste benen symboliseren de versmelting van de innerlijke dualiteit naar een (goddelijke) eenheid.

Op de kleding van de Visconti-Sforza vrouw zien we een patroon van achtpuntige sterren. Zoals we zullen zien bij de bespreking van tarotkaart De Ster, is de achtpuntige ster (de ‘Venus-ster’) een oud en veel gebruikt symbool voor de kundalini-energie.

Met de schenkkan op de Visconti-Sforza kaart is iets merkwaardigs aan de hand. De vloeistof loopt niet uit de tuit, maar boven uit de kan. Deze ongerijmdheid moet de aandacht vestigen op de diepere betekenis van de tuit: deze heeft geen praktische, maar een symbolische waarde. De S-vorm verwijst naar de kundalini-slang.

De twee uiteinden van het koord om de jurk van de vrouw hebben dezelfde S-vorm. Deze staan voor de twee energiebanen die versmelten in het hoofd, tijdens het kundalini-proces. De lus aan het koord verwijst naar de pijnappelklier, midden in het hoofd, die geactiveerd wordt tijdens deze versmelting.

Venus (de planeet) met achtpuntige ster
(De Sphaera Mundi, circa 1450)

Niet alleen in de tarot zijn de allegorieën van de kardinale deugden gebruikt om verboden esoterische kennis te communiceren. Ook daarbuiten zijn legio voorbeelden te vinden van verborgen verwijzingen naar de kundalini-energie. Zie drie voorbeelden hieronder.

De blote rug van de vrouw is een verwijzing naar de wervelkolom/kundalini.
(Hendrick Goltzius, circa 1600, Rijksmuseum)

De uitgestoken middelvinger is een verwijzing naar de wervelkolom/ kundalini (het ‘midden’ van het lichaam). De sjaal van hoofd naar bekken heeft dezelfde symbolische betekenis als de kan met vloeistof: de stromende kundalini-energie. (Jacques de Gheyn, 1593, Museum Boijmans Van Beuningen)

De sjaal van hoofd naar bekken is een verwijzing naar de kundalini-energie.
(Fresco Parz castle, Oostenrijk, 1580)

Ook de alchemie kent de metafoor van een vloeistof, of damp, die zich verplaatst tussen twee kolven/potten, voor het uitbeelden van een kundalini-ontwaken. Zie hieronder.

Boven: het kundalini-vuur zuivert de eerste vijf chakra’s, gesymboliseerd door de vijf bloemen. Uit: Symbola aurea mensae, Michael Maier (1617).

Hieronder hetzelfde in andere beelden.

Rechts: de duif van de Heilige Geest (= de kundalini) reinigt de eerste vijf chakra’s. Uit: Rosarium Philosophorum, 1578.

De kolven met de rode vloeistof, rechts, zijn een metafoor voor de kundalini-energie. De tang die de alchemist vast houdt staat voor de twee energiebanen die versmelten tijdens een kundalini-ontwaken. Uit: Pyrotechnia ofte Vuur-stook-Kunde (1687)

De vijf kolven op elkaar (links) staan voor de eerste vijf chakra’s die worden getrans- formeerd door de kundalini. De gekruiste kolven en gekruiste ‘hoornen des overvloeds’ staan voor de twee energiebanen die versmelten. Idemdito de twee tangen (onder). Uit: Chimischer Wegweiser, 1710.

De Alessandro Sforza Tarot

Dat de kaart Gematigdheid al in de 15e eeuw stond voor méér dan alleen een kardinale deugd, kunnen we ook afleiden uit de versie van de Alessandro Sforza Tarot, die sterk afwijkt van zijn tijdgenoten. Het is een kaart die veel vragen oproept bij tarotkenners en historici. Wat is de betekenis van het hert op deze kaart en waarom zit de vrouw, met de twee vazen, er bovenop?

Het antwoord vinden we – wederom –  in de traditie van de alchemie en de Griekse godenmythes. In beiden symboliseert het hert de kundalini-energie. Waarschijnlijk door de rood-bruine kleur van de vacht (de kleur van vuur) en het gewei van het dier, dat uitgroeit naar de ‘hemel’.

Een van de twaalf ‘werken’ die de Griekse halfgod Herakles (Hercules) moet verrichten in opdracht van koning Eurystheus is het vangen van de Hinde van Keryneia, met de gouden hoorns. Bij het overmeesteren van het dier breekt één van de hoorns af. De diepere betekenis van deze mythe is de opdracht die elke spirituele zoeker heeft om de kundalini te laten ontwaken (de hinde te vangen), en de twee energiebanen die de innerlijke dualiteit vertegenwoordigen (de twee hoorns) te laten versmelten (één hoorn).

De vrouw op de Alessandro Sforza kaart zit met haar wervelkolom tegen de wervelkolom van het hert. Dit mogen we zien als een bevestiging dat het hert verwijst naar een kundalini-ontwaken. De vrouw heeft één been opgetrokken om aan te geven dat de dualiteit is versmolten tot een (goddelijke) eenheid (zie ook het schilderij van Lucas Cranach de Oudere, hieronder). De ketting van rood koraal die zij draagt is tevens een metafoor uit de alchemie staat ook voor de kundalini-energie. Zie ook tarotkaart De Zon uit het Visconti-Sforza deck.

Alessandro Sforza Tarot (15e eeuw)

Het hert en de eenhoorn op dit alchemistische embleem (Book of Lambspring, 16e eeuw) verwijzen beide naar het kundalini-proces. De hoorn van de eenhoorn staat voor de kundalini-energie, die is opgestegen tot het zesde chakra (het voorhoofd). Het gewei van het hert staat voor de twee energiebanen die ter hoogte van het zesde chakra versmelten.

De alchemist vist koraal (de kundalini) uit het water (zijn onbewuste). Uit: Atalanta Fugiens, 1617.

Tijdens het vangen van de Hinde van Keryneia breekt één van de gouden hoorns af. (Een amfora uit circa 540 voor Chr.)

Deze Romeinse mozaïek (ca. 175 na Chr.) gebruikt alternatieve symboliek om te communiceren dat Hercules van twee hoorns één heeft gemaakt (het kundalini-proces).

Apollo en Diana, door Lucas Cranach de Oudere, 1525. De rechterhand van de godin Diana ligt tussen de twee hoorns van het hert. Dit heeft dezelfde betekenis als het gebogen been van Diana en het gebogen voorbeen van het hert: de innerlijke dualiteit wordt omgevormd tot een goddelijke eenheid tijdens een kundalini-ontwaken.

De Tarot van Marseille

De belangrijkste toevoeging aan de kaart in de 17e eeuw zijn de vleugels. Dit nieuwe element onderstreept dat de vrouw staat voor de vrouwelijk pool van het goddelijke. Zij heeft vele namen, waaronder Isis, Hera, Diana, Venus, Iris, en Shakti (de kundalini). Andere elementen op de kaart die verwijzen naar haar goddelijke status zijn het symbool voor de zon op haar hoofd (Tarot van Marseille, versie Jean Dodal) en de vijfbladige bloem, de zogenaamde ‘Roos van Venus’ (Tarot van Marseille, versie Pierre Madenié), ook op haar hoofd. We zien bij deze twee Marseille-kaarten ook weer de kleurcombinatie van blauw met rood in de kleding van de godin: de versmelting van de mannelijke en de vrouwelijk energieën.

Op kaart van Jean Dodal zijn de borsten van de vrouw geaccentueerd. Dit verwijst naar het ‘voedende’ karakter van ‘God de Moeder’. Dit voedende/gevende aspect wordt in de algemene iconografie ook tot uitdrukking gebracht door godinnen af te beelden met een grote hoeveelheid borsten. Soms stroomt daarbij ook nog vloeistof uit de borsten. Zie een voorbeeld uit de alchemie rechtsonder. Dit is enerzijds een verwijzing naar de voedende en transformerende kundalini-energie, maar ook naar de hersenvloeistof van de mens, die onder invloed van een kundalini-ontwaken verandert in amrita (drank der onsterfelijkheid), of ambrosia (de ‘nectar van de goden’).

Tarot van Marseille,
versie Pierre Madenié (1709)

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1701-1715)

Op dit alchemistische embleem uit Das Blut der Natur (1767) wordt de kundalini-energie gepersonifieerd door zowel de godin met de vloeiende borsten, als door de god Hermes met zijn staf de caduceus. Onder in beeld vindt de (innerlijke) opstanding uit de (spirituele) dood van de alchemist plaats.

De diepere betekenis van de kaart Gematigdheid wordt nog duidelijker als we kijken naar Tarot de Marseille kaarten met afwijkende elementen, zoals die van Jacques Viéville, uit 1650 (rechts). Op de kaart van Viéville heeft de vrouw een grote staf met vleugels eraan in haar hand. Deze staf, die is afgeleid van de caduceus van Hermes, staat voor de wervelkolom, met bovenaan de pijnappelklier, en is een prachtige aanvulling op de symboliek van de kan met vloeistof in haar andere hand.

De raadselachtige Latijnse tekst SOL FAMA is ook een verwijzing naar het goddelijke. Sol betekent zon en Fama betekent roem/befaamdheid. De woorden staan in spiegelbeeld geschreven. Ik denk dat dit een aanwijzing is dat we niet alleen de woorden, maar ook de stroom vloeistof moeten omdraaien om de betekenis ervan te begrijpen: de kundalini-energie stroomt van onder naar boven!

Tarot van Marseille,
versie Jacques Vieville (1650)

Tarot of the Master, van Giovanni Vacchetta, een reproductie uit 2002 van het origineel uit 1893

Tevens het vermelden waard is de kaart Gematigdheid van de Italiaan Giovanni Vacchetta (Tarot van de Meester, rechtsboven), uit een iets latere periode. De wapperende linten op de rug en aan het hoofd van de vrouw symboliseren de twee versmeltende energiebanen. De lus staat voor de pijnappelklier. De twee vazen zijn versierd met een dennenappelpatroon; ook dit is een verwijzing naar de pijnappelklier, die zo heet omdat hij de vorm heeft van een dennenappel. De zijnaden van de rok van de vrouw verwijzen naar de caduceus.

De Oswald Wirth Tarot

Oswald Wirth (1889) heeft geen nieuwe elementen toegevoegd aan Gematigdheid. Op de mozaïek van Château des Avenières, die is afgeleid van de tarot van Wirth, hebben de vazen verschillende kleuren: goud en zilver. Deze kleuren, die staan voor de zon en de maan, verwijzen naar de (versmeltende) polaire energieën, net als de kleuren rood en blauw in de kleding van de vrouw.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Château des Avenières (1917)

De kundalini, hier gepersonifieerd door een vrouw die een kroon draagt met zeven sterren (chakra’s), staat op twee fonteinen: een met een gouden, en één met een zilveren, vloeistof. Uit: Alchemical Notebook, Johann Grasshoff, 1620.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

Rechts: Illustratie van Matthias Gerung uit de Ottheinrich-Bibel, Bayerische Staatsbibliothek, 1530. Ook hierin zit kundalini-symboliek verwerkt: de kleurcombinatie rood-blauw van de engel en het teken van het heilige huwelijk (2=1 met de vingers).

De Rider-Waite-Smith Tarot

Pamela Colman-Smith heeft voor nóg een andere manier gekozen om de polariteiten uit te drukken: haar godin staat met één voet op het land en met één voet in het water. Dit beeld komt waarschijnlijk uit een visioen van de apostel Johannes, dat beschreven wordt in het Bijbelboek Openbaring (10:1-2):

‘En ik zag een andere sterke Engel uit de hemel afdalen. Hij was bekleed met een wolk en boven Zijn hoofd was een regenboog. Zijn gezicht was als de zon, en Zijn voeten waren als zuilen van vuur. En Hij had in Zijn hand een boekje, dat geopend was. En Hij zette Zijn rechtervoet op de zee en Zijn linker op de aarde.’

Dit visioen zijn beelden van een kundalini-ontwaken. De engel personifieert de goddelijke kundalini-energie.

De kundalini-energie, die op de RWS-kaart van de ene kelk in de andere stroomt, wordt ook verbeeld door het smalle beekje (of is het een weggetje?) dat loopt tussen de waterplas op de voorgrond naar de zon, in de verte. De driehoek geplaatst in een vierkant, op de borst van de engel, staat waarschijnlijk voor vuur (driehoek) in aarde (vierkant), oftewel: het kundalini-vuur in de mens. Boven dit symbool staat in Hebreeuwse letters: JHWH (God).

De irissen, langs de waterkant, zijn een esoterisch symbool voor de pijnappelklier en het kundalini-proces. In de christelijke schilderkunst is de iris veelvuldig gebruikt om (verhuld) te verwijzen naar het kundalini-ontwaken dat Jezus heeft doorgemaakt. Zie drie voorbeelden hieronder, en ook mijn boek Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie.

De verschijning van Christus aan het meer van Tiberias, Albert Bouts, begin 16e eeuw.

De verrijzenis van Christus, Pietro Perugino, circa 1495, Kathedraal van Sansepolcro, Italië.

Het Laatste Oordeel (uitsnede), Ambrosius Benson, 1540, Fine Arts Museum of San Francisco

Het Griekse godenpantheon kent ook een godin Iris: de persoonlijke boodschapper van Hera. Iris is qua taken de vrouwelijke tegenhanger van Hermes. Zij wordt, net als Hermes, vaak afgebeeld met een caduceus.

We zien Iris hiernaast een plengoffer (libatie) brengen: een ritueel waarbij een vloeistof wordt uitgegoten als offer voor, of door, de goden. In de iconografie van de Oude Grieken werden plengoffers gebruikt om op een verhulde manier te verwijzen naar de kundalini-energie. Zo ook op deze vaas uit de 5e eeuw voor Chr.

Deze afbeelding bevat een prachtige combinatie van de verschillende kundalini-metaforen die ook gebruikt zijn voor de kaart Gematigdheid. Iris giet vloeistof in een schaal die wordt vast gehouden door de god Apollo. Zij vertegenwoordigen de mannelijke en vrouwelijke energieën (polariteiten). Precies onder de kan en de schaal staat een hert (de kundalini). Iris houdt een caduceus in haar hand.

De goden Iris en Apollo

Conclusie

Al vanaf de 15e eeuw is op de tarotkaart van de kardinale deugd Gematigdheid symboliek verwerkt om verboden kennis over de kundalini-energie te communiceren. Talloze voorbeelden tonen aan dat voor deze ‘ketterij’ niet alleen de tarot, en niet alleen de kardinale deugden, zijn gebruikt. Waar je ook om je heen kijkt in musea en kerken, overal zie je creatieve pogingen van kunstenaren om ons te wijzen op een bron van goddelijke energie in ons bekken. Zelfs op illustraties in oude Bijbels!

Deze energiebron ontwaakt, als wij ‘deugdelijk’ leven, waarbij zelfbeheersing (gematigdheid) ten opzichte van de zintuiglijke geneugten een belangrijke factor is. Wie het goddelijke wil ervaren, moet het aardse loslaten.

De godin Venus maakt haar zoon Aeneas onsterfelijk. Dat het hier gaat om een kundalini-ontwaken mogen we afleiden uit hun handen die het teken maken van het heilige huwelijk (2=1)

Links: op het graf van Paus Clement II (Bamberger Dom, circa 1240) staat, tezamen met de vier kardinale deugden, een vijfde vrouw afgebeeld, gezien vanaf haar rug, die een grote vaas met vloeistof uitgiet (rechts). De betekenis hiervan is onbekend. De afbeelding wordt genoemd ‘Paradiesfluss’ (Paradijsrivier). De lezer van dit artikel zal geen moeite hebben deze raadselachtige vijfde vrouw te duiden…?

Silvia Ritter’s Tarot Deck(Work in progress)

Legacy of the Divine Tarot (Ciro Marchetti, 2008)

The Gill Tarot (Elizabeth Gill, US Games, 1991)

Medieval Scapini Tarot ( Luigi Scapini, 2005)

De ontwerper legt een verband tussen de kaart Gematigdheid en de neerdaling van de Heilige Geest tijdens de doop van Jezus (een gebeurtenis die een metafoor is voor een kundalini-ontwaken). Zie hiervoor ook mijn boek Johannes de Doper die Jezus de Christus werd.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright mei 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-01-10T11:23:24+00:00mei 21st, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 14. Gematigdheid

Maria Magdalena, verrassende nieuwe inzichten!

Maria Magdalena

Verrassende nieuwe inzichten!

Het enige wat de Bijbel zegt over Maria Magdalena is dat zij één van de vrouwen was die Jezus volgden op zijn rondreis door Judea, en dat ze was bevrijd van zeven demonen. Bij nadere bestudering van de Griekse grondtekst, echter, blijkt een schat aan extra informatie te schuilen in de schaarse woorden over deze mysterieuze vrouw.

Wat verschijnt is een heel ander beeld dan dat van de boetevaardige zondares, dat de kerk van haar schetst, en ook een ander beeld dan wat in New Age-kringen wordt gesuggereerd, namelijk dat zij de vrouw zou zijn van Jezus. Mijn verrassende bevindingen heb ik uiteengezet en onderbouwd in mijn boek Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie. De nu volgende tekst komt uit hoofdstuk 2 van dit boek.

De leerling die Jezus liefhad

De identiteit van de schrijver van het vierde evangelie in het Nieuwe Testament is al bijna tweeduizend jaar onderwerp van onderzoek en discussie. Volgens de overlevering zou het de apostel Johannes zijn, maar hier wordt tegenwoordig door veel deskundigen aan getwijfeld. Gezien de inhoud van het evangelie moet het in ieder geval iemand zijn geweest die Jezus zeer nabij stond. De anonieme auteur zegt uit de eerste hand te schrijven over wat hij met eigen ogen heeft gezien en hij noemt zichzelf ‘de leerling die Jezus liefhad’:

En Petrus zag, toen hij zich omkeerde, de discipel volgen die Jezus liefhad, die ook tijdens het avondmaal tegen Zijn borst was gaan liggen en gezegd had: Heere, wie is het die U verraden zal?…
Dit is de discipel die van deze dingen getuigt en deze dingen beschreven heeft; en wij weten dat zijn getuigenis waar is.
(Joh. 21:20,24)

Waarom zou de auteur gekozen hebben voor anonimiteit? Hiervoor zijn verschillende redenen te bedenken, maar een heel goede reden zou zijn: omdat het een vrouw was!

Vrouwen werden in die tijd gewoonlijk niet serieus genomen, zoals ook blijkt uit een schrijnende passage in het evangelie van Lucas. Als Jezus na zijn dood is verschenen aan een aantal vrouwen en ze haasten zich om dit vertellen aan de mannelijke apostelen, dan worden ze niet geloofd:

En toen zij teruggekeerd waren van het graf, berichtten ze dit alles aan de elf discipelen en aan alle anderen. En het waren Maria Magdalena, Johanna en Maria, de moeder van Jakobus, en de anderen die bij hen waren, die dit tegen de apostelen zeiden. En hun woorden leken hun kletspraat en zij geloofden hen niet.
(Lucas 24:9-11)

Vol als ze was over wat ze had geleerd van haar leraar Jezus, besloot Maria haar eigen versie te schrijven van ‘de blijde boodschap’. Ze koos ervoor om anoniem te blijven en zich in haar teksten als een man te profileren. Ze liet daarbij de lezer opzettelijk vermoeden dat deze man de apostel Johannes was, zoals we zodadelijk zullen zien. Op ingenieuze wijze heeft ze echter ook een sleutel achtergelaten in de tekst, waarmee de ware identiteit van de auteur achterhaald zou kunnen worden. Hiervoor moeten we naar de Griekse brontekst.

De verborgen sleutel

Vijf maal vinden we in het Johannes-evangelie de omschrijving terug ‘de leerling die Jezus liefhad’. Vier keer heeft de auteur gekozen voor het Griekse agapaó (van agápe) voor liefhebben. In de passage echter waarin de leerlingen er tot hun ontzetting achter komen dat het graf van Jezus leeg is, wordt het Griekse phileó (van philos) gebruikt:

En op de eerste dag van de week ging Maria Magdalena vroeg, toen het nog donker was, naar het graf, en zij zag dat de steen van het graf afgenomen was. Daarom snelde zij terug en ging naar Simon Petrus en naar de andere discipel, die Jezus liefhad (phileó), en zei tegen hen: Ze hebben de Heere uit het graf weggenomen, en wij weten niet waar zij Hem neergelegd hebben. Petrus dan ging naar buiten, en de andere discipel, en zij kwamen bij het graf.
(Joh. 20:1-3)

Maria Magdalena is in deze passage met twee andere leerlingen van Jezus aanwezig bij het lege graf. Door één van deze twee mannen nu de geliefde leerling te noemen, gebruikmakend van een ander woord voor liefhebben, blijft haar identiteit als auteur van het evangelie verborgen, maar verloochent ze zichzelf niet. Hierdoor kan zij naar waarheid schrijven dat zij het was die de verrezen Jezus als eerste heeft gezien.

Ook het woord andere in dit citaat valt op: de andere discipel die Jezus liefhad. Tezamen met het andere Griekse woord voor liefhebben, en Maria Magdalena’s aanwezigheid in deze scène, is er maar één logische conclusie: zij is de auteur van dit evangelie!

Een literaire vondst die even eenvoudig als geniaal is, en die al deze tijd met succes verhuld heeft dat de schrijver van dit evangelie een vrouw is. Een goed bewaard geheim dat ervoor heeft gezorgd dat haar verhaal serieus genomen is en door de strenge selectie van de vroegchristelijke kerkvaders is gekomen, waardoor het nu onderdeel uitmaakt van het Nieuwe Testament. Dit is een eer die vele andere evangeliën uit die tijd niet ten beurt is gevallen. Hierdoor worden haar woorden tot op de dag van vandaag nog over de gehele wereld gelezen en veelvuldig geciteerd.

Pietro Perugino, De overhandiging van de sleutel aan Petrus, 1482, Sixtijnse kapel, Rome (rechts uitsnede). Jezus overhandigt de sleutels van ‘het Koninkrijk der hemelen’ aan Petrus. Een gebeurtenis in de evangeliën (Matt. 16:19) die ervoor heeft gezorgd dat de katholieke kerk hem ziet als de eerste paus. Kunstenaar Perugino wil ons laten weten dat deze eer eigenlijk aan Maria Magdalena toekomt. Zij staat achter Petrus in een opengedraaide lichaamshouding, waardoor zij centraal staat in het rechter tafereel. Zij kijkt als enige van de apostelen naar Jezus. De apostel links naast haar wijst naar haar. Dat het Maria Magdalena is, kunnen we afleiden uit haar schoeisel. Alle apostelen zijn op blote voeten. Alleen Jezus en zij dragen sandalen. Die van haar zijn dusdanig versierd dat duidelijk is dat deze figuur een vrouw moet zijn. Zij houdt een kleine rol papier vast: het evangelie dat zij heeft geschreven!

Christelijke kunst

Door de eeuwen heen zijn er altijd ingewijden, kunstenaars en mystici geweest die wisten dat het Johannes-evangelie is geschreven door Maria Magdalena. In de christelijke iconografie wordt de apostel Johannes meestal afgebeeld als een baardloze jongeman met vrouwelijke trekken. Op veel schilderijen (en ook kerkbeelden) is de evangelist zo duidelijk een vrouw dat de kunstenaar hiermee een boodschap moet hebben gehad voor ons.
Soms is Johannes zelfs zo vrouwelijk dat hij alleen te herkennen is aan zijn attributen (een Bijbel met schrijfpen, een adelaar, en/of een drinkbeker met of zonder gifslangen).

Door de rigide houding van de kerk kon de waarheid niet hardop worden uitgesproken, maar ondergronds vond zij haar weg naar het schildersdoek. Aan de muren van musea, kerken en basilieken spreken stemmen uit een ver verleden tot ons: Maria Magdalena was de ‘apostel der apostelen’. Zij was Jezus’ meest dierbare leerling!

Schilderijen en glas-in-lood van de evangelist Johannes

Defendente Ferrari
(circa 1525)

Hans Baldung (1511)

Domenichino
(eerste helft 17e eeuw)

Sisto Badalocchio (1605-1625)

Uit: Grandes Heures Anne de Bretagne (1503-1508)

John La Farge (19e eeuw)

Dit artikel is gepubliceerd in Spiegelbeeld (juli/aug ’19)
Copyright Anne-Marie Wegh 2019

DOWNLOAD ARTIKEL (PDF)

Anne-Marie heeft het boek geschreven:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Door |2021-01-31T09:26:35+00:00april 10th, 2020|Spiegelbeeld|Reacties uitgeschakeld voor Maria Magdalena, verrassende nieuwe inzichten!

Tarot 13. De Dood

13. De Dood

De Dood is een positieve kaart in de tarot. Hij staat voor transformatie; voor het achter laten van het oude en een nieuw begin maken. Op het sprituele niveau gaat De Dood over sterven en wedergeboren worden, nog tijdens je leven. Een proces dat, volgens deze kaart met nummer 13, alles te maken heeft met je wervelkolom!

Vier 15e eeuwse kaarten

Er zijn vier kaarten van de Dood uit de 15e eeuw bewaard gebleven, die veel duidelijke symboliek bevatten over zijn betekenis in de tarot. De Visconti-Sforza kaart is vrij sober; alleen een geraamte – symbool voor de Dood – met een pijl en boog in zijn handen.

Met de boog is iets bijzonders aan de hand. Hij is enorm groot, net zo groot als de Dood zelf, en zijn vorm is twee keer een wervelkolom vanaf de zijkant gezien. Uit de dwarsstreepjes op de boog, waardoor hij lijkt opgebouwd uit ‘wervels’, mogen we afleiden dat de dubbele S-vorm, van de wervelkolom, geen toeval is. De kaart verwijst naar de ‘mystieke dood’ (sterven van het ego), die het gevolg is van een kundalini-ontwaken.

De Visconti-Sforza Dood (15e eeuw)

Sola Busca Tarot (circa 1491)

De diepere betekenis van de pijl, die op de Visconti-kaart nauwelijks meer te zien is, wordt duidelijk als we de kaart van de Sola Busca Tarot ernaast leggen. De pijl is een symbool voor de kundalini-energie, en dan met name haar zuiverende aspect. Op de Sola Busca kaart heeft de pijl – die net zo lang is als de man die hem vast heeft – het linkeroog doorboord van het afgehakte hoofd, dat op de grond ligt. Een luguber beeld, maar met een prachtige boodschap!

Een onthoofding is een universele metafoor voor het afleggen van het ego. Het doorboorde oog verwijst naar de opening van het ‘derde oog’ als gevolg van het kundalini-proces. De man op deze kaart heeft een lauwerkrans op zijn hoofd; deze staat voor een spirituele zege. Op de grond ligt zijn wapenuitrusting; een verwijzing naar de strijd die hij hiervoor heeft moeten leveren. De achtpuntige ster rechtsboven op de kaart staat – zoals we ook nog zullen zien bij de bespreking van tarotkaart De Ster – voor het vrouwelijke aspect van God, oftewel de kundalini-energie.

Om het hoofd van de Visconti-Dood zit een doek geknoopt. De twee uiteinden wapperen in de lucht en één ervan raakt de boog. Ook dit is geen toeval. De twee linten staat voor de twee polaire energiebanen die langs de wervelkolom stromen, en die versmelten ter hoogte van het zesde chakra (in het hoofd), tijdens een kundalini-ontwaken. Ook op twee andere 15e eeuwse kaarten van de Dood (hieronder) zien we deze wapperende linten, inclusief een knoop, terug. De symboliek ervan voert terug naar de zogenaamde ‘Knoop van Isis’, uit het Oude Egypte, die staat voor de twee polaire energiebanen en de pijnappelklier, die geactiveerd wordt tijdens de versmelting.

De Egyptische godin Isis.

De doodskist van Ta-mit
(Toledo Museum of Art)

De Heilige Familie, Giovanni Agostino da Lodi (ca. 1500).

De Doop van Jezus, Martin Schongauer (ca. 1480). Johannes de Doper maakt het teken van het heilige huwelijk (2=1) dat plaatsvindt in Jezus.

De Kruisiging, Nederlandse School (16e eeuw).

Pièta, Ercole de’ Roberti da Bologna (ca. 1482).

In de renaissance werd de Knoop van Isis regelmatig door kunstenaars (verhuld) verwerkt in schilderijen over het levensverhaal van Jezus, om hiermee duidelijk te maken dat in de Bijbel zijn geboorte, doop, kruisiging en verrijzenis, op het symbolische niveau, staan voor aspecten van het proces van kundalini-ontwaken. Hierboven vier voorbeelden.

Op de kaarten van de Visconti Di Modrone Tarot en de Estensi Tarot (hieronder) wordt de  versmelting van de polaire energiebanen ook nog op een andere manier duidelijk gemaakt. Op beide kaarten worden een aantal personen vertrapt onder de hoeven van het paard waar de Dood op zit. In de kleding van deze personen is op subtiele wijze het samengaan van de kleuren rood en blauw verwerkt. Deze kleuren staan voor, respectievelijk, het mannelijke en het vrouwelijke (lees: de tegenstellingen) in de mens. Op beide kaarten (wit omcirkeld) maakt een hand met twee vingers het teken van het heilige huwelijk (2=1): de versmelting van de polaire energieën.

Visconti Di Modrone Tarot (15e eeuw)

Estensi Tarot (eind 15e eeuw)

Symbool van de Rozenkruizers. Sterven aan jezelf, en wedergeboren worden, is een proces dat plaatsvindt in het hoofd, onder invloed van een kundalini-ontwaken. De twee slangen staan voor de twee polaire energiebanen die hierbij versmelten. De vleugels symboliseren een bewustzijns-verruiming/Godservaring.

De personen die getroffen worden door de Dood op beide bovenstaande kaarten, lijken dit niet te ervaren als een onprettige gebeurtenis. Op bijna alle gezichten zien we een vredige glimlach. Dit bevestigt ons dat deze kaart staat niet staat voor de fysieke dood, maar voor een mystieke ervaring. De mens wordt bevrijd van zijn ego en ervaart de eenheid van het goddelijke.

Rechts, uit: Atalanta Fugiens, embleem 50, Michael Maier (1617). De gelukzalige gezichtsuitdrukking van de man in het graf toont dat hij een Godservaring heeft, opgewekt door de kundalini-energie (slang), die is opgestegen tot in zijn hoofd. Zijn rode kleding staat voor een voltooid Magnum Opus.

In de geopende buik van de Visconti Di Modrone-Dood (boven) zijn de ingewanden zichtbaar. Ze maken een spiraalbeweging die verwijst naar de opstijgende kundalini.

De zeis is het instrument van de Dood waarmee hij alles weg hakt wat tussen de mens en God in staat. Deze zuiverende werking komt in de eeuwen hierna, bij de Tarot van Marseille, nog meer centraal te staan.

Rechts, een alchemistische illustratie uit: Book of Alchemical Formulas, Claudio de Domenico Celentano di Valle (1606).
De twee personen op de wolf staan voor de drie energiebanen die bij een kundalini-ontwaken zijn betrokken. De achterste persoon, met de twee adelaarshoofden, staat voor de versmolten polaire energiebanen (zon en maan). De voorste persoon, met de zeis, staat voor de zuiverende kundalini-energie. De ladder symboliseert de opstijging van de kundalini door de wervelkolom. De wolf staat voor de dierlijke energieën die gebruikt worden voor het proces van Godsrealisatie.

De Tarot van Marseille

De Dood van de Tarot van Marseille gaat te werk als een tuinman. Met een grote zeis maait hij het veld waarin hij staat. Om hem heen liggen lichaamsdelen: handen, voeten, botten en hoofden. Dat de zeis staat voor de werking van de kundalini-energie kunnen we afleiden uit de inkleuring van de kaart. De zeis heeft dezelfde kleur als de wervelkolom van de Dood.

Tarot van Marseille,
versie Pierre Madeniè (1709)

Tarot van Marseille,
versie Nicolas Conver (1760)

Liguria-Piedmont Tarot (1860)

Op de kaarten van Pierre Madeniè en Nicolas Conver heeft de zeis ook nog eens de kleuren rood en blauw van de polaire energieën. Ter bevestiging van deze interpretatie, laat één van de afgehakte handen op de kaart Pierre van Madeniè (wit omcirkeld) het teken van het heilige huwelijk (2=1) zien.

De Dood hakt, buiten de tarot, maar zelden ledematen af. Dit is een beeld dat komt uit de alchemie en verwijst naar de spirituele fase van desintegratie: de oude mens wordt in stukken gehakt, waarna de geboorte van de nieuwe mens plaatsvindt. De afgehakte ledematen symboliseren het verwijderen van oude ballast en overbodige egostukken. Alles wat tussen de mens en God in staat wordt verwijderd. Hieronder drie alchemistische illustraties.

Uit: Splendor Solis (1535). De alchemist toont wat er in hem heeft plaatsgevonden. Zijn rood met witte kleding staat voor de versmelting van de koning en de koningin (de dualiteit). Een afgehakte arm laat het teken van het heilige huwelijk zien (wit omcirkeld). Hij heeft een zuiveringsproces doorgemaakt (de brokstukken van het lichaam en de kleur wit). Hij heeft zijn ego afgelegd (onthoofd).

Uit: Philosophia Hermetica, Federico Gualdi (ca. 1790). Deze illustratie laat zien dat de kundalini-energie de werkende kracht is achter het transformatieproces: de caduceus is het klassieke symbool voor een kundalini-ontwaken. Dat het een spiritueel groeiproces betreft kunnen we afleiden uit de kroon op het afgehakte hoofd en de rode mantel van het Magnum Opus die klaar ligt, voor als de alchemist weer één geheel vormt. Maar eerst moeten de brokstukken nog gezuiverd worden (de pot met de caduceus erboven).

Uit: Atalanta Fugiens, embleem 44, Michael Maier (1617). Op de achtergrond is te zien hoe de oude koning (de alchemist) in stukken wordt gehakt. Hij zal daarna weer in elkaar gezet worden door de vrouw die erbij staat (Sophia/Isis/de kundalini). Op de voorgrond zien we de wederopstanding van de nieuwe koning/mens die volgt.

Het volgende citaat uit het Bijbelboek Openbaring heeft waarschijnlijk gediend als inspiratie voor de Dood van de Tarot van Marseille: God die zijn sikkel (de kundalini-energie) stuurt om de mens te oogsten als deze er klaar voor is.

En ik zag, en zie, een witte wolk, en op de wolk zat Iemand als een Mensenzoon, met op Zijn hoofd een gouden kroon en in Zijn hand een scherpe sikkel.En een andere engel kwam uit de tempel en riep met luide stem tegen Hem Die op de wolk zat: Zend Uw sikkel en maai, want het uur om te maaien is voor U gekomen, omdat de oogst van de aarde geheel rijp is geworden. En Hij Die op de wolk zat, zond Zijn sikkel op de aarde, en de aarde werd gemaaid. (Openbaring 14:14-16)

Wat opvalt, op alle drie de bovenstaande kaarten, is dat de twee hoofden op de voorgrond niet afgehakt en dood lijken, maar ze staan rechtop en kijken blij. Ze lijken eerder op nieuw gewas dat uit de grond omhoog komt. Betekenisvol in dit verband, is dat de inkleuring suggereert dat de hoofden zich buiten het maaigebied van de zeis bevinden. De kroon die ze dragen is een verwijzing naar spirituele voltooiing.

Een Bijbelcitaat dat aansluit bij dit beeld van sterven en wedergeboorte, is de bekende gelijkenis van de graankorrel, uit het evangelie van Johannes:

Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als de tarwekorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, draagt hij veel vrucht. Wie zijn leven liefheeft, zal het verliezen, en wie zijn leven haat in deze wereld, zal het behouden tot het eeuwige leven. (Joh. 12:24-25)

In het hindoeïsme bedienen de goden zich van een heel scala aan wapens om de werking van de kundalini in beelden uit te drukken.

Links: de god Vishnoe met een zogenaamde Sudarshana Chakra. Dit draaiende, vlijmscherpe wiel verwijst naar de spiraalbeweging van de opstijgende kundalini. De zeven koppen van de (kundalini-)slang staan voor de zeven chakra’s die gezuiverd worden.

Rechts: de godin Kali; een personificatie van de zuiverende kundalini-energie. De staande cobra om de hals van Shiva (wit omcirkeld) versterkt de symboliek. Met haar uitgestoken tong speurt Kali naar onzuiverheden in de mens; een verwijzing naar de (kundalini-)cobra die met haar tong een prooi ‘ruikt’.

Links: Krishna – een incarnatie van de god Vishnoe – onthoofdt een tegenstander met zijn Sudarshana Chakra. Deze tegen-stander is Narakasura, de heerser over alle koninkrijken op aarde. De trident in de rechterhand van Narakasura staat voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken.

De Oswald Wirth Tarot

Oswald Wirth (1889) heeft geen nieuwe elementen ingebracht op de kaart. De esoterische symboliek is zelfs voor een deel verdwenen, vergeleken met de Tarot van Marseille. De mozaïek van Châteaux des Avenières, die gebaseerd is op Wirth’s tarot, bevat wel nieuwe elementen. De Dood staat in een grote poel van vuur, in plaats van in het groen. Menigeen zal hierbij denken aan hellevuur, maar dit is goddelijk vuur: het reinigende vuur van de kundalini.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Chateaux des Avenières (1917)

Uit: Mystère des Cathédrales, Fulcanelli (1926). Op deze alchemistische illustratie zien we op de voorgrond een glazen kolf, met vloeistof erin, waarvan de bovenkant tegen de schedel ernaast is geplaatst. De betekenis hiervan is: het door de alchemisten begeerde Levenselixer is een metafoor voor de veranderingen in het hersenvocht, onder invloed van een kundalini-ontwaken. Op de achtergrond staat een grote sfinx: een symbool voor de wedergeboren mens.

Op de achtergrond zien we een sfinx: een mensenhoofd op een leeuwenlichaam. Een sfinx staat voor de mens die het dierlijke heeft overwonnen en leeft vanuit het goddelijke. Op de voorgrond, in het groen, zien we het hoofd van een man met een uraeus-cobra op zijn hoofddeksel. Dit is een ondubbelzinnige verwijzing naar een kundalini-ontwaken. Achter de Dood loopt een kronkelweg, omhoog de bergen in. Dit is een metafoor voor een bewustzijnsverruiming.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De Rider-Waite-Smith Tarot

In de handen van Pamela Colman-Smith heeft de kaart een ware metamorfose ondergaan. Haar Dood zwaait niet met een grote zeis, maar draagt een banier met een witte roos erop. De diepere betekenis hiervan is echter hetzelfde als de zeis: de inwerking van het goddelijke in de mens. In de esoterische tradities staat de roos voor de mystieke ervaring, en zij is van oudsher verbonden met godinnen uit allerlei tradities, waaronder Isis, Ishtar en Venus. In algemene zin staat de roos voor het vrouwelijke aspect van God, oftewel de kundalini-energie.

De specifieke vorm van de RWS-roos komt uit de alchemie en de traditie van de Rozenkruizers. Een wilde roos heeft altijd vijf blaadjes. Als de dualiteit versmelt tijdens het Magnum Opus, ontstaat er een roos met tien blaadjes: de RWS-roos.

Wat opvalt, is dat de vlag op de RWS-kaart niet wappert, maar perfect vierkant is. Zowel een vierkant (de vier elementen) als de kleur zwart staat in de alchemie voor het aardse. Gecombineerd met de witte roos staat de RWS-vlag voor de transformatie/zuivering van de materie (het zwarte vierkant), door inwerking van het goddelijke (de witte roos). Het hart van de roos zit vol met zaadjes: het nieuwe leven dat deze Dood brengt.

Cruce Rosea, symbool van de Rozenkruisers.

Detail van de Ripley Scroll (ca. 1490).

Rugosa Alba, historische roos.

De drie figuren, rechts op de kaart, die met hun ogen dicht de Dood afwachten, hebben allen bloemen in hun haar (het meisje en het kind) of op hun kleding (de bisschop). Hun gesloten ogen verwijzen naar een innerlijke ervaring. Op de handen en mouwen van de bisschop staan dezelfde kruisjes als op de teugels van het paard. Een gelijkarmig kruis verwijst naar de versmelting van de polariteiten. Ook op de borst van de Dood staat een (half) kruis. Op de achterkant van de mantel van de bisschop staat het alchemistische symbool voor de zon/het goddelijke: een cirkel met een kruis erin.

Deze drie figuren hebben zich door noeste innerlijke arbeid waardig gemaakt voor de genade van de mystieke dood. De bisschop verwijst naar de kaart van de Hierofant: in hem is de dualiteit versmolten tot de eenheid van het goddelijke. Hij is meester over de materie. De vrouw met de bloemenkrans op het hoofd vinden we terug op de kaart Kracht: zij heeft haar dierlijke driften overwonnen en gesublimeerd. Het kind is een symbool van heelheid. Hij staat centraal op de kaart De Zon. Ook het witte paard van de Dood – symbool voor de uitzuivering van de dierlijke energieën – is een element van De Zon. De bisschop, de vrouw en het kind, stralen allen overgave uit. Ze zijn bereid om hun ego los te laten; een innerlijke houding die moed vraagt en niet vanzelfsprekend is.

Ook de twee pilaren op de achtergrond zien we terug op een andere kaart uit de grote arcana: de Maan. Deze pilaren staan voor de ida-nadi en pingala-nadi, links en rechts van de wervelkolom, die ons de dualiteit laten ervaren. De opkomende zon, tussen de twee pilaren, is de opstijgende kundalini in de sushumna-nadi, in de wervelkolom.

Het alchemistische symbool voor de zon/het goddelijke.

Op de helm van de Dood hangt een rode veer. Dit element vinden we ook terug op de tarotkaarten De Dwaas en De Zon. De rode veer staat voor de kundalini-energie, die omhoog gebracht is, vanaf het eerste chakra (kleur rood) naar de kruin. Ook de witte roos zien we terug bij De Dwaas.

Petrus Bonus Series, embleem 2 (14e eeuw):
‘De zoon doodt de vader terwijl hij zit op de troon.’

Onder het paard ligt een dode koning. Dit is waarschijnlijk een verwijzing naar een bekend esoterisch thema: ‘de dood van de oude koning’. Het archetype van de oude koning staat voor het ego, dat de scepter zwaait in de spiritueel onbewuste mens. Deze moet eerst sterven, om plaats te maken voor een nieuwe koning, die verbonden is met het goddelijke. De blauwe mantel en rode schoenen van de koning op de RWS-kaart staan voor respectievelijk het vrouwelijke en mannelijke in hem, die één zijn geworden (de energetische aanzet tot zijn dood). Zijn grijze haren wijzen op ouderdom (oude koning).

Uit: Alchymiæ Complementum et Perfectio, Samuel Norton (1630). Een illustratie van het Magnum Opus. De boomstam staat voor de wervelkolom. Centraal staat Hermes met zijn staf de caduceus (het symbool voor een kundalini-ontwaken). De rode en witte roos staan voor de twee polaire energiebanen.

Uit: Aurora Consurgens (15e eeuw). Deze illustratie geeft in beeldtaal drie aspecten van het alchemistische proces weer: zuivering, vereniging van de polariteiten, en het afleggen van het ego. De blauwe vrouw met slangenstaart is Sophia/de kundalini. Zij heeft de polariteiten (rode man en witte vrouw) verenigd (de zespuntige ster om haar hoofd), waarna een onthoofding (aflegging van het ego) heeft plaats-gevonden. Ook het vuur onder de glazen kolf staat voor Sophia/de kundalini. In de kolf zien we vier rozen, met vijf bloemblaadjes. De drie zwarte rozen staan voor het hart, hoofd en lichaam van de alchemist, die worden uitgezuiverd. De gouden roos staat voor zijn ziel.

Een 15e eeuwse alchemistische illustratie uit de Bibliotheek van het Vaticaan. De alchemist heeft het Magnum Opus voltooid. Zijn lichaam is bedekt met vijf-bladige rode rozen. De staf in zijn hand staat voor zijn wervel-kolom, met boven-aan de pijnappelklier. Hij heeft borsten: hij is nu androgyn.

Conclusie

Onze wervelkolom herbergt een groot Mysterie, waarover in het 15e eeuwse katholieke Italië niet zomaar openlijk gesproken kon worden. De geheime kennis over het goddelijke in de mens vond ondergronds een weg naar, ironisch genoeg, een kaartspel voor de adel, dat een paar eeuwen later de Tarot zou gaan heten.

De kaart De Dood staat voor innerlijk sterven, en verrijzen als nieuwe mens. Over deze ‘opgestane’ mens heeft ‘de tweede dood’ (de fysieke dood) geen macht, lezen we in het Bijbelboek Openbaring:

Zalig en heilig is hij die deelheeft aan de eerste opstanding. Over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen regeren, duizend jaar lang.
(Openbaring 20:6)

Uit: Emblemata moralia & bellica, Jacob de Heyden (1615). De ladder staat voor de wervelkolom en de treden voor de zeven chakra’s. Opklimmen tot God betekent gesnoeid en onthoofd (de scène op de achtergrond) worden.

Golden Dawn Magical Tarot (Sandra Tabatha Cicero and Chic Cicero, 2001)

Heldere symboliek: de wervelkolom van de dood loopt over in een slang.

Sun and Moon Tarot (Vanessa Decort, 2010)

De feniks staat in de alchemie voor de nieuwe, wedergeboren mens, die verrijst uit de as van zijn, door het kundalini-vuur verbrandde, oude zelf.

Dreams of Gaia Tarot (Ravynne Phelan, 2017)

The Raziel Tarot (Robert M. Place, 2016)

Mozes sterft op de drempel van het Beloofde Land. Dit is een Bijbelse metafoor voor het ego (Mozes) dat moet sterven om het Koninkrijk van God binnen te kunnen gaan. Ik schrijf hierover in mijn boek Kundalini-ontwaken.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright april 2020.

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-01-10T11:22:36+00:00april 8th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 13. De Dood

Tarot 12. De Gehangene

12. De Gehangene

De Gehangene is een mysterieuze kaart, die door de eeuwen heen nauwelijks is veranderd. We zien een man opgehangen aan één been, die vrede lijkt te hebben met zijn lot. Hij kijkt gelaten, en op sommige kaarten bijna opgewekt. Dit verwarrende beeld roept vragen op. Hoe is hij terecht gekomen in deze penibele situatie; heeft hij iets misdaan? En hoe komt het dat zijn gezichtsuitdrukking in deze benarde, uitzichtloze omstandigheden toch zo sereen is?

De Visconti-Sforza Gehangene

Deze oudste bewaard gebleven kaart van de Gehangene, uit de 15e eeuw, geeft meteen al een belangrijke aanwijzing hoe we de symboliek ervan moeten interpreteren. Dit is opmerkelijk, want op de meeste Visconti-kaarten is de esoterische betekenis verborgen in subtiele details, die zich pas laten begrijpen als tarotkaarten uit latere eeuwen ernaast worden gelegd.

Je moet deze kaart wel eerst even groot op je scherm bekijken, want dit keer is de diepere betekenis niet verborgen door de hand van de kunstenaar, maar door de invloed van de tand des tijds. Van dichtbij is te zien dat er vuurvlammen komen uit het bovenlichaam van de Gehangene. Dit is het kundalini-vuur dat is ontwaakt, en dat nu zijn lichaam, hoofd (denken) en hart (gevoelsleven) uitzuivert (de kleur wit van zijn blouse). De lange rij knopen op de blouse verwijst naar zijn wervelkolom die ‘in brand’ staat.

Met deze interpretatie vallen ook de puzzelstukjes van de overige symboliek op zijn plaats. Staan op één been betekent geworteld zijn in de eenheid het goddelijke (zie voorbeelden hieronder). Doordat de man ondersteboven hangt, is één been ook nog eens naar de hemel gericht, hetgeen de symboliek versterkt.

Staan op één been verwijst naar Godsrealisatie.

Links: De Keizer uit de Tarot van Marseille (Jacques Vieville, 1650)

Rechts: De Wereld uit de Tarot van Marseille (anoniem, 17e eeuw)

Het hoofd van de Visconti-Gehangene raakt de blauwkleurige bergen op de achtergrond. Een berg is een universeel symbool voor een bewustzijnsverruiming (op een berg ben je dichter bij God), en blauw verwijst naar het hemelse/goddelijke. Het houten frame waaraan de man hangt roept associaties op met een deur; een symbool voor een overgang/transformatie naar iets nieuws.

De Gehangene bevindt zich in een proces van Godsrealisatie. Ook zijn blonde haren passen bij deze uitleg. Dit transformatieproces vraagt om verstilling. De levensenergie vloeit niet langer af naar de buitenwereld, maar wordt naar binnen gericht. De gelaten gezichtsuitdrukking van de man wijst op een staat van onthechting en overgave.

De Visconti-Sforza Gehangene (15e eeuw)

Een Tummo-yogi (Tibetaans boeddhisme)

Estensi Tarot (eind 15e eeuw)

De Estensi (Karel VI) Tarot

Een tweede handgeschilderde kaart uit de 15e eeuw, die behouden is gebleven, komt uit de Estensi Tarot, ook wel genoemd de Karel VI Tarot (naar keizer Karel VI). Deze Gehangene heeft twee gevulde zakken in zijn handen. De inhoud ervan is niet geheel duidelijk; is het goud zoals de meeste tarotonderzoekers veronderstellen? Waar deze zakken voor staan blijkt uit twee andere kaarten uit ongeveer dezelfde tijd, die wij alleen kennen van ongesneden drukvellen: de zogenaamde Rothshield Sheet en de Rosenwald Sheet (hieronder). Van deze allereerste gedrukte tarotkaarten zijn helaas geen gekleurde originelen bewaard gebleven.

Bij een kundalini-ontwaken zijn drie energiebanen betrokken, die langs en door de wervelkolom stromen (zie de illustratie van de Tibetaanse yogi hierboven). De buitenste twee energiebanen vormen de energetische blauwdruk van de dualiteit in onze innerlijke wereld. Deze energiebanen worden tijdens het proces van spiritueel ontwaken in balans gebracht, waarna ze versmelten ter hoogte van het zesde chakra (de pijnappelklier).

Op de Rosenwald tarotkaart houdt de Gevangene de twee zakken precies voor de twee verticale houten stijlen, links en rechts van de man. Hiermee wordt tot uitdrukking gebracht dat de twee energiebanen die langs zijn wervelkolom stromen in balans zijn gebracht.

Op de Rothshield tarotkaart worden deze energiebanen ook nog eens gesymboliseerd door de twee wapperende linten van het koord waarmee zijn been is vastgebonden. Soortgelijke symboliek vinden we tevens terug op illustraties uit de alchemie (zie hieronder).

Rosenwald Sheet
(ongesneden, ongekleurd
drukvel, rond 1500)

Rothschild Sheet
(ongesneden, ongekleurd drukvel, rond 1500)

Een illustratie uit het alchemistische manuscript Splendor Solis (16e eeuw). De kolf staat voor de alchemist zelf. Zijn zeven chakra’s worden uitgezuiverd door de zevenkoppige kundalini-slang. De twee wapperende linten staan, net als de twee gekruiste stukken hout onder de kolf, voor de twee energiebanen die versmelten ter hoogte van de pijnappelklier (de knoop).

Het haar van de man op de Estensi-kaart is rood-bruin van kleur en heeft de vorm van een vlam. Dit is een verwijzing naar het kundalini-vuur dat in hem brandt. Ook de rode-gele onderkant van zijn tuniek lijkt op vuur.

De lichaamshouding van de Estensi Gehangene vinden we terug op een alchemistische afbeelding (rechts) uit ongeveer dezelfde tijd. Op deze illustratie wordt de fase van ‘destillatie/evaporatie’ uitgedrukt in beeldtaal. Op de bodem van de kolf zien we de alchemist in gebed (gericht op God). Zijn inspanningen werpen vruchten af: de opstijgende figuur symboliseert zijn spirituele ascentie.

De houding van zijn armen staat voor de bereikte balans tussen de innerlijke polariteiten (dualiteit). Eén been omhoog staat voor de versmelting van deze polariteiten. Deze interpretatie wordt bevestigd door de pauw ernaast, die op één poot staat. In de alchemie staat een pauw voor het bereiken van een bepaalde fase in het Magnum Opus (proces van Godsrealisatie).

Alchemistische illustratie
(Wellcome Institute Library, London (ms. 29, Fol. 40))

Links: de alchemist die het Magnum Opus heeft voltooid. De balans-symboliek van de armpositie wordt versterkt door het teken van het heilige huwelijk (2=1) dat beide handen maken (wit omcirkeld). De symbolen van de zes planeten, op de cirkel, staan voor de zes chakra’s die gezuiverd en geactiveerd zijn door het kundalini-vuur. De haren van de man verwijzen naar dit vuur. Een cirkel met in het midden een punt staat in de alchemie voor de zon/goud/Godsrealisatie. (Andreas Libavius, 16e eeuw).

De Tarot van Marseille

Ook de Tarot van Marseille geeft ons diverse aanwijzingen dat de Gehangene niet zomaar een afbeelding is van een martelaar of verrader die een straf moet ondergaan, maar dat de kaart staat voor een fase in het spirituele proces van ontwaken.

Op de kaarten van Jacques Viéville (circa 1650), Jean Dodal (circa 1700) en Francois Chosson (1736) is de nummering in spiegelbeeld gedrukt. Dit zou een vergissing kunnen zijn, maar het zou ook een aanwijzing kunnen zijn dat we de kaarten moeten omdraaien om de symboliek ervan te begrijpen. Omgekeerd wordt de man op de kaart iemand die aan het opstijgen is (spirituele ascentie). Op de kaart van Nicolas Bodet uit België (1739) staat zowel het cijfer als de naam verkeerd om. Dit maakt opzet nog aannemelijker.

Tarot van Marseille,
versie Jacques Vieville (1650)

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1701-1715)

Tarot van Marseille,
versie Francois Chosson (1736)

Nicolas Bodet Tarot
(België, 1739)

Bij de drie Franse kaarten zijn van elke verticale boomstam precies zes takken afgezaagd. De stompen, die een andere kleur hebben dan de stammen, om ze meer op te laten vallen, staan voor de zes chakra’s van de Gehangene, die zijn uitgezuiverd (‘gesnoeid’) door de kundalini-energie.

Bij drie van de bovenstaande vier kaarten zitten de armen van de man op zijn rug, en komen zijn vingertoppen boven zijn schouders uit. Een merkwaardige, onnatuurlijke houding die tarotonderzoekers intrigeert: hoe moet dit worden geïnterpreteerd? Ik denk dat deze vingers een foutje zijn in het ontwerp: ze zitten precies op de plaats waar we op de Visconti-kaart vuurvlammen zien. De vingers moeten eigenlijk vlammen zijn.

Dodal en Chosson hebben de broek van de Gehangene op de plaats van het kruis wit gelaten. Dit is een verwijzing naar de zuivering en sublimatie (transformatie) van de seksuele energieën. Op alle kaarten vormen de benen van de man een kruis: een symbool voor de versmelting van de tegenstellingen.

De Gehangene op de kaart van Dodal kijkt scheel. Dit kan een slordigheidje zijn, maar het zou ook een verwijzing kunnen zijn naar de opening van het ‘derde oog’ (het zesde chakra) bij een kundalini-ontwaken. Soortgelijke symboliek vinden we in de Noorse mythes.

Om Wijsheid (Sophia) te verkrijgen offert de Noorse oppergod Odin zichzelf door zich aan de (kundalini-)boom Yggdrasil op te hangen. Dit symboliseert de dood van het ego, of de oude mens, als gevolg van een kundalini-ontwaken. Voor ditzelfde doel offert hij ook een van zijn ogen, waardoor hij nog maar met één oog ziet. Dit verbeeldt de opening van zijn derde oog.

Links: De Noorse god Odin hangend
aan de wereldboom Yggdrasil.

De Oswald Wirth Tarot

De Gehangene van Oswald Wirth (1889) heeft twee zakken met geld onder zijn armen geklemd: één met gouden en één met zilveren munten. Dit is een nieuw ingebracht element op de kaart om de balans tussen de polariteiten uit te drukken. Net als goud en zilver staan in de alchemie ook de kleuren rood en wit voor de tegenstellingen. Deze twee kleuren zijn verenigd (eenwording) in de tuniek die de man draagt.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Het alchemistische
symbool voor zwavel

Uit: De Hermetische Triomf (anoniem, 1740).
Het Magnum Opus (oftewel: een kundalini-ontwaken) in alchemistische symbolen, inclusief het symbool voor zwavel.

Op de tuniek zijn tevens een wassende en een afnemende maan afgebeeld. Ook dit staat symbool voor de dualiteit, die versmolten is in de Gehangene. Zoals we eerder zagen, staan de twee verticale boomstammen voor de twee polaire energiebanen die langs de wervelkolom stromen. De dwarsbalk, die bovenop de verticale stammen ligt, staat voor het heilige huwelijk (de vereniging van de tegenstellingen), dat plaats vindt bij het zesde chakra. De Gehangene hangt aan deze dwarsbalk: hij ervaart de eenheid van het goddelijke.

Oswald Wirth heeft de armen van zijn Gehangene nadrukkelijker in de vorm van een driehoek geplaatst. Tezamen met het kruis dat de benen maken, ontstaat hiermee het symbool voor zwavel, dat in de alchemie staat voor het Magnum Opus. Het rossige haar van de man heeft de vorm van vuurvlammetjes.

Op de mozaïek van Châteaux des Avenières, die gebaseerd is op Wirth’s tarot, zien we een vogel met een menselijk hoofd wegvliegen van de Gehangene. Dit is een zogenaamde Ba-vogel die in het Oude Egypte stond voor de ‘essentie’ van de mens; voor datgene wat na de dood blijft voortleven. De mozaïek wil hiermee tot uitdrukking brengen dat de Gehangene, al tijdens zijn leven, van het stoffelijke/aardse is bevrijd.

Papyrus of Ani, New Kingdom, Dynasty XVIII, Collection of The British Museum.

Chateaux des Avenières (1917)

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De Rider-Waite-Smith Tarot

Pamela Colman-Smith heeft gekozen voor kleding in de kleuren rood (het mannelijke) en blauw (het vrouwelijke) om de versmelting van de tegenstellingen uit te drukken. Het aureool om het hoofd van de Gehangene geeft nog meer duidelijkheid over zijn innerlijke wereld: zijn kruinchakra is volledig geopend; zijn bewustzijn is ‘verlicht’. Het haar van de man is licht van kleur (zijn innerlijk is gezuiverd) en heeft, net als op de Estensi-kaart, de vorm van een vlam.

Een opmerkelijke verandering is het T-kruis waaraan de man hangt. De letter T wordt in het Hebreeuws Tav genoemd. De oorspronkelijke schrijfwijze van de Tav was een kruis met gelijke armen. De Tav is met veel mystiek omgeven. Als laatste letter van het Hebreeuwse alfabet staat hij voor voltooiing, en de oude schrijfwijze van een kruis verbindt de Tav met, onder andere, de kruisiging van Jezus.

Door de verticale boomstam achter de Gehangene verschijnt de symboliek van de ontwaakte wervelkolom. In veel tradities staat zowel een boom als een pilaar voor de wervelkolom met erin stromend de kundalini-energie. Het T-kruis is, als het ware, een combinatie van beiden. Hieronder drie voorbeelden waarbij een pilaar wordt gebruikt om te verwijzen naar een kundalini-ontwaken. De begroeiing aan het T-kruis op de RWS-kaart moet ons vertellen dat het hier gaat om ‘levend’ hout. Een extra aanwijzing dat de verticale stam staat voor de ontwaakte wervelkolom.

De hindoe-god Shiva

Een bijzondere afbeelding van het kathaarse sacrament het Consolamentum (tweede helft 13e eeuw, Bibliothèque nationale de France): de doop met de Heilige Geest door middel van handoplegging. De pilaar precies achter de naakte rug van de gedoopte, en de hand die omhoog wijst, moeten ons vertellen dat het hier gaat om het activeren van de kundalini-energie. Rechts op de afbeelding kijken twee Franciscaanse broeders vol ontzetting naar het ‘heidense’ ritueel.

Uit het manuscript Liber de arte distillandi simplicia et composita, van Hieronymus Brunschwig (1654). Het kundalini-proces (het verkrijgen van het Levens Elixer) uitgedrukt in alchemistische beelden. Herkenbaar zijn de drie pilaren (energie- banen) en hun onderlinge verband. De man en vrouw staan voor de dualiteit.

Conclusie

De Gehangene is geworteld in de eenheid van het goddelijke. In hem brandt het zuiverende kundalini-vuur. In zijn binnenwereld zijn de polariteiten in balans gebracht en versmolten. Op het fysieke niveau is hij misschien gebonden, maar innerlijk is hij volkomen vrij. Hij heeft een transformatieproces doorgemaakt en hij ervaart het leven nu vanuit een staat van onthechting en sereniteit.

Moon Dawn of Crystal Tarot (Masanori Miyamoto, 2000)

De kruisiging van Jezus wordt in de Bijbel, op het symbolische niveau, verbonden met een spiritueel proces van ontwaken, vergelijkbaar met het transformatieproces waar de kaart van de Gehangene voor staat. Hierover gaan alle vier mijn boeken.

Silver Witchcraft Tarot (Barbara Moore, Franco Rivolli, 2014)

Le Tarot de l’Ange Liberté (Myrrha, 2016)

De Gehangene-kaart staat voor een alchemistisch transformatieproces.

Lo Scarabeo Tarot (Mark McElroy, Anna Lazzarini, 2007)

De kaart van de Gehangene terug gebracht tot zijn essentie. Blauw is de kleur van het hemelse/goddelijke.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright maart 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-01-10T11:21:58+00:00maart 27th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 12. De Gehangene

Tarot 11. Kracht

11. Kracht

Een belangrijk aspect in het proces van spiritueel ontwaken is het overwinnen van onze dierlijke driften. Overwinnen is hier een belangrijk en zorgvuldig gekozen woord. De neiging om onze dierlijke impulsen te willen onderdrukken of ontkennen is verleidelijk, maar dit heeft een averechts effect in het spirituele proces. Onze taak is om meesterschap te verwerven. Wanneer de dierlijke oerkrachten zijn gezuiverd en gesublimeerd (getransformeerd), zullen ze ons helpen om het hogere te verwezenlijken. Dit is wat de tarotkaart Kracht ons laat zien.

In vrijwel alle spirituele tradities komt het thema van onze tweeledige natuur terug. Wij worden deels gestuurd door dierlijke instincten, onze lagere natuur genoemd, een logisch uitvloeisel van onze dierlijke afkomst. En wij hebben bij onze geboorte op aarde ook een goddelijk potentieel meegekregen. Deze tweedeling geeft een continu, innerlijk spanningsveld, of wij dit nu beseffen of niet. De impulsen van onze dierlijke instincten, die geworteld zijn in ons lichaam, staan vaak haaks op de verlangens van onze ziel, die verbonden is met het goddelijke.

Onze dierlijke driften zijn de voedingsbodem voor emoties als boosheid, angst, begeerte en jaloezie. Ze houden ons gevangen in het ego en de materie. De leeuw is een universele metafoor voor de krachten van ons gevoelsleven. Tarotkaart 11 laat zien hoe deze krachten overmeesterd worden door God de Moeder (de kundalini-energie) en gebruikt worden om de mens te verbinden met het Eeuwige.

De Visconti Tarot

De tarotkaart Kracht wordt meestal uitgelegd als een allegorie van de ‘kardinale’ deugd Fortitudo. Grote denkers als Plato, Aristoteles en Thomas van Aquino zijn gekomen tot vier belangrijke deugden die de mens zou moeten nastreven:

  1. Prudentia (Voorzichtigheid – verstandigheid – wijsheid)
  2. Iustitia (Rechtvaardigheid – rechtschapenheid)
  3. Fortitudo (Moed – sterkte)
  4. Temperantia (Gematigdheid – matigheid – zelfbeheersing)

Ze worden kardinaal genoemd omdat andere deugden op hun beurt weer kunnen steunen op deze vier.

Dat de Visconti Di Modrone kaart, uit de 15e eeuw (hiernaast), ook staat voor een spiritueel proces wordt duidelijk als we de details nader bestuderen. De mantel van de vrouw heeft een krullen-patroon, vergelijkbaar met de vacht van de leeuw. Deze mantel is gevoerd met wit (=gezuiverd) dierenbont. De haren van de vrouw hebben dezelfde kleur als die van de leeuw. Dit zijn drie aanwijzingen dat de krachten van de leeuw (het dierlijke) en de vrouw (het goddelijke) tezamen nu één krachtbron vormen.

De sublimatie (vergoddelijking) van de dierlijke energieën kunnen we afleiden uit de volgende details: de kroon, de gouden kleur van de leeuw, en de donkerblauwe kleur van de mantel van de vrouw. Donkerblauw (indigo) is de kleur van de zesde chakra, waar het heilige huwelijk plaatsvindt. De leeuw houdt één voorpoot omhoog; een verwijzing naar de ‘eenheid’ van het goddelijke.

Visconti Di Modrone Tarot (15e eeuw)

De gouden haren van de vrouw hangen op een vreemde manier in de lucht, ongehinderd door de zwaartekracht. Ze symboliseren de kundalini-energie die vanaf het bekken naar het hoofd stroomt. De vrouw houdt de bek van de leeuw open en zit op hem: ze heeft hem in haar macht.

De Visconti Di Mordone tarot sluit met deze kaart aan bij een reeds bestaand thema in de godeniconografie: godinnen staand of rijdend op een leeuw. Hieronder drie voorbeelden. De diepere betekenis hiervan komt overeen met de bovenstaande interpretatie van de tarot Kracht.

De Romeinse moedergodin Cybele

De hindoe-godin Durga.
Haar attributen verwijzen naar haar zuiverende werking in de mens.

De Akkadische godin Isjtar.
Haar jurk met zeven stroken verwijst naar de zeven chakra’s.

De Tarot van Marseille

De Tarot van Marseille (een verzamelnaam voor de tarotspellen van verschillende ontwerpers, gedurende een bepaalde tijdsperiode, in een specifiek geografisch gebied) benadrukt nog meer de mystieke eenheidservaring. De hoed op het hoofd van de vrouw is nu een combinatie van een kroon en een lemniscaat. Het symbool van de lemniscaat staat voor oneindigheid. Esoterisch wordt het gebruikt als een verwijzing naar de versmelting van de tegenpolen; de aardse dualiteit die versmelt tot de eenheid van het goddelijke. Ook onze hogere en lagere natuur zijn tegenpolen die hierbij één worden.

De Tarot van Marseille,
versie Jacques Viéville (1650)

De Tarot van Marseille,
versie Francois Chosson (1736)

Op deze houtsnede uit het alchemistische manuscript Azoth van Basilius Valentinus (1613) wordt het lemniscaat in verband gebracht met de versmelting van de tegenpolen zon en maan, alsmede de sublimatie van de dierlijke driften: een leeuw die een vogel – symbool voor het hogere – verzwelgt.

Een merkwaardig detail op sommige Marseille-kaarten is de blote voet van de vrouw. Op de kaart van Jacques Viéville, uit 1650, komt zelfs een geheel bloot onderbeen onder de jurk uit. Omdat de vrouw voor het overige volledig gekleed is, inclusief hoed, voel je dat dit een betekenis moet hebben. Op één been staan, of één been/voet laten zien verwijst naar de goddelijke eenheid. Dezelfde betekenis dus als de opgeheven voorpoot van de leeuw  Deze symboliek zien we ook terug bij de drie bovenstaande voorbeelden van godinnen uit diverse tradities.

Dat de vrouw en de leeuw één krachtbron vormen komt op de Jacques Veiville-kaart tot uiting door de staart van de leeuw die om de voet van de vrouw gekruld ligt. Bij de Francois Chosson-kaart is het hele achterlijf van de lijf verdwenen onder de mantel van de vrouw.

Bij latere tarot decks, zoals de Italiaanse Liguria-Piedmont uit 1840 (hiernaast), vormt de leeuw nog meer één geheel met de vrouw. Door de plaatsing van de leeuw ter hoogte van haar buik is het nog duidelijker waar het dier voor staat: de energieën van de emoties en het libido. Deze krachten worden door de vrouw (met haar handen) in bedwang gehouden.

Liguria-Piedmont Tarot (1840)

De hindoe-god Vishnoe (hier in zijn verschijningsvorm van de god met het leeuwenhoofd Narasimha) doodt de demon Hiranyakashipu. Uit de enscenering wordt duidelijk waar deze demon voor staat: de energieën van de (onder)buik. De slangenkoppen boven het leeuwenhoofd staan voor de sublimatie van deze dierlijke driften door de kundalini-energie.

De occultisten

Oswald Wirth heeft niet veel aan de kaart veranderd. De manen van zijn leeuw zijn vuurrood, een verwijzing naar de brandende verlangens en emoties waar de leeuw voor staat. Ook de lange tong van het dier lijkt op een grote vuurvlam.

De mozaïek van Châteaux des Avenières, die gebaseerd is op Wirth’s tarot, heeft ter verduidelijking van de overige symboliek drie elementen toegevoegd:  een vuurspuwende vulkaan, een plas met water met een stromend beekje, en een boom met een slang erin. Dit zijn alle drie klassieke metaforen voor een kundalini-ontwaken. Ze zijn op de mozaïek met elkaar verbonden (de vulkaan wordt weerspiegeld in de bron); een bevestiging dat ze staan voor hetzelfde.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Boven: Een illustratie uit het anonieme, alchemistische manuscript Clavis Artis (begin 18e eeuw). Een leeuw die een (kundalini-)slang opeet is een metafoor voor de sublimatie van de dierlijke driften. De opgeheven staart van de leeuw versterkt de symboliek.

Rechts: Uit het alchemistische manuscript Atalanta Fugiens van Michael Maier (1617). De leeuw draagt een lauwerkrans, een symbool voor overwinning. Op de achtergrond staat een vuurspuwende (kundalini-)vulkaan.

Chateaux des Avenières (1917)

Een subtiele verandering is dat op de mozaïek van Châteaux des Avenières de vrouw de bek van de leeuw met zachte hand lijkt te sluiten, terwijl op alle kaarten uit de voorgaande eeuwen een tegenovergestelde actie plaatsvindt: de bek van de leeuw wordt juist open gehouden. Voor de betekenis van de kaart maakt dit geen groot verschil. In beide gevallen heeft de vrouw het dier onder controle en ze (de twee krachtbronnen) zijn verbonden. Het sluiten van de bek geeft de extra dimensie van het tot bedaren brengen van de innerlijke roerselen.

Dit tot rust brengen van de leeuw zien we ook terug op de kaart van Rider-Waite-Smith (hiernaast). Arthur Waite heeft Kracht geruild met de positie van de kaart Gerechtigheid, waardoor Kracht in zijn deck nummer 8 heeft.

De vrouw draagt een witte jurk, een verwijzing naar de zuiverheid van het goddelijke, waar zij voor staat. Ze is verbonden met de leeuw door een lange bloemenkrans, die zowel om haar middel zit als om de hals van het dier. Dit moet ons vertellen dat ze samen één krachtbron vormen.

De keuze van een bloemenkrans – en niet bijvoorbeeld een touw – betekent dat de vrouw haar macht uitoefent met zachtheid en liefde (de rode rozen). De plaatsing van de krans om haar middel verwijst naar het onder controle hebben van de emoties en het libido (waar de leeuw voor staat).

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De leeuw is opvallend oranje van kleur. Dit zou een verwijzing kunnen zijn naar het tweede chakra, dat verbonden is met de seksuele driften. De bloemenkrans om het hoofd van de vrouw is een universeel symbool voor een geopend kruinchakra. We zien dit ook terug in, bijvoorbeeld, de christelijke heiligen-iconografie. Deze kaart laat hiermee zien dat de dierlijke energieën zijn uitgezuiverd en naar de kruin gebracht. De RWS-kaart Bekers Twee (rechts) staat voor hetzelfde.

Conclusie

De tarotkaart Kracht geeft een inkijkje in de innerlijke wereld van de spiritueel ontwaakte mens. Wij worden geboren in een lichaam met dierlijke instincten, maar we krijgen ook een goddelijk potentieel mee. Gedurende ons hele leven strijden het hogere en het lagere in ons om de macht. De ene keer zijn we wat egoïstischer (dierlijk), de andere keer weer wat altruïstischer (goddelijk).

Onze spirituele opdracht is het overwinnen van onze dierlijke impulsen (op deze tarotkaart gesymboliseerd door de leeuw) en ons goddelijke potentieel te realiseren. De zuivering en sublimatie die hiervoor nodig zijn, kunnen wij niet alleen tot stand brengen. De kundalini-energie in ons bekken is de regisseuse en de werkende kracht in dit proces. Zij wordt gepersonifieerd door de vrouw op de kaart. Onze taak is om haar werk te ondersteunen met de juiste leefwijze: zuiverheid in denken en doen, en onze wilskracht gebruiken om steeds opnieuw te kiezen voor het goddelijke.

RWS Bekers Twee

De kaart Kracht laat zien dat hoe dit de weg opent naar de versmelting van de hogere en lagere energieën tot één krachtbron, die ons transformeert en (her)verbindt met het Eeuwige.

Links: deze illustratie laat hetzelfde zien als de tarotkaart Kracht, met andere symboliek. De yogi heeft zijn dierlijke driften overwonnen (hij zit op een tijgervel) en van de lagere chakra’s naar de hogere chakra’s gebracht (de kleur oranje van de tijger is ook te zien op zijn voorhoofd). In zijn innerlijke wereld is het rustig en vredig (hij zit in meditatie). Zijn blauwe kleur verwijst naar de vergoddelijking van alles wat aards was in hem. De weg omhoog van de ontwaakte kundalini-energie, langs de chakra’s, is schematisch weergegeven. Zijn kruinchakra is volledig geopend. Zijn hart is ontwaakt (het hartchakra achter hem).

Wonderland Tarot (Morgana Abbey, 1989)

De eenhoorn met zijn witte kleur en hoorn ter hoogte van het zesde chakra is een universeel symbool voor de gezuiverde en gesublimeerde dierlijke energieën (de leeuw).

Ancient Egyptian Tarot (Clive Barrett, 1994)

De Egyptische godin Sekhmet is een verschijningsvorm van God de Moeder. De oerkrachten van de leeuw zijn naar het hoofd gebracht. Haar staf met bovenaan het ‘Seth-beest’ staat voor de wervelkolom, waardoor de gezuiverde dierlijke energieën omhoog stromen.

Rumi Tarot (Nigel Jackson, 2009)

Achter de vrouw staat een leeuw op een pilaar. Een pilaar is een universeel symbool voor de wervelkolom met erin stromend de kundalini-energie.

The Bonestone and Earthflesh Tarot (Avalon Cameron, 2017)

Mooi in beeld gebracht is de innerlijke focus en wilskracht die nodig zijn om de dierlijke impulsen te overwinnen. Achter het meisje zien we een olifant met geheven slurf. Dit symboliseert de sublimatie van het dierlijke. De staande cobra op de voorgrond versterkt dit beeld.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright maart 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

Lees ook het artikel:
De brullende leeuw in jezelf de baas!

De brullende leeuw in jezelf de baas
Lees artikel
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-01-10T11:21:23+00:00maart 9th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 11. Kracht

Tarot 10. Het Rad van Fortuin

10. Het Rad van Fortuin

De tarot is ontworpen als een beeldenreeks die verwijst naar spiritueel ontwaken. Iedere kaart afzonderlijk licht een aspect toe van het proces van Godsrealisatie, aangestuurd door de kundalini-energie in ons bekken. Verrassend genoeg, ook de kaart Het Rad van Fortuin.

Traditionele betekenis

Traditioneel staat het rad van fortuin voor de instabiliteit van voorspoed en maatschappelijk succes; alles wat je hebt bereikt in het leven kan je zo weer verliezen. De oudste afbeeldingen van een rad van fortuin stammen uit de vroege middeleeuwen. In de meeste gevallen zien we de Romeinse godin Fortuna (Tyche bij de Oude Grieken) die aan een groot wiel (Rota Fortunae) draait, waaraan meerdere personen zich hebben vastgeklampt. Door de draaiing is er een constante dynamiek van veranderende posities: sommigen zijn op weg omhoog, anderen zijn op weg naar beneden. Aan de bovenkant van het wiel bevindt zich – tijdelijk! – de grote geluksvogel: de koning of een andere machthebber. Soms is Fortuna geblinddoekt. Dit is een verwijzing naar haar willekeur: zij lijkt zonder aanziens des persoons voorspoed en tegenslag uit te delen.

Een Rad van Fortuin uit:
Troy Book van John Lydgate (15e eeuw)

De Visconti Tarot (15e eeuw)

De Visconti Tarot

Op de allereerste Rad van Fortuin-kaart, die van de 15e eeuwse Visconti tarot, heeft zowel de persoon die omhoog beweegt aan het wiel, als degene die zich bovenaan bevindt, een paar ezelsoren. De ontwerpers van de kaart willen ons hiermee duidelijk maken dat degenen die zich bezig houden met status, macht en geld, grote ezels zijn. Deze wereldse zaken zijn vluchtig, en je bent overgeleverd aan de grillen van Vrouwe Fortuna, zoals het beeld van het rad van fortuin laat zien. Van blijvende waarde is innerlijke rijkdom, verkregen door een op God gericht leven.

De Tarot van Marseille en familie

Vanaf de 16e eeuw staat het ronddraaiende wiel op tarotkaart het Rad van Fortuin voor de spiraalbeweging van de kundalini-energie. De beweging omhoog staat voor spirituele ascentie: groeien in bewustzijn van het materiele/dierlijke naar het goddelijke. De beweging naar beneden staat voor spiritueel afglijden: de weg terug naar een onbewust, ‘dierlijk’ leven.

Tarot van Marseille
(Payen-Webb, 18e eeuw)