Over Anne-Marie Wegh

De auteur van dit boek, Anne-Marie Wegh, woont en werkt in de veertiende-eeuwse Sint Bonifatiuskerk in Horssen. Hier begeleidt zij onder andere retraites. In haar boeken combineert zij haar kennis van beeldtaal in het algemeen en haar eigen spirituele ervaringen met de beeldtaal van de bijbel en die van andere wereldreligies.

Tarot 21. De Wereld

21. De Wereld

Het thema van deze tarotkaart heet in de alchemie ‘de bekroning van de natuur’: het goddelijke regeert over de materie; de vervolmaking van de schepping. Vertaald naar de mens, heeft deze ‘de wereld’ en het beest in zichzelf overwonnen.

De goddelijke kracht werkzaam in het spirituele transformatieproces dat nodig is hiervoor wordt in de alchemie gepersonifieerd door, onder andere, Sophia (Wijsheid) en de god Mercurius met zijn slangenstaf de caduceus. Het christendom spreekt over de Heilige Geest en de yogi noemt het de kundalini-shakti.

Uit ‘De Bekroning van de Natuur’ (Coronatio Naturae); een alchemistische serie van 67 illustraties, uit de eerste helft van de 17e eeuw:

De duif van de Heilige Geest daalt neer (de kundalini stijgt op) en begint aan een zuiveringsproces in de mens.

De fase van de vereniging van de polariteiten. De (kundalini-)slang die in zijn eigen staart bijt (oeroboeros) staat voor deze innerlijke eenwording.

Het Magnum Opus is voltooid. De alchemist wordt gekroond door Sophia.

De tarot in de 15e eeuw

Op beide onderstaande 15e eeuwse tarotkaarten – uit het Visconti Di Modrone deck en het Charles VI deck – zien we Sophia die regeert over de wereld. Hoe weten we dat dit Sophia is? Op de Visconti Di Modrone kaart (linksonder) zien we een vrouw die zich bevindt in de lucht; dit geeft haar een ‘hemelse’ status. In haar linkerhand heeft zij een kroon en in haar rechterhand een trompet met vleugels. De vorige tarotkaart Het Oordeel heeft ons geleerd dat een trompet bespeeld door een engel of goddelijke figuur (Mercurius, bijvoorbeeld) een metafoor is voor de stroming van de kundalini-energie door de wervelkolom.

Op de Visconti kaart is de trompet niet alleen in handen van een ‘hemelse figuur’, maar heeft ook vleugels. Deze staan voor de voltooiing van het proces van kundalini-ontwaken, vergelijkbaar met de vleugels bovenaan de staf van Mercurius/Hermes (rechts).

De caduceus, de staf van de god Mercurius/Hermes.

Visconti Di Modrone Tarot (15e eeuw)

Boven het hoofd van Sophia zweeft de duif van de Heilige Geest. De trompet is van zilver en goud: een verwijzing naar de versmelting van de polariteiten. Illustratie uit David Joris’s Wonder Boeck, 1542.

Naast de Visconti kaart zien we een alchemistische afbeelding van Sophia (rechtsboven) met een aantal attributen die verwijzen naar de werking van de kundalini-energie, waaronder een grote S-vormige trompet. De S-vorm zorgt ervoor dat de lucht die er doorheen stroomt de spiraalbeweging van de kundalini heeft. Sophia zweeft boven een aardbol met een grote slang er doorheen. Deze (kundalini-)slang ligt ook langs de wervelkolom van het skelet (de ‘aan zichzelf’ gestorven mens, de dood van het ego) op de voorgrond.

Op de onderste helft van de Visconti kaart staat een ruiter op een paard centraal. Deze man of vrouw draagt een witte tuniek en een rode broek. Wit en rood zijn de kleuren die in de alchemie staan voor de polariteiten/dualiteit. De kleur wit van het paard verwijst naar de uitzuivering van de dierlijke natuur.

Boven het landschap met de ruiter, kastelen, waterpartijen en boten, prijkt een gouden kroon, symbool voor ‘de bekroning van de schepping’.

De kaart van het Charles VI, of Estensi, deck (rechts) bevat een extra element dat ons op het spoor zet van Sophia. De vrouw op de kaart heeft een zwarte aureool, hetgeen betekent dat zij staat voor een van de vier kardinale deugden: Prudentia (Voorzichtigheid, Wijsheid), Justitia (Gerechtigheid), Fortitudo (Kracht), en Temperantia (Gematigdheid).

De enige van de vier deugden die nog ontbreekt in dit tarot deck is Prudentia; dit is Latijn voor wijsheid. Het Griekse woord voor wijsheid is Sophia. In de Bijbel is Wijsheid/Sophia de benaming voor de kundalini-energie. Voor een onderbouwing van deze stelling zie mijn boek over Maria Magdalena.

In de eeuwen dat er nog niet hardop gesproken kon worden over ‘heidense’ spiritualiteit, verwerkten kunstenaars alchemistische en andere verboden esoterische kennis volop in hun schilderijen. Voor wie er oog voor heeft, zijn er in alle musea en kerken kunstwerken te vinden met verwijzingen naar het proces van kundalini-ontwaken. Hieronder twee illustraties van Prudentia waarin kundalini-symboliek is verwerkt. De slang is een vast attribuut van Prudentia.

Charles VI, of Estensi, deck, eind 15e eeuw.

Prudentia, Marcantonio Raimondi,
1510 – 1527, Rijksmuseum.

Prudentia, Jacob Matham, naar Hendrick Goltzius,
1e helft 17e eeuw, Rijksmuseum.

Een ander element op de Charles VI kaart dat verwijst naar een kundalini-ontwaken is de groene cirkel om het landschap van bergen en gebouwen. De extra brede rand is een verwijzing naar de dubbele cirkel, die in de alchemie, zoals we zagen bij kaart nr 19 De Zon en kaart nr 20 Het Oordeel, symbool staat voor de versmelting van de polariteiten.

Rechts: de dubbele cirkel is een alchemistisch symbool dat staat voor de versmelting van de polariteiten. (Afbeelding van de ‘Steen der Filosofen’ uit ‘De Tiende Sleutel’, Basilius Valentinus, 1599)

De bergen op de Charles VI kaart staan voor een verruimd bewustzijn en de rode kasteelachtige gebouwen verwijzen naar het Koninkrijk van God. De kleur rood staat in de alchemie voor het voltooide Magnum Opus (proces van Godsrealisatie). De cirkel met landschap en vrouw bevinden zich in de wolken. Een bevestiging van de bovenstaande interpretatie.

Deze illustratie van het Magnum Opus bevat drie verwijzingen naar de versmelting van de polariteiten: androgynie (zowel man als vrouw), de witte en de rode vleugel, en de dubbele cirkel met één rand van goud en één van zilver. In het midden van de cirkel zien we, net als op tarotkaart De Wereld, een landschap. (Splendor Solis, embleem 9, 1582.)

Links en boven (detail): op deze alchemistische illustratie van Sophia zien we in haar buik het goddelijk kind (‘figura divina‘). Dit is het wedergeboren zelf van de alchemist. (Uit: Gemma Sapientiae et Prudentiae, 18de eeuw)

De eerste gedrukte tarotkaarten

Van de allereerste gedrukte tarot decks zijn alleen enkele ongekleurde, ongesneden drukvellen bewaard gebleven. Een ervan is het Rothshield sheet uit circa 1500 (rechts). Hierop is Sophia vervangen voor de god Mercurius. De scepter en rijksappel in zijn handen moeten ons vertellen dat hij regeert over de wereld, die hier wordt verbeeld door een dubbele cirkel met zegekrans en de vier elementen erin.

Deze vier elementen kunnen ook worden vertaald naar de vier aspecten van de mens. Het element aarde staat dan voor het lichaam met de dierlijke instincten; het element water voor de emoties; het element lucht voor het denken, en het element vuur voor onze spirituele kern, of ziel.

De keuze van Mercurius voor de het Rothshield deck was blijkbaar geen eenmalige bevlieging, want een eeuw later vinden we hetzelfde tafereel op de Tarot van Bologna (helemaal rechts). De scepter is nu vervangen voor het vaste attribuut van Mercurius: de caduceus.

Rothshild sheet, circa 1500.

Tarot van Bologna, 1600.

In de alchemie staan Sophia en Mercurius voor respectievelijk de vrouwelijke en mannelijk pool van het goddelijke. Gezamenlijk zijn zij verantwoordelijk zijn voor het transformerende (kundalini-)vuur in het proces van het Magnum Opus. Op de illustratie linksonder houden Mercurius en Sophia beiden een fakkel onder de kolf van de alchemist (die staat voor de alchemist zelf).

Les Rudiments de la Philosophie Naturelle, Nicolas de Locques, 1665.

Een alchemistische illustratie van Sophia/Wijsheid. Op de door ‘Jungfrau’ Sophia gedragen kroon zien we het scheikundige symbool voor Mercurius, dat op deze afbeelding de door de alchemisten begeerde ‘Steen der Wijzen’ (‘Der Stein der Weisen’) wordt genoemd. (Geheime Figuren der Rosenkreuzer, vóór 1785)

De Tarot van Marseille

De Tarot van Marseille is een verzamelnaam voor tarot decks uit een bepaald gebied in een bepaalde tijdsperiode. De kaarten zijn herkenbaar aan een gezamenlijke stijl, maar iedere ontwerper was vrij om de details van een kaart op zijn eigen manier uit te werken. Juist deze onderlinge verschillen kunnen vaak helpen de symboliek van de kaarten te duiden.

Hiernaast zien we de (waarschijnlijk) oudste Tarot de Marseille kaart van De Wereld. De leeftijd wordt geschat op circa 1600. We zien een naakte vrouw (er is nog één borst zichtbaar) met een mantel om en een amandelvormige zegekrans om haar heen. In de hoeken van de kaart zijn afgebeeld, met de klok mee: een engel, een adelaar, een leeuw en een stier. Deze komen uit het visioen van de profeet Ezechiël uit het Oude Testament, waarin vier levende wezens worden beschreven met vier gezichten: een mens, een adelaar, een leeuw en een os. (Ezechiël 1: 5-15)

In het boek Openbaring ziet de apostel Johannes in zijn visioen dezelfde wezens om de troon van God heen:

“En vóór de troon was een glazen zee, als kristal. En in het midden van de troon en om de troon heen waren vier dieren, vol ogen van voren en van achteren. En het eerste dier leek op een leeuw, het tweede dier leek op een kalf, het derde dier had het gezicht als van een mens, en het vierde dier leek op een vliegende arend. En de vier dieren hadden elk voor zich zes vleugels rondom, en vanbinnen waren die vol ogen.”  (Openb. 4:6-8)

Tarot van Marseille, circa 1600.

Het wezen met de vier gezichten uit het visioen van Ezechiël.

In de christelijke traditie zijn deze dieren symbool gaan staan voor de vier evangelisten, en zo worden ze op tarotkaart De Wereld ook meestal geduid. De betekenis gaat echter veel dieper. Ezechiël geeft een belangrijke aanwijzing: wat hij ziet zijn wezens met vier gezichten. Deze vier gezichten staan voor de vier aspecten van de mens: het denken (arend), het gevoelsleven/de emoties (leeuw), het lichaam met dierlijke instincten (os), en de ziel (gezicht van mens). Het zijn deze ‘lagen’ van de mens die worden getransformeerd tijdens het proces van spiritueel ontwaken. Hoofd (denken), hart (gevoelens) en buik (instincten) moeten worden bevrijd van de dierlijke driften die ieder mens bezit.

Overigens zien beide profeten een gezicht van een mens en niet van een engel. Dat in de iconografie, en ook op deze tarotkaart, meestal een engel wordt afgebeeld, naast een arend, een stier, en een leeuw, komt waarschijnlijk door de vleugels die de wezens in de twee visioenen allemaal hebben.

De amandelvorm van de zegekrans op de Tarot van Marseille kaart is een verwijzing naar de vesica piscis: een universeel symbool voor de versmelting van de tegenstellingen/dualiteit. De amandelvorm is ook in de christelijke kunst uit die tijd toegepast om heimelijk te communiceren dat Jezus een kundalini-ontwaken had doorgemaakt.

Op het fresco hieronder maakt Jezus het teken van het heilige huwelijk (2 vingers tegen elkaar, 2=1). Dit teken is geplaatst precies op de amandelvormige lijnen. Ook de achtpuntige sterren om Jezus heen zijn een symbool voor de kundalini-energie. Klik hier voor meer schilderijen waarin de vesica piscis verhuld is verwerkt.

Vesica Piscis

Christus in Majesteit, fresco uit Santa Maria de Mur, Spanje, midden 12e eeuw.

Tarot van Marseille,
versie Jacques Viéville, 1650.

Jacques Viéville (links) heeft een mannelijke figuur centraal gesteld op zijn kaart. De scepter in zijn hand, die symbool staat voor de wervelkolom met erin stromend de kundalini-energie, is toepasselijk geplaatst ter hoogte van zijn kruis/bekken.

De kleuren rood en blauw van zijn mantel, zijn de klassieke kleuren voor respectievelijk het mannelijke en het vrouwelijke, en verwijzen naar de versmelting van de tegenstellingen. Het aureool staat voor een geopend kruinchakra: het kundalini-proces is voltooid. Zijn naaktheid symboliseert vergoddelijking.

Dat de dieren om hem heen verwijzen naar het overwinnen van zijn dierlijke driften wordt nog duidelijker als we de kaart van het Etteilla III deck, uit 1870, ernaast leggen (linksonder).

De man op de Etteilla-kaart heeft een knuppel in plaats van een scepter in zijn hand. We mogen gerust aannemen dat hij deze heeft gebruikt om de vier dieren op deze kaart, die zich in zijn innerlijk bevinden, te overwinnen. De oeroboeros om hem heen is een symbool van innerlijke eenwording, net als de vesica piscis.

Etteilla III Tarot, 1870.
Etteilla gebruikte andere benamingen en een afwijkende nummering voor zijn deck.

De Allerheiligste Drievuldigheid, Maarten van Heemskerck,
Rijksmuseum, 1550-1599.

Het overwinnen van de dierlijke driften is ook verwerkt in een opmerkelijk en veelzeggend schilderij van Christus (rechtsboven). Hij zit boven op de dieren die in de iconografie voor de evangelisten staan. Een ongebruikelijk tafereel. De stier, die van de drie dieren specifiek symbool staat voor de seksuele driften, is door de kunstenaar geplaatst tussen de benen van Jezus. De rode kleur van de stier versterkt zijn symbolische betekenis. Een engel houdt twee vingers van de linkerhand van Jezus vast: het teken van het heilige huwelijk dat staat voor de versmelting van de tegenstellingen.

Francois Chosson heeft voor zijn kaart De Wereld (rechts) gekozen voor een vrouw, en dit is het beeld gebleven voor de meeste decks in de eeuwen die volgden.

Deze vrouw kan op twee niveaus worden geduid. Je kunt haar zien als de ziel (die meestal wordt gezien als vrouwelijk) van de mens die de wereld en zichzelf heeft overwonnen. Zij is ook Sophia, God de Moeder, de kundalini-shakti; de werkzame kracht die in de mens het transformatieproces tot stand heeft gebracht.

De vrouw heeft in beide handen een stokje. Dit zijn de twee tegenpolen waaruit de hele schepping is opgebouwd (licht/donker, het goede/het kwade, man/vrouw, etc). Deze interpretatie wordt bevestigd door de alchemistische illustratie hieronder waarop Sophia ook is afgebeeld met twee stokken. In het verlengde van de stokken zien we twee bomen met dualistische kenmerken: de zon en de maan, en de kleuren rood en wit, die in de alchemie staan voor de tegenstellingen. De goudkleurige feniksen op beide bomen staan symbool voor spirituele wedergeboorte.

Op vier verschillende manieren laat Francois Chosson weten dat op zijn tarotkaart de tegenpolen versmolten zijn: de vesica piscis-vorm van de zegekrans; het oneindigheidsteken waarmee de twee helften van de krans aan elkaar zijn bevestigd; de kleuren blauw en rood van de sjaal om het lichaam van de vrouw, en haar lichaamshouding: ze staat op één been.

De symboliek van één been (zitten, staan, of hangen) als verwijzing naar innerlijke eenwording zagen we ook bij tarotkaart nr 4  De Keizer, nr 11 Kracht, en nr 12 De Gehangene. Ook in de christelijke schilderkunst is deze symboliek veelvuldig gebruikt om op verhulde wijze te communiceren dat Jezus een kundalini-ontwaken had doorgemaakt. Rechtsonder een voorbeeld.

Tarot van Marseille, versie Francois Chosson, 1736.

Miniatuur uit een anoniem alchemistisch manuscript, 1499.

Giuseppe Cesari, begin 17e eeuw.

De Oswald Wirth Tarot

De kaart van Oswald Wirth (rechts) bevat weinig nieuwe elementen. De vrouw houdt de twee stokjes nu vast in één hand, waardoor het beeld van versmelting wordt versterkt. De stokjes hebben een rode en een blauwe knop, de klassieke kleuren van het mannelijke en het vrouwelijke. Hiermee wordt bevestigd dat de stokjes staan voor de polariteiten.

De mozaïeken van Château des Avenières (hieronder) zijn grotendeels gebaseerd is op het deck van Oswald Wirth. De ontwerper heeft het aureool boven de dieren, dat Oswald Wirth had weggelaten, weer teruggeplaatst. Je kunt dit aureool zien als een verwijzing naar de vier evangelisten. Je zou het ook kunnen interpreteren als sublimatie/vergoddelijking van de dierlijke driften.

Het lange roodbruine haar van de vrouw zien we vaak op afbeeldingen van Sophia en is een verwijzing naar de kundalini-energie.

De zon boven de zegekrans heeft een rode kern en een gele/gouden rand. Dit is een verwijzing naar de dubbele cirkel (eenwording) en het Magnum Opus (de kleur rood). Klik hier voor meer schilderijen waarin het alchemistische symbool van de dubbele cirkel verhuld is verwerkt.

Château des Avenières (1917)

Oswald Wirth Tarot (1889)

Het verwerven van meesterschap over onze dierlijke instincten zien we in vrijwel alle spirituele tradities terug. Een leeuw staat hierbij vaak voor onze emoties en een stier voor onze seksuele driften. Hieronder twee voorbeelden. Links zien we de hindoegodin Durga, zittend op haar rijdier, een leeuw, en met haar voeten op een demon met het uiterlijk van een buffalo. Beide is ze volkomen meester. Rechts zien we de Egyptische god Horus, zittend op een rund en twee leeuwen, en om hem heen een oeroboeros, het symbool voor eenheid.

De hindoegodin Durga

Dama Heroub Papyrus, 11e-10e eeuw voor Chr., Cairo Museum van Egyptische Oudheden.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De Rider-Waite-Smith Tarot

Ontwerpster Pamela Colman-Smith getuigt met haar kaart van Bijbelkennis, want in de linker bovenhoek zien we het hoofd van een mens en niet van een engel. Ook heeft zij goed begrepen waar de vrouw in de zegekrans voor staat. De sjaal die om haar lichaam is gewikkeld is extra lang en roept hiermee associaties op met een slang.

De alchemist gebruikte in illustraties op dezelfde manier een lange sjaal om te verwijzen naar de kundalini-energie. Op de afbeelding hieronder zien we Sophia die een alchemist de weg wijst naar het innerlijke vuur. De omhoog wapperende sjaal die zij draagt is een accessoire die geen noodzakelijk onderdeel is van de rest van haar kleding en heeft een louter symbolische functie.

Illustratie uit: Freymaurerische Versammlungsreden der Gold und Rosenkreutzer
des alten Systems, 1779.

Conclusie

De mensheid ziet zichzelf als de kroon op de schepping, maar dat zijn wij Gods ogen nog niet. De spiritueel onbewust levende mens is nog niet af, en wordt gezien als ‘slapend’ of ‘dood’ in de Bijbel, en vele andere heilige geschriften.

In ons bekken bevindt zich een goddelijk potentieel dat ons een volgende stap in de evolutie kan laten maken. Een energiebron die, eenmaal ontwaakt, een proces van zuivering en heling in werking zet, als voorbereiding op een spirituele wedergeboorte en vereniging met onze Schepper.

Wij worden geroepen om onze dierlijke, lagere natuur te overwinnen, om zo onze hogere natuur te verwezenlijken. Op het alchemistische embleem hiernaast wordt dit prachtig verbeeld. De verleidingen van de wereld en onze verlangens (lust) zijn als een brandend vuur dat ons kan verteren en ons als slaven van onze zintuigen en onderbuik kan maken.

Op de afbeelding spoort Sophia de krijger (de alchemist) aan om te vechten tegen dit vuur, dat ons niet blijvend gelukkig kan maken. Zij gebaart met haar handen dat wij het goddelijke vuur bij ons heiligbeen, waar zij voor staat, omhoog moeten brengen naar de kruin.

Atalanta Fugiens, Michael Maier, embleem 20, 1618.

Dit is het thema van de gehele Grote Arcana van de tarot, ook al in de 15e eeuw, en deze laatste kaart De Wereld staat voor de voltooiing van dit proces van spirituele wedergeboorte. Het is een lange, zware weg, maar je wordt bijgestaan door God en zijn engelen. In de Bijbel zegt Jezus, die zelf deze weg ook is gegaan, tegen zijn leerlingen:

“Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed:
ik heb de wereld overwonnen.”
(Johannes 16:33)

The Green Witch Tarot (Kiri Leonard, 2014)

De wereldboom, of levensboom, is een archetype dat we in veel spirituele tradities terugvinden en is een metafoor voor een kundalini-ontwaken. Tussen de wortels van de wereldboom Yggdrasil bevindt zich volgens de Noorse mythes de (kundalini-)slang Nidhogg. De Ibis was een heilige vogel in het Oude Egypte en werd geassocieerd met wijsheid.

Tarot of the 78 Doors (Antonella Platano, Pietro Alligo, 2005)

Rood is in de alchemie de kleur van het voltooide Magnum Opus. De kleur rood van de bebloede baby is dus heel toepasselijk.

Tarot of Musterberg (Cesare Asaro, 2015)

De strook papier met tekst verwijst naar Sophia (Wijsheid). De twee waterstromen staan voor de polaire energiebanen. Sophia is de middelste, door de wervelkolom omhoog stromende, energiebaan. De achtpuntige ster is ook een kundalini-symbool, zie tarotkaart nr 17 De Ster.

Tarot of Jane Austen (Diane Wilkes, Lola Airaghi, 2006)

Het heilige huwelijk en het goddelijke kind. Bloemen in de kleuren rood en wit, de kleuren van de tegenpolen in de alchemie.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright aug 2021.

Het meest recente boek van Anne-Marie is: Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-09-05T13:58:47+00:00augustus 6th, 2021|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 21. De Wereld

Tarot 20. Het Oordeel

20. Het Oordeel

Tarotkaart Het Oordeel lijkt in veel opzichten te verwijzen naar de ‘Dag des Oordeels’. Een dag die wordt genoemd in zowel de zowel joodse, christelijke als islamitische religieuze geschriften en die door vele gelovigen wordt gevreesd. Op deze dag, ergens in de toekomst, zal over alle mensen een oordeel worden geveld door God. Bestudering van de symboliek in deze kaart leert echter dat de (verborgen) esoterische boodschap over iets heel anders gaat, namelijk over het vreugdevolle moment dat wij spiritueel ontwaken, na een lange weg van noeste, innerlijke arbeid.

De Dag des Oordeels wordt op verschillende plaatsen in het Nieuwe testament genoemd en gaat meestal gepaard met een dreigende waarschuwing om ‘rechtvaardig’ te leven, anders…! Het is dus niet zo vreemd dat gelovigen deze dag vrezen. Tarotkaart nummer 20 verwijst echter naar een geheel andere Bijbelpassage. In zijn brief aan de christenen van Korinthe voorspelt de apostel Paulus:

“Zie, ik vertel u een geheimenis: Wij zullen wel niet allen sterven, maar wij zullen allen veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, bij de laatste bazuin. Immers, de bazuin zal klinken en de doden zullen als onvergankelijke mensen opgewekt worden, en ook wij zullen veranderd worden.” (1 Kor. 15:51-52)

Opmerkelijk aan dit citaat is dat Paulus zegt dat voor deze verandering in ‘een onvergankelijke mens’, je niet per se eerst hoeft te sterven. Paulus doelt hiermee op een proces dat hij zelf ook heeft doorgemaakt: een kundalini-ontwaken, waarbij niet alleen een bewustzijnsverruiming plaatsvindt, maar tevens een lichtlichaam wordt gevormd dat onsterfelijk is. De laatste bazuin is een verwijzing naar de opening van de laatste van de zeven chakra’s, die door de kundalini worden gezuiverd en geactiveerd: het kruinchakra.

De Viconti-Sforza Tarot

Welke aanwijzingen zijn er dat we de ook de allereerste tarotkaarten mogen uitleggen als een spirituele opstanding als gevolg van een kundalini-ontwaken? Op de 15e eeuwse Visconti-Sforza kaart (rechts) zien we een graf met, vreemd genoeg, maar liefst drie mensen erin, die tot leven worden gewekt door het bazuingeschal van twee engelen.

De man (links) en de vrouw (rechts) staan voor de twee polaire energiebanen die versmelten bij een kundalini-ontwaken (de twee slangen van de staf van de god Hermes/Mercurius, illustratie helemaal rechts). De oude man in het midden is degene die daadwerkelijk wordt opgewekt uit de ‘dood’: een staat van spirituele onbewustheid waarin het grootste deel van de mensheid verkeerd.

Visconti-Sforza Tarot (15e eeuw)

De Romeinse god Mercurius (Hermes bij de Grieken). Zijn staf de caduceus is het klassieke symbool voor een kundalini-ontwaken. Op deze afbeelding blaast hij op een bazuin om het stromen van de goddelijke energie (het stijgen van de kundalini-slang), waar hij voor staat, uit te beelden. (Johann Theodor de Bry, circa 1570-1598)

Overigens is deze spirituele onbewustheid ook de ‘dood’ waaruit Jezus in de Bijbel verschillende mensen tot ‘leven’ wekt, waaronder Lazarus. Over Lazarus zegt Jezus duidelijk in het Johannes-evangelie: Hij is niet dood, hij slaapt (Joh. 11:11). Zie ook mijn boek Ecce Homo.

De versmelting van de twee polaire energiebanen wordt op de Visconti-Sforza kaart ook gesymboliseerd door de gekruiste trompetten van de engelen, én door het kruis op het vaandel dat aan de trompetten bevestigd zit. Op de vaandels staat tevens een zon afgebeeld, een van de klassieke symbolen voor de kundalini-energie. De kleur rood van het graf verwijst naar de voltooiing van het Magnum Opus (het proces van Godsrealisatie) van de alchemist.

Ook klassiek is het blazen op een blaasinstrument als metafoor voor de werking van God in onze wervelkolom. De Bijbel maakt tevens van deze metafoor gebruik. In het Oude Testament lezen we bijvoorbeeld in het verhaal van de val van Jericho, dat God de zeven priesters van Jozua opdraagt om te blazen op hun zeven ramsbazuinen (Jozua 6:4). De wervelende lucht die door de gedraaide hoorn van de ram stroomt verwijst naar de spiraalbeweging van de kundalini-energie. Het getal zeven in dit citaat staat voor de zeven chakra’s die worden geopend en geactiveerd door de kundalini. Nog altijd wordt op bepaalde joodse feestdagen op een ramshoorn, of shofar, geblazen (illustratie rechtsonder). Zie voor de diepere betekenis van het verhaal over de val van Jericho mijn boek over Maria Magdalena.

Een schematische weergave van een kundalini-ontwaken

De alchemist heeft het Magnum Opus voltooid en staat op uit het graf van de spirituele ‘dood’ (onbewustheid). Philosophia reformata, J.D Mylius, 1622.

Het blazen op een ramshoorn symboliseert in de Bijbel de spiraalbeweging van de kundalini-energie.

Een engel met een blaasinstrument versterkt nog meer het beeld van goddelijke energie die in de mens stroomt. Ook de alchemie, die veel invloed heeft gehad op de allereerste tarotkaarten, maakt van deze metafoor gebruik. Hieronder twee alchemistische emblemen van het Grote Werk (Magnum Opus) van de alchemist. Op beide emblemen zien we de alchemist zaaien (de eigen inspanningen) en een engel die op een bazuin blaast (God/de kundalini die Zijn werk doet in ons). De staf in de hand van de engel staat voor de wervelkolom.

Philosophia Reformata, J.D. Mylius, 1622. Op de aarde liggen de twee polaire energiebanen (zon en maan) die versmelten tijdens het kundalini-proces/Magnum Opus.

De Twaalf Sleutels van Basilius Valentinus, sleutel VIII, 1599. In het midden vindt de ‘opstanding’ van de alchemist uit de spirituele dood plaats.

De eerste gedrukte tarotkaarten

Van de allereerste gedrukte tarot decks zijn alleen enkele ongekleurde, ongesneden drukvellen bewaard gebleven. Op zowel de Rothshield kaart als de Budapest-Metropolitan kaart (hiernaast) is God verdwenen en slechts één engel blaast op zijn bazuin.

Nog steeds verwijst de kaart naar een kundalini-ontwaken. We kunnen dit afleiden uit het esoterische teken van het heilige huwelijk (de versmelting van het mannelijke en het vrouwelijke) dat de engel op beide kaarten met één hand maakt (twee vingers tegen elkaar: 2=1).

Rothshild sheet, circa 1500.

Budapest-Metropolitan sheet, 16e eeuw.

De Tarot van Marseille en familie

De kaart van de Tarot van Marseille (rechts de versie van Jean Dodal) bevat twee nieuwe elementen die ons duidelijk moeten maken dat deze kaart gaat over een kundalini-ontwaken, of in de woorden van de alchemie: het Magnum Opus. De persoon in het midden, om wiens verrijzenis het gaat, is nu blauw van kleur en heeft een kale plek achter op zijn hoofd. Beide verwijzing naar spirituele voltooiing.

Blauw is de kleur van de hemel, van het goddelijke. De vleeskleurige man en vrouw, links en rechts naast hem, staan nog steeds voor de polaire energiebanen.

De kale plek op het achterhoofd van de man geeft het beeld van twee concentrische cirkels; een symbool uit de alchemie dat, net zoals het kruis op het vaandel van de engel, staat voor het versmelten van het mannelijke en het vrouwelijke (de polaire energiebanen). Dit element stond centraal bij de vorige kaart: De Zon. Voor meer informatie over het symbool van de dubbele cirkel, klik hier.

Tarot van Marseille,
versie Jean Dodal (1701-1715)

Het Magnum Opus van de Alchemist. De passer, die op de grote en de kleine cirkel rust, staat voor de versmelting van beide. (Atalanta Fugiens, 1617)

De ‘Steen der Filosofen’. (De Tiende Sleutel, Basilius Valentinus, 1599)

Tarot van Parijs, 17e eeuw.

De invloed van de alchemie op de tarot vinden we ook terug in de kaart van de Tarot van Parijs (links). Aan het uiteinde van de bazuin (wervelkolom) waarop de engel blaast zien we drie kleuren: zwart, wit en rood. Dit zijn de kleuren van de drie fases van het Magnum Opus: nigredo, albedo en rubedo – afbraak, zuivering en voltooiing – die worden aangestuurd door de kundalini-energie (de engel).

Vermeldenswaard is ook de kaart van het Etteilla deck (rechts). Hierop houdt de engel, terwijl hij blaast op zijn bazuin, twee andere bazuinen gekruist in zijn handen. Een bevestiging voor ons dat de bazuinen op de Visconti-Sforza kaart (boven) niet toevallig gekruist zijn afgebeeld.

Etteilla Tarot (1789)

De Oswald Wirth Tarot

De kaart van Oswald Wirth bevat weinig nieuwe elementen. Het symbool van de dubbele cirkel is verhuisd van het achterhoofd van de verrezen mens naar het voorhoofd van de engel. Op deze kaart staan, nog duidelijker dan bij de Tarot van Marseille, de man en de vrouw niet in het graf zelf, maar komen uit het gras omhoog, om duidelijk te maken dat zij een andere (symbolische) betekenis hebben dan de persoon in het midden.

De versmelting van de polariteiten komt bij Wirth’s kaart ook tot uitdrukking in de kleding van de engel: rood en blauw, de klassieke kleuren voor het mannelijke en het vrouwelijke.

De mozaïeken van Château des Avenières (hieronder) zijn grotendeels gebaseerd is op het deck van Oswald Wirth. Dit keer, echter, heeft de ontwerper zich ook laten inspireren door de fresco Het Laatste Oordeel van Luca Signorelli (rechtsonder). De drie verrezen personen op de mozaïek zijn exact overgenomen van het schilderij.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Château des Avenières (1917)

Wederopstanding van het vlees, Laatste Oordeel, frescocyclus door Luca Signorelli, 1499-1502.

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

Rechts: op dit alchemistische embleem van het Magnum Opus zien we links een man (de alchemist) die uit het water van de spirituele onbewustheid komt. Rechts zien we in een grot (symbool voor het innerlijk van de alchemist) de versmelting van de polariteiten (man/vrouw, zon/maan). Boven, in de wolken, wordt het nieuwe zelf van de alchemist gebaard door een vrouw met een maan als hoofd. Zij is de universele maangodin, oftewel de kundalini-shakti. (Atalanta Fugiens, Michael Maier, embleem 34, 1618)

De Rider-Waite-Smith Tarot

Op de kaart van Rider-Waite-Smith dobberen de geopende grafkisten in het water. De zee is een symbool voor het onderbewuste. Dit nieuwe element versterkt de symboliek van het ontwaken uit een staat van spirituele onbewustheid. De mensen zijn grijs van kleur. Dit moet ons vertellen dat het gaat om een geestelijke opstanding, niet om een gestorven lichaam van vlees en bloed dat weer tot leven komt. De bergen op de achtergrond staan voor het verruimde bewustzijn van de ontwaakte mens.

Zowel op de voor- als op de achtergrond staan een man en een vrouw, met in hun midden een kind. Dit kind staat symbool voor het nieuwe zelf, en verbeeldt de heelheid en egoloosheid van de ‘verrezen’, mens.

De zeven dwarsstrepen op de bazuin van de engel staan voor de zeven chakra’s langs de wervelkolom die de kundalini opent en zuivert.

De hindoegod Krishna met zijn vrouw Radha.

Conclusie

In tegenstelling tot wat de titel en de beelden suggereren, gaat deze tarotkaart niet over God die een eindoordeel velt over hoe een mens heeft geleefd. En ook niet over een Bijbelse verrijzenis van een reeds begraven lichaam. Tarotkaart Het Oordeel staat voor een spiritueel ontwaken; voor een ‘opstanding’ uit het ‘graf’ van de spirituele dood/onbewustheid. Het eindresultaat van een kundalini-proces.

De engel op deze kaart die op een bazuin blaast, is een metafoor voor de stroming van de goddelijke energie in onze wervelkolom. Soortgelijke symboliek zien we terug in de alchemie, maar ook in andere spirituele tradities. Bijvoorbeeld de hindoegod Krishna, die in de iconografie herkenbaar is aan zijn fluit. Hiernaast is hij afgebeeld met zijn vrouw Radha.

Samen staan ze voor de versmelting van de polariteiten in de mens: een belangrijk thema van deze tarotkaart. Sterker nog, het is een belangrijk thema van de gehele Grote Arcana. Op vrijwel elke tarotkaart verwijst er een element naar dit zogeheten heilige huwelijk. De volgende en laatste kaart van de reeks, De Wereld, is hierop geen uitzondering!

Tarot Maçonnique (Jean Beauchard, 1987)

De engel zit boven in een ‘kundalini-boom’, met een trap als symbool voor de chakra’s die de kundalini doorloopt. De innerlijke heelheid wordt gesymboliseerd door de oeroboeros (de slang die in zijn eigen staart bijt) in de boom. De driehoek met de punt naar beneden staat voor het bekken/heiligbeen, de verblijfplaats van de kundalini.

Nature Spirit Tarot (Paul Struck, 1981)

De lelie is in, onder andere, het Oude Egypte, het jodendom en het christendom een symbool voor een kundalini-ontwaken. Libellen brengen het grootste deel van hun leven door als larve onder water. Pas in het laatste stadium worden libellen gevleugelde insecten die op het land en in de lucht leven.

Brady Tarot (Emi Brady, 2018)

De adelaar, symbool van geestelijke voltooiing, brengt een (kundalini-)slang vanaf de aarde (het bekken) omhoog, richting de hemel (kruin). De vleermuizen worden wakker en vliegen weg uit de donkere grot waarin ze zich bevinden, naar buiten, naar het licht.

Light Seer’s Tarot (Chris-Anne, 2019)

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright juli 2021

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-09-06T08:10:32+00:00juli 29th, 2021|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 20. Het Oordeel

Column over de coronapandemie

Column over de coronapandemie

Deze column is gepubliceerd in Paravisie magazine (febr ’21)
Copyright Anne-Marie Wegh 2021

Door |2021-08-31T07:06:40+00:00februari 13th, 2021|Paravisie|Reacties uitgeschakeld voor Column over de coronapandemie

De Alchemie van Liefde

De Alchemie van Liefde

De alchemisten wisten dat de godin Venus de sleutel in handen had tot het innerlijke goud waar ze zo gepassioneerd naar zochten. De liefde als de weg naar het Magnum Opus, naar Godsrealisatie. Een weg met vele hindernissen en valkuilen. Maar dat zal niemand verbazen, dat weet eenieder wiens levenspad zich met Venus heeft gekruist!

Innerlijk transformatieproces

De alchemie is een relatief onbekende spirituele traditie. Het algemene beeld dat men heeft van een alchemist is dat deze zich bezig hield met het veranderen van lood in goud. Echter, voor de meeste alchemisten was dit slechts een metafoor voor een innerlijk transformatieproces dat zij het Magnum Opus (het Grote Werk) noemden.

Zij waren volledig op de hoogte van spirituele kennis die wij als ‘oosters’ beschouwen. Ze wisten dat zich in ons bekken, bij het heiligbeen, een mysterieuze energiebron bevindt, die voor de mens de poort kan openen naar het goddelijke: de kundalini-shakti genoemd door de yogi. De alchemist zag deze transformerende energie als Venus, de Romeinse godin van de liefde.

Deze associatie is zo vreemd nog niet, want mystici weten: God laat zich ervaren als een brandende, allesverzengende liefde. Een liefde, zo zuiver en overweldigend, dat lichaam en geest van de mens grondig moeten worden voorbereid om hiervoor een kanaal te kunnen zijn. En deze voorbereiding is waar de alchemisten zich in het verborgene mee bezig hielden.

Symbooltaal

Zij moesten hierbij hun kennis verpakken in symbolen en metaforen, want alles wat inging tegen de leer van kerk was strafbaar, en de consequenties waren in die tijd niet misselijk. Excommunicatie (verbanning uit de kerk) was al gauw het gevolg, en in het ergste geval eindigde je op de brandstapel.

Illustratie 1 (rechts) is een voorbeeld van alchemistische symbooltaal. De drie hazen die achtervolgd worden door honden verbeelden de wervelende beweging van de kundalini, vanaf het bekken omhoog naar de kruin. De oren van de hazen vormen een driehoek; het symbool voor vuur. Dit is het (liefdes-)vuur van Venus.

De dubbele cirkel is het alchemistische symbool voor de eenheid van het goddelijke. Deze wordt ervaren als de dualiteit (twee cirkels) versmelt. Deze innerlijke éénwording wordt ook wel het heilige huwelijk genoemd, en is een onderdeel van het proces van kundalini-ontwaken. In de tekst van het embleem worden de zeven klassieke planeten van ons zonnestelsel genoemd. Deze staan in de alchemie voor de zeven chakra’s die door het kundalini-vuur worden uitgezuiverd en geactiveerd.

1. Uit een alchemistisch manuscript van Basilius Valentinus, 15e eeuw.

2. De extase van Theresia, door Bernini, circa 1650.

De pijl die door het hart gaat is één van de universele symbolen voor de kundalini. Illustratie 2 (links) is het beroemde meesterwerk van Bernini: De extase van de heilige Theresia van Ávila. In haar boek Mijn Leven (1565) beschrijft Theresia het visioen van een engel die haar hart met een gouden lans doorboorde, waarna zij achterbleef ‘vervuld van vurige liefde tot God’.

Dat deze extase een beeldend verslag is van de kundalini-energie, die met volle kracht door het hart van de heilige stroomde, heeft Bernini verwerkt op een wijze die ‘ingewijden’ onmiddellijk herkennen. Met haar linkerhand maakt Theresia het geheime teken van het heilige huwelijk (twee vingers tegen elkaar).

Venus versus Cupido

Een belangrijke speler in het spanningsveld tussen het aardse en het goddelijke is Cupido, de zoon van Venus. Cupido (Eros bij de Grieken) is de veroorzaker van de erotische verlangens die opgewekt worden door verliefdheid, en deze vormen een valkuil op de weg naar de Godservaring. Seksuele activiteit zorgt ervoor dat de kundalini, na haar ontwaken, blijft ‘hangen’ in de buik en niet verder opstijgt naar het hoofd.

Een belangrijk deel van het Magnus Opus is ervoor zorgen dat de kundalini niet afvloeit via de buikchakra’s. Een opdracht die aanvoelt als een spirituele spagaat: de liefde tussen twee mensen is een krachtige katalysator in het laten ontwaken van de kundalini/Venus, maar de pijlen van Cupido moeten hierbij worden ontweken. Met andere woorden: seksuele onthouding is een voorwaarde voor Godsrealisatie.

Dit is wat de romantische setting van illustratie 3 (rechts) in beelden duidelijk maakt. De godin Venus zit innig omarmd met de god Mercurius, de Romeinse god met de caduceus: de slangenstaf die het klassieke symbool is voor een kundalini-ontwaken (naast hem in het gras).

Caduceus

Als paar symboliseren Venus en Mercurius op deze afbeelding de liefde én de versmelting van het mannelijke en het vrouwelijke (de dualiteit).

Boven het godenpaar zien we het resultaat van dit heilige huwelijk: een androgyne mens, in de alchemie Rebis genaamd. Rechts op de illustratie zien we Cupido. Hij houdt zijn pijlenkoker, die associaties oproept met een penis, naar beneden gericht. De boodschap van dit embleem: romantiek is bevorderlijk voor het Magnum Opus, als de kleding maar aan blijft…

3. Embleem 38 uit het alchemistische manuscript Atalanta Fugiens, 1617.

Ken Uzelf

Illustratie 4 (hieronder) laat zien dat de energie die door Cupido in de onderbuik wordt opgewekt, naar het hoofd moet worden gebracht. Cupido staat op een weegschaal (de dualiteit): hij vormt de ‘versmelting’ tussen de tegenstellingen, en trekt zichzelf omhoog. Het vuur van de begeerte brandt op zijn hoofd. Deze energie moet omhoog gebracht worden, zegt de kunstenaar. De twee linten naast Cupido staan voor de twee energiebanen die ons verbonden houden met de dualiteit. Deze ida-nadi en pingala-nadi versmelten tijdens het kundalini-proces, ter hoogte van het zesde chakra (illustratie 5). De gekruiste palmtakken verwijzen naar deze versmelting. De inscriptie onder de afbeelding is Nosce te ipsum (‘Ken uzelf’). Een uitnodiging om de spirituele weg van de zelfkennis te gaan.

4. Een houten paneel uit de basiliek van Santa Maria Maggiore in Bergamo (1524).

5. Een schematische weergave van een kundalini-ontwaken.

Ook Illustratie 6 (rechts) is beeldtaal voor de sublimatie (omhoog brengen) van de seksuele energieën. Eros zit op de arm van zijn moeder Aphrodite (de godin van de liefde bij de Grieken), ter hoogte van haar hoofd. Onder Eros hangt een koord met een tandwiel eraan. Dit is een metafoor voor de wervelbeweging van de kundalini, omhoog naar het hoofd. Het wiel heeft zes spaken; een verwijzing naar het hexagram (zespuntige ster). Een hexagram is een universeel symbool voor de versmelting van de tegenstellingen (twee driehoeken).

Hexagram

De staf van de oppergod Zeus, zittend naast Aphrodite, heeft aan de bovenkant een dennenappel. Deze staf met spiraalmotief staat voor de wervelkolom met erin de kundalini-energie, die in het hoofd de pijnappelklier (de dennenappel) activeert.

6. Oude vaas met Zeus, Aphrodite en Eros (circa 350-340 v. Chr.)

Veelzeggend is ook illustratie 7 (onder). De godin Aphrodite weert de erotische avances van de half-god Pan af met haar sandaal. Ze houdt één hand voor haar kruis. Pan heeft het onderlichaam en de hoorns van een geit. Hij staat voor lust en begeerte. De kunstenaar heeft hem afgebeeld met een erectie. Eros houdt lachend een hoorn van Pan vast: beiden vertegenwoordigen de verlangens van de onderbuik.

7. Marmeren beeld van Aphrodite, Eros en Pan (circa 100 v. Chr.)

8. Venus en Cupido, Benjamin West, 1787.

Illustratie 8 (hierboven) is een 18e eeuws schilderij van Venus en Cupido. Twee vingers van Venus – het teken van het heilige huwelijk – liggen op het voorhoofd van Cupido, de plaats waar de seksuele energieën, die hij aanwakkert, naartoe moeten. Ook Cupido maakt het teken van het heilige huwelijk. Zijn hand ligt hierbij op het hart van Venus: de plek waar God zijn woning maakt, als de mens hier klaar voor is.

Wie oog krijgt voor alchemistische symboliek zal deze in vele kunstwerken herkennen. Ook esoterische groeperingen als de Vrijmetselaars en Rozenkruisers – kringen waar kunstenaars zich graag ophielden – wisten over de bron van goddelijke energie in ons bekken.

9. Maria Magdalena in extase, Michelangelo Merisi da Caravaggio, 1606.

De vereniging met God

Illustratie 9 (links) is een schilderij van Caravaggio: Maria Magdalena in extase. De symboliek die hierin is verwerkt is eenvoudig en krachtig. Rood en wit zijn in de alchemie de kleuren van de dualiteit (de koning en de koningin).

De in elkaar gevlochten vingers van Maria symboliseren haar wervelkolom, waarin de liefde van God met volle kracht stroomt. Ook de wijze waarop de kunstenaar haar armen heeft geschilderd weerspiegelt de dualiteit: licht en donker. In Maria heeft het heilige huwelijk plaatsgevonden. Zij heeft zichzelf bewaard voor God en is nu één met Hem.

Dit artikel is gepubliceerd in Paravisie magazine (febr ’21)
Copyright Anne-Marie Wegh 2021

DOWNLOAD ARTIKEL (PDF)

Anne-Marie heeft het boek geschreven:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Aanvullende illustraties

Een geliefd thema in de kunst is het moment dat Venus uit de zee omhoog komt: haar geboorte. Deze mythische gebeurtenis heeft zelfs een officiële naam: Venus (of Aprhodite) Anadyomene. De geboorte van de godin van de liefde uit de zee is beeldtaal voor het ontwaken van de kundalini in het bekken.

Om deze diepere betekenis (verhuld) weer te geven, wordt Venus vaak afgebeeld met twee natte strengen haar die zij uitwringt. Deze twee strengen haar staan voor de twee polaire energiebanen die langs de wervelkolom stromen en die versmelten in het hoofd tijdens een kundalini-ontwaken.

Aphrodite Anadyomene, 5e-6e eeuw na Chr., Museum het Louvre. Ook het mannelijke en vrouwelijke zeewezen, naast Aphrodite, staan voor de polaire energiebanen.

Aphrodite Anadyomene, circa 1e-2e eeuw, Nationaal Museum, Beiroet.

Aphrodite Anadyomene, 1e eeuw v.Chr., Archeologisch Museum van Rhodos.

Aphrodite Anadyomene, eind 2e eeuw v.Chr., Brooklyn Museum, NY.

Aphrodite Anadyomene, 1e of 2e eeuw na Chr. Bij dit beeldje houdt de godin niet twee strengen haar omhoog, maar ze knoopt een doek om haar hoofd, hetgeen qua symboliek dezelfde betekenis heeft.

Venus neemt een bad, mozaïek uit een Romeinse villa, 5e eeuw na Christus, Limassol Museum, Cyprus.

Aphrodite Anadyomene, Aphrodisias Museum, Turkije.

Venus, 2e eeuw v. Chr., Syrië of Palestina.

Links: De specifieke wijze waarop de mantel van de engel Gabriël omhoog gehouden wordt door een cherubijntje is een verwijzing naar de Aphrodite Anadyomene. Hiermee wil kunstenaar Lucas van Leyden ons laten weten dat de zwangerschap van Maria, door de inwerking van de Heilige Geest (die op dit schilderij wordt aangekondigd), staat voor een kundalini-ontwaken.

Wie oog krijgt voor de symbooltaal waarmee kunstenaars door de eeuwen heen ‘ketterse’ spirituele kennis hebben gecommuniceerd, ziet in vrijwel alle klassieke kunstwerken verwijzingen naar de diepere betekenis van de geboorte van Venus/Aphrodite terug. Hieronder vier voorbeelden.

De geboorte van Venus, Giorgio Vasari, 1557. Het rode doek verwijst naar de weg die de kundalini-energie aflegt, vanaf het bekken naar de kruin.

‘Venus ontwapent Cupido’, Guillaume Seignac, circa 1900. Venus wijst met haar linkerhand naar de wervelkolom van Cupido: de seksuele energieën moeten omhoog gebracht worden naar hart en hoofd.

De schelp waarop Aphrodite zit heeft de vorm van een driehoek met de punt omhoog, het alchemistische symbool voor (kundalini-)vuur. Met haar beide handen wijst de godin naar haar hoofd, de plaats waar de kundalini zorgt voor een Godservaring. (Sétif Museum, Algerije)

Aphrodite en Ares verbeelden samen het heilige huwelijk (het samengaan van het mannelijke en het vrouwelijke). Aphrodite maakt met haar rechterhand het teken van het heilige huwelijk (2=1) en wijst tegelijkertijd naar haar hoofd, de plek waar de kundalini/seksuele energie naartoe moet. Ook Ares (Mars bij de Romeinen) maakt met zijn hand het teken van het heilige huwelijk. (Fresco uit Pompeii, nu in het Nationaal Archeologisch Museum in Napels)

De vijf wijze en vijf dwaze maagden

De Bijbel sluit zich volledig aan bij het uitgangspunt van de alchemisten.
Een citaat uit mijn boek Kundalini-ontwaken (pagina 153):

Om de kundalini-energie het voorhoofd te laten bereiken zal de spirituele aspirant elk moment opnieuw waakzaam moeten zijn. Waaraan wordt de energie besteed die zich opbouwt in het lichaam? Jezus geeft hierover de prachtige en alleszeggende gelijkenis van de tien meisjes.

Dan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien meisjes, die hun lampen namen en op weg gingen, de bruidegom tegemoet.
Vijf van hen waren wijs en vijf waren dwaas.
Zij die dwaas waren, namen wel hun lampen maar geen olie met zich mee.
De wijzen namen met hun lampen ook olie mee in hun kruikjes.
Toen de bruidegom uitbleef, werden zij allen slaperig en vielen in slaap.
En te middernacht klonk er een geroep: Zie, de bruidegom komt, ga naar buiten, hem tegemoet!
Toen stonden al die meisjes op en maakten hun lampen in orde.
De dwazen zeiden tegen de wijzen: Geef ons van uw olie, want onze lampen gaan uit.
Maar de wijzen antwoordden: In geen geval, anders is er misschien niet genoeg voor ons en u. Ga liever naar de verkopers en koop olie voor uzelf.
Toen zij weggingen om olie te kopen, kwam de bruidegom; en zij die gereed waren, gingen met hem naar binnen naar de bruiloft, en de deur werd gesloten.
Later kwamen ook de andere meisjes, die zeiden: Heer, heer, doe ons open!
Hij antwoordde en zei: Voorwaar, ik zeg u: ik ken u niet.
Wees dan waakzaam, want u weet de dag en ook het uur niet waarop de Zoon des mensen komen zal.
(Matt. 25:1-13)

De meisjes met hun lampen staan voor de eerste vijf chakra’s. Als deze niet genoeg ‘olie’ hebben als de bruidegom (God) komt, zal er geen heilig huwelijk plaatsvinden bij het zesde chakra, waarschuwt Jezus. Interessant is dat het Griekse parthenos inderdaad meisjes kan betekenen, maar in de Bijbel bijna altijd wordt gebruikt voor maagden. Mattheüs gebruikt parthenos bijvoorbeeld ook voor Maria, de moeder van Jezus (Matt. 1:23). Een subtiel advies om de seksuele energie te ‘bewaren’ voor de Goddelijke bruidegom!

De bovenstaande interpretatie van de parabel van de tien maagden is (uiteraard) niet de traditionele exegese. Ook in dit geval kunnen we in de christelijke kunst symboliek terugvinden die verwijst naar een ‘alchemistische’ uitleg.

Uit de rode en witte kleding van Jezus (de bruidegom) en de ‘wijze maagd’ kunnen we afleiden dat zij staan voor het alchemistische koningspaar. De twee pilaren naast het bruidspaar staan voor de twee energiebanen die versmelten tijdens het heilige huwelijk. (Baron Ernest Friedrich von Liphart, 1886)

‘De Eerste Dwaze Maagd’, Martin_Schongauer, 1470-1490. De lange sjaal staat voor de weg die de kundalini-energie aflegt vanaf bekken naar het hoofd. De knoop in de sjaal staat voor de pijnappelklier. De middelvinger die de maagd uitsteekt (een esoterisch handgebaar) verwijst naar de wervelkolom (het ‘midden’ van het lichaam). De lege olielamp wordt gehouden ter hoogte van het bekken.

Een olielamp wordt gehouden bij het bekken en bij het hoofd van de twee maagden. Dit mogen we zien als een verwijzing naar een kundalini-ontwaken. (De Wijze en Dwaze Maagd, Friedrich Wilhelm von Schadow, 1838-42 )

Een bijzondere afbeelding van de kruisiging, met de vijf wijze en vijf dwaze maagden opgesteld als de eerste vijf chakra’s naast het kruis. De fleur-de-lis, bovenaan, is een esoterisch symbool voor de pijnappelklier, die geactiveerd wordt als de kundalini is aangekomen bij het zesde chakra. Maria, de moeder van Jezus, en de apostel Johannes, staan aan weerszijde van het kruis en vertegenwoordigen het bruidspaar (het mannelijke en het vrouwelijke) van het heilige huwelijk. De boodschap van deze illustratie is: als er genoeg ‘olie’ is in de lampen van de vijf maagden/chakra’s, vindt ter hoogte van het zesde chakra zowel het heilige huwelijk als de dood van het ego (de kruisiging) plaats. (Volger van Hans Schilling, 1469)

Door |2021-02-13T09:27:57+00:00februari 10th, 2021|Spiegelbeeld|Reacties uitgeschakeld voor De Alchemie van Liefde

Tarot 19. De Zon

19. De Zon

De altijd schijnende zon, die met haar licht en warmte leven op aarde mogelijk maakt, is al sinds de verre oudheid een symbool voor het goddelijke. Tarotkaart nummer 19 staat voor spirituele voltooiing, en vertelt ons hoe de mens de zon/het goddelijke in zichzelf kan verwezenlijken. De allereerste tarot decks maakten hiervoor gebruik van symboliek uit de alchemie.

De Viconti-Sforza Tarot

Alle elementen op de Visconti-Sforza kaart (rechts) verwijzen naar een spirituele wedergeboorte, als gevolg van een kundalini-ontwaken. De engelachtige figuur op een wolk in de lucht, staat voor de mens die zich heeft losgemaakt van de wereld, en het ego heeft afgelegd. De vleugels staan voor vergeestelijking/vergoddelijking van het aardse/materiele. De drie bergen staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken.

Door een intensief zuiverings- en helingsproces is deze mens teruggekeerd naar de pure, ongeschonden staat van een kind; in de alchemie Filius Philosophorum (Filosofenkind), of Infans Solaris (Zonnekind) genaamd.

Zowel de halsketting van rood koraal als het rode lint verwijzen naar de kundalini-energie. Rood is de kleur van (kundalini-)vuur en van het eerste chakra, de verblijfplaats van deze goddelijke energie vóór het ontwaken. De twee wapperende uiteinden van het lint staan voor de innerlijke dualiteit, die versmelt tot een goddelijke eenheid.

Een afgehakt hoofd is een universele metafoor voor het afleggen, of de dood, van het ego. De kleur rood van het hoofd verwijst in dit geval naar het Magnum Opus (voltooid spiritueel proces) van de alchemist. Voor het Magnum Opus wordt zowel de kleur rood als goud gebruikt. Op de onderstaande illustratie uit het alchemistische werk Splendor Solis is het afgehakte hoofd goudkleurig.

Visconti-Sforza Tarot (15e eeuw)

Het witte, in stukken gehakte lichaam verwijst naar het zuiveringsproces dat de alchemist heeft doorgemaakt. Het gouden hoofd symboliseert dat hij zijn ego heeft afgelegd. De man met het zwaard staat voor het kundalini-proces zelf. De kleuren zwart, wit en rood staan voor de drie alchemistische fasen: nigredo, albedo en rubedo. De drie, van het hoofd afstaande, strengen krullend haar staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij dit proces. (Splendor Solis, embleem 10, 1535).

Vóór de alchemist staat het Filius Philosophorum, zijn wedergeboren zelf. Rechts een feniks, die herrijst uit zijn as, en links twee bomen die zijn samengegaan en vruchten dragen; een metafoor voor een voltooid kundalini-proces. (Testamentum Der Fraternitet Rosae et Aurae Crucis, begin 17e eeuw)

De alchemist vist rood koraal (de kundalini) uit het water (zijn onderbewuste). De blazende engel (linksboven) moet ons vertellen dat het koraal staat voor iets goddelijks. (Atalanta Fugiens, 1617)

De laatste illustratie van het alchemistische manuscript Splendor Solis (1535). De rode zon die opkomt boven de stad staat voor voltooiing van het Grote Werk (Magnum Opus).

Het Filius Philosophorum (het kind met vleugels) is het resultaat van het samengaan van koning en koningin (de dualiteit) in de alchemist (de kolf). De drie bloemen staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij dit proces.

De ketting van rood koraal, die van het bekken naar het hoofd van het kindje Jezus loopt, is een (verhulde) verwijzing naar een kundalini-proces. Idem dito de doorzichtige sjaal die Maria vast houdt. Maria maakt subtiel met beide handen het teken van het heilige huwelijk (2=1). (Bernardo di Stefano Rosselli, circa 1500)

De Tarot van Marseille en familie

De Tarot van Marseille gebruikt andere elementen om hetzelfde te vertellen. Op de kaart van Francois Chosson (hieronder), zijn twee identieke jongens afgebeeld die elkaar aanraken. Dit symboliseert dat ze verbonden zijn. De twee jongens staan voor de dualiteit die versmelt tot een goddelijke eenheid in de spirituele aspirant. Tezamen staan ze voor de wedergeboren mens. De muur om de jongens heen moet ons vertellen dat het hier gaat om een innerlijke ervaring.

De rode streep om hun hals is de roodkoralen ketting van de Visconti-Sforza kaart (hierboven), die staat voor een kundalini-ontwaken. De verticale streep op het bovenlichaam van de jongens verwijst naar de wervelkolom. De jongen links raakt met zijn hand de jongen rechts aan op deze plek. Dit is een aanwijzing voor ons dat de werkende kracht de kundalini-energie is, die ook gesymboliseerd wordt door de druppels die van de zon afkomen.

Op de Italiaanse Piedmontese kaart (helemaal rechts), van ruim een eeuw later, staan beide jongens op één been. Ook dit element verwijst naar de (goddelijke) eenheid die ze samen vormen.

Vergelijkbare elementen vinden we ook terug op de onderstaande drie alchemistische emblemen uit dezelfde tijdsperiode, met (fases van) het Magnum Opus.

Tarot van Marseille,
versie Francois Chosson (1736)

Piedmontese deck (1865)

Op de bovenstaande tarotkaarten manifesteert de energie van de zon zich als licht en warmte (rechte en gebogen stralen). Op beide kaarten is het aantal rode en gele stralen precies acht. Dit is een verwijzing naar de Morgenster, die sinds oudsher een symbool is voor de kundalini-energie (zie tarotkaart De Ster). Deze symboliek is passend, want de zon van ons zonnestelsel is immers ook een ster!

Het kundalini-vuur zuivert de alchemist, en zijn innerlijke dualiteit versmelt tot een (goddelijke) eenheid. (Atalanta Fugiens, 1617)

De alchemist heeft het Magnum Opus voltooid. De drie bloemen staan voor de drie energiebanen die bij het proces van kundalini-ontwaken zijn betrokken. Hij houdt zijn knieën tegen elkaar. Dit symboliseert, net zoals twee vingers tegen elkaar, de (goddelijke) eenheid in zijn innerlijk. (Clavis Artis, 1738)

Het Magnum Opus in symbolen. Onder in de glazen kolf ligt de alchemist; hij wordt gezuiverd door (kundalini-)vuur. Ook de waterdruppels om hem heen staan voor reiniging. De feniks boven hem is een symbool voor wedergeboorte. Boven de vogel zit het Filius Philosophorum: de wedergeboren alchemist. De man en vrouw, die verbonden zijn via een stok (de wervelkolom), staan voor het versmelten van de innerlijke dualiteit. (Illustratie uit Circle of the Gold and Rosicrucians)

In heldere beelden maakt deze illustratie duidelijk dat de weg van de zuivering, waar de alchemist voor kiest, leidt tot verjonging (terugkeer naar de egoloze staat van een kind) en vergeestelijking (vleugels). (Cabala Mineralis, 17e eeuw)

Op de Tarot van Marseille-kaart van Jacques Viéville (rechts) zit het Filius Philosophorum, of Zonnekind, op een paard. Dit symboliseert het overwinnen van de emoties en dierlijke driften; een belangrijk aspect van het Magnum Opus, dat je zou kunnen zien als een onderdeel van het zuiveringsproces.

Het vaandel is een element dat overwinning uitdrukt. De twee verschillende kleuren van het vaandel verwijzen naar de versmelting van de dualiteit, net zoals het rode kruis op de achterhand van het paard. Op de kaart van Nicolas Bodet (rechtsonder), een afgeleide van Jacques Viéville, is het vaandel zelf voorzien van een kruis.

Zeker in die tijd werd een vaandel met kruis geassocieerd met de verrijzenis van Christus. Op het symbolische niveau gaat het Bijbelverhaal van Jezus die opstaat uit de dood over een spirituele wedergeboorte.

Het Filius Philosophorum, of Zonnekind, zit op een stokpaard; symbool voor meesterschap over de emoties en dierlijke driften. De jongen draagt de verrijzenisvlag van Christus, die staat voor de overwinning op de (spirituele) dood. De muur moet ons vertellen dat dat het hier gaat om een weergave van het innerlijk van de alchemist. Om de muur heen staan personificaties van de planeten. Deze staan voor de zeven chakra’s die gezuiverd en geactiveerd zijn. De engel met Bijbel verwijst naar Wijsheid = Sophia = de kundalini-energie. (Traité d’Astrologie, Johannes Hartlieb, circa 1540)

Jacques Viéville Tarot (circa 1650)

Nicolas Bodet Tarot (Angers, 1739)

Door de eeuwen heen is er altijd een groep mensen geweest die wist dat de meeste Bijbelverhalen ook gelezen kunnen worden als symboliek, die ons wil vertellen hoe we het ‘Koninkrijk van God’ innerlijk kunnen verwezenlijken: door middel van een kundalini-ontwaken, net als Jezus. Kunstenaars hebben deze kennis, die inging tegen de leer van de kerk, verhuld gecommuniceerd in hun schilderijen. Hieronder drie voorbeelden waarbij de verrijzenisvlag is gebruikt om ons te vertellen dat in het hoofd van Jezus een versmelting van de dualiteit heeft plaatsgevonden.

Kunstenaar Bernardo Bitti (linksonder) heeft het zelfs gedurfd om af te wijken van de traditionele witte vlag met rood kruis, en heeft gekozen voor een tweekleurige vlag: rood en wit. Deze kleuren staan in de alchemie voor de dualiteit (rode koning en witte koningin), die versmelt tijdens het Magnum Opus.

Bernardo Bitti (1603)

Giulio Campi (1547)

Bernardino Butinone (circa 1500)

De Oswald Wirth Tarot

Oswald Wirth heeft gekozen voor een jongen en een meisje in plaats van twee identieke jongens om de dualiteit in beelden uit te drukken. De kleur van hun lendendoek bevestigt dat ze voor de dualiteit staan: rood en blauw zijn de klassieke kleuren van respectievelijk het mannelijke en het vrouwelijke.

De twee concentrische cirkels in het gras zijn een nieuw element. Dit symbool komt uit de alchemie en verwijst naar de versmelting van de dualiteit (twee cirkels). Hieronder vind je drie voorbeelden van alchemistische illustraties met een dubbele cirkel.

Een bevestiging van deze interpretatie krijgen we door de wijze waarop de voeten van de jongen en het meisje geplaatst zijn. Beide staan met één voet in de grote cirkel en met één voet in de kleinere cirkel.

De goddelijke eenheid wordt op deze kaart dus gesymboliseerd door zowel de jongen en het meisje die elkaar vasthouden, als de twee cirkels die elkaar overlappen.

Oswald Wirth Tarot (1889)

Château des Avenières (1917)

De jongen en het meisje op de mozaïek van Château des Avenières (hierboven, rechts) zijn naakt. Dit benadrukt hun (seksuele) onschuld en roept associaties op met Adam en Eva voordat zij door God uit het paradijs werden weggestuurd. Een onderdeel van het proces van kundalini-ontwaken is de sublimatie (transformatie) van de seksuele energieën. Zie ook mijn artikelen ‘Van Aapmens tot Godmens‘ en ‘Tijdloosheid ervaren kost tijd‘.

Het meisje op de mozaïek van Château des Avenières heeft rossig haar met een lengte tot haar bekken. Dit verwijst naar het kundalini-vuur, dat stroomt van het bekken naar de kruin.

De mythische figuur Hermes Trismegistus toont de vervaardiging van de ‘Steen der Filosofen’, het eindproduct van het Magnum Opus. Op de rechterpagina versmelten twee zonnen (de dualiteit) tot één. (De Chemia Seniores, 1566)

De ‘Steen der Filosofen’. De dubbele cirkel staat voor het ‘Ei der Filosofen’: één van de vele alchemistische metaforen voor Godsrealisatie. (De Tiende Sleutel, Basilius Valentinus, 1599)

Het Magnum Opus van de Alchemist. De passer, die op de grote en de kleine cirkel rust, verwijst naar de versmelting van beide. (Atalanta Fugiens, 1617)

Onder en rechts: verborgen alchemie in twee schilderijen van Maria Magdalena en haar zus Martha. Klik op afbeelding voor een vergroting.
Voor meer informatie over de spiritualiteit van Maria Magdalena, zie mijn boek over haar.

Beide vrouwen maken met hun hand het teken van het heilige huwelijk (2=1). De hand van Maria Magdalena ligt hierbij op een spiegel die de vorm heeft van twee concentrische cirkels. De vierkante lichtreflectie op de spiegel verwijst naar het adagium van de alchemist: ‘Squaring the Circle’ (vierkant maken van de cirkel), een metafoor voor het volbrengen van het Magnum Opus. (Caravaggio, 1598)

Maria Magdalena draagt een sieraad in de vorm van twee concentrische cirkels. De dubbele spiraalvorm van het snoer op de tafel, en de haarlokken van Maria, verwijzen naar de caduceus, het klassieke symbool van een kundalini-ontwaken. Martha wijst met één hand naar het snoer, dat tevens lijkt op een (kundalini-)slang, en met haar andere hand omhoog: de kundalini is in Maria omhoog gebracht, naar haar kruin. Ook de roodbruine kleur van het haar van Maria – de kleur van vuur – is een verwijzing naar de kundalini. (Bernardino Luini, 1520)

De Rider-Waite-Smith (RWS) Tarot

Pamela Colman-Smith heeft zich voor haar kaart met name laten inspireren door Jacques Viéville (Tarot van Marseille). Haar Zonnekind zit zonder zadel en teugels op een groot wit paard: de krachten van de lagere natuur staan volledig ter beschikking van de hogere natuur. De kleur wit verwijst naar de uitzuivering van de dierlijke energieën.

De rode veer op het hoofd van het Zonnekind en de grote rood-oranje vlag zijn beide een symbool voor de kundalini-energie, die het kruinchakra heeft bereikt. De rode veer is ook onderdeel van de symboliek (met dezelfde betekenis) van RWS-kaart nummer 0 De Dwaas en kaart nummer 13 De Dood. De krans om het hoofd van het kind is een universeel symbool voor een geopend kruinchakra.

De krans lijkt gemaakt van granaatappels. Deze vruchten, vol met zaad, staan ook afgebeeld op de tuniek van de Dwaas en op het doek achter de Hogepriesteres (kaart nummer 2), en zijn ook een klassiek symbool voor de kundalini.

De zonnebloemen zijn een nieuw element en staan voor een voltooid proces van Godsrealisatie. Zie de illustratie hieronder uit het Hermetisme (een spirituele traditie verwant aan de alchemie).

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

De zonnebloem op deze gravure krijgt water uit de Hand van God en lucht/zuurstof van een engel. De zonnebloem verwijst naar het innerlijke proces van Godsrealisatie. (Die Lehren der Rosenkreuzer, 1785)

Rechts: St Rosa van Lima. Esoterisch staat een bloemenkrans om het hoofd voor een volledig geopend kruinchakra; het gevolg van een versmelting van de innerlijke dualiteit (2=1).

Het grote rode vaandel is een verwijzing naar de kundalini-energie, de werkzame kracht bij een spirituele verrijzenis/wedergeboorte. De kleuren wit en rood staan in de alchemie voor de dualiteit. (Simon de Vos, 17e eeuw)

Conclusie

Tarotkaart De Zon staat voor een spirituele wedergeboorte. Het ‘Zonnekind’ op deze kaart verbeeldt de heelheid en egoloosheid van de nieuwe, of ‘verrezen’, mens. Het proces van zuivering en heling dat hiervoor nodig is, vindt plaats door inwerking van Gods Heilige Geest (de kundalini-energie), gesymboliseerd op deze kaart door – onder andere – de zon.

Jezus verwijst naar dit proces met zijn raadselachtige uitspraak in de Bijbel dat alleen wie wordt ‘als een kind’ het Koninkrijk van God zal ontvangen:

“Laat de kinderen bij Mij komen en verhinder hen niet, want voor zodanigen is het Koninkrijk van God. Voorwaar, Ik zeg u: wie het Koninkrijk van God niet ontvangt als een kind, zal het beslist niet binnengaan.” (Marcus 10:14-15)

Emblemata Tarot (Morena Poltronieri, 2018)

Het pentagram op dit alchemistische embleem staat voor de voltooide mens. De drie bloemen staan voor de drie energiebanen die betrokken zijn bij een kundalini-ontwaken (de slang)

Anasata Tarot (Paul Struck, 1981)

De zodiak is een symbool voor heelheid. Een boom is een universeel symbool voor de ontwaakte kundalini. De witte duiven in de alchemistische kolven staan voor de Heilige Geest; de christelijke benaming voor de kundalini-energie.

Tarot of the Saints (Robert M. Place, 2001)

De kleuren rood en wit staan in de alchemie voor de dualiteit.

El gran tarot esoterico (Luis Pena Longa, Maritxu Erlanz de Güle, 1976)

De drie slangen zijn een symbool uit de alchemie. Ze staan voor de zuivering van hoofd (denken), hart (gevoelsleven) en buik (lichaam) door de kundalini.

Art Nouveau Tarot (Antonella Castelli, 2002)

Het kind staat voor het wedergeboren zelf.

Dit artikel is geschreven door Anne-Marie Wegh. Copyright december 2020

Het meest recente boek van Anne-Marie is:
Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie

Illustrations from the tarot decks, reproduced by permission of U.S. Games Systems, Inc., Stamford, CT 06902. c. by U.S. Games Systems, Inc.  All rights reserved.
Foto’s Châteaux de Avenières: http://hermetism.free.fr/Avenieres

LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL
LEES ARTIKEL

Door |2021-08-07T07:11:00+00:00december 27th, 2020|Tarot|Reacties uitgeschakeld voor Tarot 19. De Zon

De Tempeliers en de Heilige Graal

De Tempeliers en de Heilige Graal

De legendarische Orde van Tempeliers was actief tijdens de kruistochten in de 12e en 13e eeuw. De christelijke ridder-monniken zouden volgens de legendes in het Heilige Land allerlei mythische voorwerpen hebben buitgemaakt, waaronder de Heilige Graal, de beker waarin tijdens de kruisiging het bloed van Jezus was opgevangen. Ook werden zij verdacht van gnostische sympathieën. Dit is nooit bewezen. Niettemin eindigden vele Tempeliers op de brandstapel wegens ‘ketterij’. Tijdens hun gevangenschap hebben de Tempeliers religieuze afbeeldingen gekrast op de muren van hun kerkers. Historici denken dat ze niets bijzonders betekenen. De zeven eeuwen oude reliëf-tekeningen blijken ons echter te leiden naar het geheim van de Heilige Graal!

Opkomst en ondergang

De Orde van de Tempeliers werd in 1118 opgericht door de Franse edelman Hugo van Payns en bestond aanvankelijk uit negen mannen. Het doel van de orde was pelgrims te beschermen tegen overvallers op hun reis naar Jeruzalem. De ridders wilden tevens leven in navolging van Christus en legden de monastieke geloftes af van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid.

De voor die tijd volledig nieuwe combinatie van militair en monnik sprak tot de verbeelding van de Fransen. De orde groeide al gauw in aantal, rijkdom en macht. Ze ontvingen geld, goederen en land van burgers en machthebbers. Hun moed was legendarisch. De goed getrainde ridder-monniken vochten door tot de dood. Ze gaven zich alleen over als hun bevelhebber dit besliste en dat gebeurde niet snel. Naast het beschermen van pelgrims namen zij ook deel aan kruistochten tegen de moslims, om Jeruzalem te behouden voor de christenen.

Rond 1300 werd Jeruzalem veroverd door de moslims. De Tempeliers trokken zich definitief terug uit het Heilige Land. De Franse koning Filips IV verkeerde in geldnood en bedacht een complot om de rijkdommen van de Tempeliers te vergaren. Op 13 oktober 1307 werden in het hele land Tempeliers opgepakt wegens beschuldiging van ketterij, homoseksualiteit en corruptie. Filip had geen bewijzen voor deze aantijgingen, maar de martelmethodes van de Inquisitie leverden hem de ‘bekentenissen’ die hij nodig had om de bezittingen van de orde te confisqueren. Veel Tempeliers eindigden op de brandstapel. In 1312 werd de orde door de paus officieel ontbonden.

In 2007 zijn de Tempeliers alsnog vrijgepleit en in ere hersteld door paus Benedictus. Dit naar aanleiding van de vondst van documenten waaruit onder andere blijkt op welke wijze de bekentenissen tot stand waren gekomen.

Gnostische opvattingen

Veel van de beschuldigingen tegen de Tempeliers kwamen uit de duim van koning Filip, maar de geruchten over gnostische opvattingen zijn nooit verdwenen, mede gevoed door de waas van geheimzinnigheid die rond de initiaties en rituelen van de orde hing. Was hier misschien toch iets van waar?

Als we het schaarse materiaal dat bewaard is gebleven van de Tempeliers nader bestuderen, valt op dat er een thema lijkt van (goddelijke) eenheid tegenover (aardse) dualiteit: een mystiek concept dat we ook in de gnostiek terugvinden. Een voorbeeld is het befaamde Tempelierzegel met twee ruiters op één paard (illustratie 1). De betekenis hiervan is niet bekend. Is het een uiting van verbondenheid en broederschap, of een teken van armoede? Had niet elke ridder een eigen paard? Er zijn diverse argumenten die beide antwoorden onwaarschijnlijk maken.

1. Zegel van de Tempeliers

2. Wapen van de Tempeliers

3. Vlag van de Tempeliers

4. Graf van een Tempelier (Temple Church, Londen)

Aannemelijker lijkt dat de twee ruiters op één paard een metafoor zijn voor het innerlijk versmelten van de polariteiten, als de weg naar een Godservaring. Zeker als we andere voorwerpen naast dit zegel plaatsen. Het wapenschild van de Tempeliers, bijvoorbeeld, is een rood kruis op een zwart met witte achtergrond (illustratie 2). Het gelijkarmige, of Griekse, kruis is een klassiek symbool voor de versmelting van de tegenstellingen. De esoterische betekenis van het kruis wordt bevestigd en versterkt door de strategische plaats in het midden van de zwart-witte (yin en yang) achtergrond. De zwart-witte vlag van de Tempeliers, de Beauceant genaamd, sluit qua symboliek naadloos bij het zegel en wapenschild aan (illustratie 3).

En dan zijn er nog de graven van de Tempeliers. Op een aantal hiervan is de overledene afgebeeld met gekruiste benen (illustratie 4), een merkwaardig detail waarvoor historici geen verklaring hebben. Eén van de theorieën is dat de gekruiste benen verwijzen naar deelname aan een kruistocht, maar deze verklaring is niet sluitend voor alle gevallen waarbij een ridder op dergelijke wijze is afgebeeld. In de esoterische tradities staan gekruiste benen symbool voor de versmelting van de tegenstellingen tot een goddelijke eenheid.

Op het zegel met de twee ruiters op één paard (illustratie 1) vinden we nog twee verwijzingen naar de versmelting der tegenstellingen: de twee speren naast elkaar en het dubbele kruis op de wapenschilden van de ruiters. De twee kruisen op elkaar vormen een achtpuntige ster, de zogenaamde Morgenster, een oeroud symbool voor het goddelijke.

De Morgenster

De achtpuntige ster is een symbool van de Soemerische godin Inanna en haar Akkadische tegenhangster Ishtar. Deze godinnen werden tevens geassocieerd met de planeet Venus, die de Morgenster wordt genoemd omdat Venus, na de zon en de maan, de helderste is van alle hemellichamen en kort voor zonsopgang zichtbaar is in het oosten. Venus kondigt als het ware de zon aan en werd daarom al in de verre oudheid geassocieerd met het goddelijke. In het verlengde hiervan staat de achtpuntige ster in esoterische tradities voor de sluimerende goddelijke energie in het bekken van de mens; de kundalini-shakti genoemd door de yogi (illustratie 5). Zie ook mijn artikel over tarotkaart De Ster.

5. (rechts) Alle symbolen op deze alchemistische illustratie verwijzen naar de kundalini-energie: de slang, de vrouw op de maan (Sophia) en de achtpuntige ster. Uit: Clavis Artis, laat 17e/begin 18e eeuw.

De Tempeliers hebben de achtpuntige Morgenster geplaatst op munten, op zegels en op muren in door hen gebouwde kerken en kathedralen. Een intrigerend voorbeeld vinden we tussen de diverse fresco’s in de Tempelierkapel van Cressac-Saint-Genis, in Frankrijk (illustratie 6). Mijn interpretatie is dat alle symbolen in de cirkel verwijzen naar het goddelijke in de mens, oftewel de kundalini-energie. De kleine cirkel met een punt in het midden is het symbool voor de zon en voor goud. De A(lpha) is de eerste letter van het alfabet en verwijst naar het goddelijke beginsel van onze schepping. De mysterieuze kronkellijn op de bovenkant van de A is de (slangen)beweging van de kundalini-energie, opstijgend door de wervelkolom.

Een tweede esoterisch symbool, ook veelvuldig gebruikt door de Tempeliers, is de Roos van Venus. Tijdens een cyclus van acht jaar maakt de planeet Venus een baan om de aarde die het patroon heeft van een vijfbladige bloem (illustratie 7). Deze Roos van Venus is sinds oudsher een symbool voor het vrouwelijk aspect van God. Het patroon kan ook gezien worden als een pentagram. Zowel de Roos van Venus, als het pentagram, vinden we terug bij de Tempeliers. Illustratie 8 en 9 zijn voorbeelden hiervan.

7. De baan die de planeet Venus om de aarde maakt in 8 jaar.

8. Het ornament boven de ingang van Tempelierkerk Santa Maria dos Olivais in Tomar, Portugal.

9. Een munt, uitgegeven door de Tempeliers.

De Coudray Toren in Chinon

Een van de plaatsen waar de Tempeliers gevangen hebben gezeten, voorafgaand aan hun veroordeling en terechtstelling, is de Toren van Coudray in de Franse plaats Chinon. Op de muren van de toren hebben de mannen religieuze tekeningen achtergelaten (illustratie 10). Deze verschaffen ons veel duidelijkheid over de gnostische kennis die zij bezaten. De monniken hebben aan de kalkstenen muren van hun gevangenis toevertrouwd waarover ze tijdens de folteringen door de Inquisitie hebben gezwegen. De ruwe tekeningen bevatten symboliek waarvan alleen ‘ingewijden’ de betekenis begrijpen.

Op illustratie 11 staat links de heilige Catharina afgebeeld, herkenbaar aan haar attribuut: het wiel waarop zij is gemarteld. Het wiel op deze gevangenismuur heeft acht spaken, die duidelijker zijn uitgewerkt dan de heilige zelf. Dat we dit mogen zien als een verwijzing naar de achtpuntige Morgenster, en daarmee naar de kundalini-energie, kunnen we afleiden uit de planeet Venus (cirkel met kruis eronder), links naast Catharina.

10. Graffiti achtergelaten door de Tempeliers in de Toren van Coudray in Chinon.

Pijnappelklier

Fleur-de-lys

11. (Deel)tekening van 10.

12. (Deel)tekening van 10.

Illustratie 12 sluit prachtig aan bij de symboliek van 11. Rechts zien we het hoofd van een monnik met een aureool. Dit aureool is het gevolg van de activering van de pijnappelklier, die is afgebeeld links naast de man, als een grote uitholling met stralen er omheen. De fleur-de-lys onder de uitholling, bevestigt onze interpretatie. De fleur-de-lys is een oeroud symbool van de pijnappelklier. Tussen de fleur-de-lys en de monnik is een trap met zes treden gekerfd: dit zijn de de zes chakra’s die de kundalini doorloopt om bij de pijnappelklier te komen.

Innerlijke kruisiging

Uit de achtergelaten graffiti in torens van de Franse Bastide-stad Domme, waar ook Tempeliers gevangen zaten in afwachting van hun proces, kunnen we afleiden dat zij wisten dat veel verhalen in de Bijbel een symbolische laag hebben. Zo staat de kruisiging van Jezus op het symbolische niveau voor het sterven van het ego tijdens het proces van spiritueel ontwaken. Op illustratie 13 (hieronder) staat een kruisingsscène uit de gevangenis van Domme afgebeeld. Wat opvalt is dat om het kruis en de twee bijstanders heen een huis is gekerfd. De boodschap hiervan is dat de kruisiging, op een dieper niveau, zich afspeelt in de mens.

13. Kruisigingsscène, Domme.

Op het hoofd van de gekruisigde Jezus is een klein kruisje geplaatst. Dit is een tweede aanwijzing, achtergelaten voor ons, dat de dood van Jezus staat voor een innerlijk proces. Het ego sterft als de kundalini-energie is opgestegen tot in het hoofd, en de mannelijke en vrouwelijke energieën (de innerlijke dualiteit) versmelten tot een eenheid. Dit zogenaamde heilige huwelijk wordt op illustratie 13 uitgebeeld door de man en de vrouw (de apostel Johannes en Maria) naast het kruis.

Op de gevangenismuur van Chinon is deze innerlijke betekenis van de kruisiging op een andere wijze uitgebeeld. Naast de heilige Catharina zien we op illustratie 11 de berg van Golgotha met een kruis erop. De stapel stenen, waaruit de berg bestaat, lijkt veel op hersenen. Het kruis bevindt zich in een uitholling, hetgeen we mogen zien als een tweede aanwijzing dat de kruisiging zich in het hoofd afspeelt. Deze symboliek is geheel in overeenstemming met de Bijbeltekst, die expliciet zegt dat Golgotha ‘Schedelplaatsbetekent: En zij brachten Hem naar de plaats Golgotha, dat is vertaald: Schedelplaats. (Marcus 15:22)

Voor een uitgebreidere uitleg, met onderbouwing, van de kruisigingssymboliek in de Bijbel verwijs ik de lezer graag naar mijn boek Ecce Homo, de beeldtaal van de Bijbel.

Heilige Graal

Op de muren in Domme staat ook illustratie 14: een afbeelding van de Heilige Graal. Mijn interpretatie is dat dit een beker met een levensboom voorstelt, en dat dit een metafoor is voor het bekken van de mens (de beker), met de ontwaakte kundalini die omhoog stroomt naar het kruinchakra (de levensboom).

De beker is octogonaal (achthoekig), een verwijzing naar de Morgenster. De boom heeft zeven takken: dit zijn de zeven chakra’s die gereinigd en geactiveerd worden door de kundalini. Een bevestiging van deze interpretatie kunnen we vinden in de Tempelierkerk van Montsaunès: de levensboom die is afgebeeld op een van de muren is op precies dezelfde wijze uitgevoerd (illustratie 15)!

14. Graffiti in de gevangenis van Domme.

15. Fresco van levensboom in de Tempelierkerk van Montsaunès.

De Tempeliers wisten dus dat de mythische Heilige Graal geen fysiek voorwerp is, maar een metafoor voor de goddelijke energie in ons bekken. Volgens de legendes zou drinken uit de Heilige Graal genezing en eeuwig leven geven. Dit zijn eigenschappen van de kundalini-energie die, als zij ontwaakt, de mens zuivert, heelt en herenigt met God.

Rechts: Jezus hangend aan een (levens)boom. De zeven ‘takken’ verwijzen naar de zeven chakra’s. Gravure uit: Hermetische schriften, Vincentius Koffsky, 1786.

Spiritueel testament

De Tempeliers spreken nog altijd zeer tot de verbeelding. Regelmatig verschijnen er goedverkopende boeken met de meest ongeloofwaardige en ongefundeerde hypotheses en complottheorieën. Al deze eeuwen is de waarheid over de spiritualiteit van de Tempeliers zichtbaar geweest op Franse gevangenismuren: door historici niet op waarde geschat en onbekend bij een groot deel van de wereld. Een ontroerend spiritueel testament, voor ons achter gelaten door heldhaftige mannen, die gemarteld en gedood werden door dezelfde paus en koning die ze zo trouw en gepassioneerd hadden gediend.

Dit artikel is gepubliceerd in Spiegelbeeld magazine (dec ’20)
Copyright Anne-Marie Wegh 2020

DOWNLOAD ARTIKEL (PDF)

De Tempeliers hadden een grote verering voor Johannes de Doper en Maria Magdalena.

Zij waren op de hoogte van de geheimen rond Jezus, waarover ik mijn vier boeken heb geschreven.

Zij wisten dat Johannes de Doper, nadat hij een proces van Godsrealisatie had doorgemaakt, de Messias was geworden waarop de Joden al zoveel eeuwen wachtten. De evangelieschrijvers gaven hem postuum een nieuwe naam en identiteit: Jezus de Nazoreeër. Lees hierover in mijn boek: Johannes de Doper die Jezus de Christus werd.

Aanvullende illustraties

De innerlijke betekenis van de Heilige Graal was niet alleen bekend bij de Tempeliers. Hieronder een aantal voorbeelden uit de christelijke schilderkunst waarin (verhuld) een verband wordt gelegd tussen de Heilige Graal en het proces van kundalini-ontwaken.

Onder: op beide onderstaande afbeeldingen maakt Jezus met zijn rechterhand – waaruit ook bloed stroomt dat wordt opgevangen in een beker – het teken van het heilige huwelijk (2=1, de versmelting van de polariteiten).

Rechts: dit schilderij legt op inventieve wijze een verband tussen de duif van de Heilige Geest (de christelijke benaming voor de kundalini-emergie), de opstijgende kundalini-slang, de opstanding van Jezus, en de Heilige Graal. Ook de doorzichtige sjaal die – nauwelijks zichtbaar – om het kruis gewikkeld is, vanaf het bekken tot het hoofd van Jezus, verwijst naar de kundalini-slang. (Bartolomeo Passarotti, 16e eeuw)

Met zijn linkerhand wijst Jezus naar zijn bekken, de plaats in de mens waar zich de Heilige Graal  bevindt. Precies vóór de beker (Heilige Graal) naast Jezus wordt een brandende kaars gehouden. Deze kaars verwijst naar het goddelijke vuur (kundalini) in de wervelkolom. (Bernardino di Mariotto dello Stagno, circa 1520)

De apostel Johannes houdt een beker (Heilige Graal) bij het hoofd van het kindje Jezus: de plek waar de opgestegen kundalini-energie een Godservaring geeft. Zowel Johannes als het kindje Jezus maakt met zijn hand het teken van het innerlijke heilige huwelijk (2=1). (Boccaccio Boccaccino, circa 1507)

Door |2021-10-13T09:41:15+00:00november 15th, 2020|Spiegelbeeld|Reacties uitgeschakeld voor De Tempeliers en de Heilige Graal

Maak de eenhoorn in jezelf wakker!

Maak de eenhoorn in jezelf wakker!

Iedereen houdt van de eenhoorn: volwassenen en kinderen, kunstenaars, dichters en historici. We zijn gefascineerd door dit dier. Heeft het echt bestaan? Wat is de oorsprong van de mythes en legendes waarin de eenhoorn een hoofdrol speelt? De antwoorden op deze vragen hebben alles te maken met een ander groot mysterie: de kundalini-energie in ons bekken.

De kennis over ons potentieel tot Godsrealisatie vinden wij in de meeste culturen en spirituele tradities alleen terug verpakt in beeldtaal. Vaak verhinderde de gangbare religie het openlijk communiceren over esoterische kennis, en het was sowieso niet iets wat men wilde delen met de grote massa, die het toch niet op waarde zou kunnen schatten en er wellicht op een verkeerde manier mee aan de haal zou gaan.

Beeldtaal was de ideale manier om spirituele kennis veilig door te geven aan de oprechte spirituele zoeker. De alchemie is een voorbeeld van een traditie die de beeldtaal tot een ware kunst heeft verheven. Alchemistische kennis is voornamelijk op papier gezet in de vorm van illustraties (emblemen). Voor een insider is het onmiddellijk duidelijk wat  een embleem betekent. Voor niet-ingewijden zijn de wonderlijke, surrealistische afbeeldingen één groot raadsel.

Spirituele kennis is hiermee zelfs zó goed verborgen dat veel mensen nog steeds denken dat alchemistische emblemen staan voor scheikundige formules om van onedele metalen goud te maken. Verreweg de meeste emblemen gaan echter over het proces van kundalini-ontwaken, als de weg naar het innerlijke goud!

Toehoorders reageren vol ongeloof als ik dit zeg. De kundalini wordt gezien als een oosters concept waar men in de christelijke contreien geen weet van had. Niets is echter minder waar. Door de tijden heen is in heel veel kunstuitingen en iconografieën kundalini-symboliek terug te vinden. Ook in ons deel van de wereld. Ik heb vier boeken hierover geschreven. De eenhoorn is een prachtig voorbeeld.

Centraal op dit alchemistische embleem staat de Griekse god Hermes met zijn staf, de caduceus, het universele symbool voor een kundalini-ontwaken. De rozenstruik en de waterbron zijn beide metaforen voor de kundalini-energie. Op de achtergrond zien we twee vechtende dieren: het gevecht in ieder van ons tussen onze hogere en lagere natuur. Het paard met de vleugels staat voor de getransformeerde dierlijke energieën. De kleur rood in de alchemie verwijst naar het voltooide Magnum Opus (Godsrealisatie).

Het dier in de mens

Wie diep genoeg graaft in de heilige geschriften van spirituele tradities komt tot de ontdekking dat ze verrassend unaniem zijn over het ‘probleem’ van onze dierlijke driften. Deze driften staan in de weg van ons vermogen om het goddelijke te ervaren.

In intellectueel opzicht zijn wij misschien wel de kroon op de schepping, maar de meeste van onze drijfveren zijn dierlijk. Anders gezegd: in essentie bestaat er niet zoveel verschil tussen wat wij te zien krijgen op National Geographic en het nieuws. Eigenschappen zoals hebberigheid, agressie, lust, jaloezie, opscheppen, egoïsme en kuddegedrag zijn dierlijke neigingen.

Deze impulsen van onze zogenaamde ‘lagere natuur’ zijn geworteld in ons lichaam, een product van onze evolutie vanuit het dierenrijk. De mens heeft echter ook een goddelijk potentieel, verbonden met onze ziel. Om het goddelijke volledig te realiseren moeten onze dierlijke (buik)energieën worden gezuiverd en gesublimeerd (omhoog gebracht naar de hogere chakra’s).

De mens als een hybride wezen: deels mens en deels hond/wolf. Deze twee helften willen tegenovergestelde richtingen uit, hetgeen ons voortdurend innerlijke worstelingen geeft. Illustratie uit: De Kroniek van Neurenberg (Hartmann Schedel, 1493).

De verbeelding van een transformatieproces

Het onderdrukken van onze dierlijke neigingen is niet de oplossing om ons goddelijk potentieel te realiseren. We hebben deze oerkrachten, in het bijzonder de seksuele energieën, juist nodig om het hogere te verwezenlijken. Het spirituele werk bestaat eruit om meesterschap te verwerven over deze krachten. Het kundalini-vuur helpt ons hierbij door alles te verbranden wat tussen God en de mens in staat. De eenhoorn symboliseert dit transformatieproces.

In de beeldtaal staat een paard voor onze emoties en dierlijke driften. Hieruit is ook de spreekwoordelijke ‘prins op het witte paard’ ontstaan: de ideale man heeft zijn dierlijke neigingen gezuiverd (de kleur wit) en onder controle (meesterschap over het paard).

De eenhoorn is ook wit en de lange, gedraaide hoorn op zijn voorhoofd staat voor de kundalini-energie die, tezamen met de dierlijke energieën, is opgestegen tot het zesde chakra en hier het derde oog heeft geopend.

In het hindoeïsme vinden we soortgelijke symboliek terug. Het omhoog brengen van de gezuiverde dierlijke energieën wordt hier op een inventieve manier verbeeld (vergelijkbaar met de hoorn van de eenhoorn). De dierlijke energieën worden ‘gevoed’ vanaf het hoofd. Let ook op de kleine staande cobra, linksonder: een universeel symbool voor de ontwaakte kundalini.

De maagd en de eenhoorn

In de verhalen over de eenhoorn zien we de boodschap van het transformeren van het dierlijke eveneens terug. Volgens de legendes kan de eenhoorn alleen gevangen worden door een maagd onder een boom te plaatsen. Hij laat zich lokken door de maagd en zal daarna op haar schoot in slaap vallen. Een boom is een universele metafoor voor de ontwaakte kundalini-energie. De seksuele energie moet bewaard blijven (de maagd) voor het spirituele proces van ontwaken. Het dierlijke in de buik (de schoot) van de mens moet ’in slaap vallen’.

De legendes zeggen ook dat de hoorn van het dier vergiftigd water kan zuiveren en ziektes kan genezen. Zuivering en genezing zijn beide aspecten van een kundalini-proces. Over de eenhoorn wordt ook verteld dat hij verborgen waterbronnen kan opsporen. De goddelijke energie in ons bekken wordt in de beeldtaal vaak weergegeven als een waterbron (zie de alchemistische illustratie hierboven).

De eenhoorn kan alleen gevangen worden door een maagd onder een boom te plaatsen.

Kiezen voor de weg van de eenhoorn

Een eenhoorn bestaat alleen in de binnenwereld van de mens. We kunnen dit prachtige dier in onszelf tot leven wekken door een verlangen naar God. Speciale oefeningen om de kundalini-energie te laten ontwaken zijn niet nodig. Wees niet bang, dit is geen weg van ascese en afzien, maar van bewuste keuzes maken. Zintuiglijke en seksuele bevrediging verliezen vanzelf hun aantrekkingskracht als je eenmaal hebt geproefd van het goddelijke. Als een eenhoorn spontaan verschijnt in een droom of meditatie, dan ben je op de goede weg!

In de christelijke kunst is de eenhoorn gebruikt om verboden esoterische kennis verhuld te communiceren. Op dit schilderij van Moretto da Brescia (1530) zien we de heilige Justina afgebeeld met een eenhoorn. De dennenappel op het kleed van de heilige, onder de hoorn van het dier, is een verwijzing naar de pijnappelkier, die geactiveerd wordt als de kundalini aankomt bij het zesde chakra.

Dit artikel is gepubliceerd in Spiegelbeeld magazine (juli/aug ’20)
Copyright Anne-Marie Wegh 2020

DOWNLOAD ARTIKEL (PDF)

Anne-Marie Wegh is auteur van het boek Kundalini-ontwaken.

Door |2020-09-25T10:08:40+00:00september 25th, 2020|Spiegelbeeld|Reacties uitgeschakeld voor Maak de eenhoorn in jezelf wakker!

Het geheim van de paardenfluisteraar

Het geheim van de paardenfluisteraar

Veel mensen zijn bang voor paarden. Ze worden gezien als gevaarlijke, onberekenbare dieren die je kunnen bijten of trappen. Maar wat zou jij doen als iemand recht op je af komt stappen en je ongevraagd begint aan te raken?!
Je zou het als erg onbeleefd en beangstigend ervaren. Het zou bij jou waarschijnlijk ook een heftige reactie uitlokken, toch?

Paarden zijn prachtige, gevoelige, sociale dieren, die normaal gesproken aandacht van een mens heel fijn vinden. Ze worden graag geaaid, als je eerst even rustig kennis maakt en rekening houdt met een aantal ‘omgangsregels’ die in de dierenwereld gelden.

1. Gedraag je niet als een roofdier

Een paard is misschien wel groot en sterk – veel groter en sterker dan jij – maar hij is bang voor jou! Paarden zijn prooidieren. In de vrije natuur dienen ze als voedsel voor roofdieren. Ze zijn daarom altijd op hun hoede, ook al zijn ze gedomesticeerd en leven ze bij de mens al vanaf hun geboorte in relatieve veiligheid. Met hun ogen en oren speuren ze voortdurend de omgeving af op onraad en ze zijn bang voor alles wat ze niet kennen.

De eerste vraag van een paard bij een ontmoeting met jou is: ga jij mij pijn doen? Ga jij mij opeten? Als hij maar het geringste vermoeden heeft dat jouw intenties niet goed zijn, dan zal hij vluchten, en als dat niet kan, dan zal hij vechten, lees: bijten of trappen.

Benader een paard rustig en vriendelijk.

Benader een paard daarom rustig en vriendelijk. Gebruik je inlevingsvermogen en zorg dat het dier zich veilig te voelt, in plaats van te reageren vanuit je eigen onzekerheden en angsten. Een paard moet je eerst vertrouwen alvorens hij contact aangaat met jou. Is dat bij mensen ook niet zo?

Praat met zachte stem tegen hem en draai je borst een beetje weg. Recht op een paard aflopen, frontaal voor hem gaan staan en hem aanstaren, is het gedrag van een roofdier. Dat zal een vluchtreactie bij hem oproepen. Kom liever ontspannen ‘aansjokken’, laat je schouders zakken, en kijk af en toe even weg. Geef het dier de tijd om de situatie in te schatten en let op zijn lichaamstaal. Zolang zijn hoofd hoog is, is hij in een staat van hoge alertheid en weet hij nog niet hoe hij zal gaan reageren op jou. Laat hij zijn hoofd langzaam zakken, dan is dit een eerste teken van ontspanning en een voorzichtige uitnodiging tot verder contact.

2. Houd rekening met de persoonlijk ruimte

Net als mensen hebben paarden een ‘persoonlijke ruimte’, een bepaalde afstand tot het lichaam, waarin ze onbekenden niet zomaar zullen toelaten. We kennen het gevoel allemaal wel; dat iemand veel te dicht bij je gaat staan in een gesprek. Het voelt heel oncomfortabel en bedreigend. Je hoort al niet eens meer wat deze persoon precies zegt. In plaats daarvan zoek je koortsachtig naar mogelijkheden om meer ruimte tussen jullie te creëren. Vluchten, dat is wat je wil!

Ook dieren hebben zo’n persoonlijk ruimte. Bij paarden is dit ongeveer een paardlengte, zo’n twee meter; mede afhankelijk van zijn karakter en wat hij heeft meegemaakt in het verleden. Is het een bang paard met slechte herinneringen aan mensen, dan zal zijn behoefte aan afstand groter zijn dan een managepaard dat dagelijks nieuwe mensen ontmoet en goed in zijn vel zit.

Eerst even laten ruiken

Door te letten op de lichaamstaal van het paard wordt zijn persoonlijke ruimte al snel duidelijk. Als je te dicht bij komt zal hij zijn hoofd wegdraaien of naar achteren stappen. Het is belangrijk om op dat moment te blijven staan, of nog beter: een stapje terug te doen. Hiermee laat je aan het paard zien dat je zijn persoonlijke ruimte respecteert. Dit is een cruciaal moment in het contact. Als je zijn lichaamstaal zou negeren, en brutaalweg in zijn persoonlijke ruimte zou stappen, zal hij in de vecht-vlucht modus schieten. Bijten of trappen wordt nu een optie voor het paard. Blijf je echter op gepaste afstand ontspannen staan, dan zal je zijn vertrouwen en nieuwsgierigheid wekken.

Wacht nu op een eerste teken van toenadering van het paard. Hij zal zijn hoofd naar je toebrengen om de zaak te verkennen. Veel mensen zien dit als een uitnodiging om het paard over zijn neus te aaien, maar dit werkt averechts: het paard zal zijn hoofd weer wegdraaien. Hij wil eerst ruiken en is nog niet klaar om aangeraakt te worden, en zeker niet aan zijn gevoelige neus!

Steek rustig je hand uit naar het dier en geef het de tijd om je lichaamsgeur te analyseren. Beweeg langzaam en ontspannen. Snelle bewegingen zullen het paard laten schrikken. Er zullen nu meer tekenen van ontspanning volgen: het hoofd gaat nog wat meer omlaag, de oren draaien een beetje opzij, de oogleden zakken, zijn blik wordt ontspannen. Kauwen of likken is ook een goed teken.

Nu doe je voorzichtig een stapje dichterbij, ondertussen lettend op zijn lichaamstaal. Als het paard ontspannen en naar je toegedraaid blijft kun je hem nu aanraken. De hals is hiervoor een geschikte plek.

3. Gebruik paardentaal

Het geheim van de paardenfluisteraar is dat hij precies weet hoe een paard communiceert en wat zijn behoeften zijn. Een paardenfluisteraar bezit geen ‘magische’ eigenschappen die een ander mens niet heeft. Hij is net zo alert op de kleinste signalen als een paard zelf en speelt hierop in met zijn eigen lichaamstaal.

Wat paarden fijn vinden is aaien of met je nagels lekker stevig krabbelen. Hiermee boots je na wat paarden ook bij elkaar doen als ze elkaar aardig vinden: likken, of met de tanden ‘krabben’. Klopjes geven, wat je overal ziet in de paardenwereld, is geen paardentaal, en niet iets wat een paard prettig vindt. Kloppen met je hand op zijn lijf, hoe goed bedoeld ook, kan – zeker bij een angstig paard – ervaren worden als een teken van agressie. Paarden wennen wel aan klopjes, net zoals aan andere onhebbelijkheden van mensen, maar je doet ze er geen plezier mee.

Lekker krabbelen achter de oren, waar ze zelf niet bij kunnen, vinden ze heerlijk!

Kortom

Het is eigenlijk heel logisch allemaal. Er is weinig verschil tussen mensen of dieren als het gaat om het positief laten verlopen van het eerste contact. Wees vriendelijk en beleefd. Zomaar aanraken, zonder eerst kennis te maken, is ongepast, altijd en overal. Gebruik je inlevingsvermogen en let op de lichaamstaal van de ander. Ik wens je mooie ontmoetingen en heel veel paardenvrienden toe!

Dit artikel is gepubliceerd in Bloom magazine (okt ’19)
Copyright Anne-Marie Wegh 2020

DOWNLOAD ARTIKEL (PDF)

Anne-Marie Wegh geeft cursusdagen Paardenfluisteren.

Door |2020-04-09T09:53:32+00:00januari 13th, 2020|Bloom magazine|Reacties uitgeschakeld voor Het geheim van de paardenfluisteraar

Tarot 8. Gerechtigheid

8. Gerechtigheid

Het is een bekend beeld in gerechtsgebouwen: Vrouwe Justitia, de personificatie van het recht; een daadkrachtige dame met een zwaard en een weegschaal. Haar Griekse oorsprong is de godin Themis, wiens taak het was de goddelijke orde en wetten te bewaken. Deze goddelijke orde maakte het mogelijk voor de goden en de mensen om samen te leven. De weegschaal van Themis stond voor innerlijke balans. Ook de tarotkaart Gerechtigheid gaat over innerlijke balans; een belangrijke voorwaarde voor spiritueel ontwaken.

The New Suffolk County Court House

Gerechtigheid (rechtvaardigheid) is één van de vier zogenaamde kardinale deugden. Hieraan dankt zij haar plaats in de tarot. De vier deugden prudentia (voorzichtigheid, wijsheid), justitia (rechtvaardigheid), fortitudo (moed, kracht) en temperantia (gematigdheid, zelfbeheersing) worden in het christendom als extra belangrijk gezien, omdat andere deugden erop steunen (kardinaal betekent ‘spil, waarom iets draait’).

Wat opvalt, is dat de kardinale deugden, zowel in de tarot als daarbuiten, bijna altijd worden gepersonifieerd door vrouwen. De reden hiervoor vinden we terug in het boek Wijsheid uit het Oude Testament. In dit boek worden deze vier deugden genoemd als voortvloeisels van de goddelijke ‘Wijsheid’ (Grieks: Sophia), die ten grondslag ligt aan de schepping:

de vruchten van de wijsheid zijn de deugden: matigheid leert zij en voorzichtigheid,
rechtvaardigheid en sterkte, de allernuttigste dingen in het menselijk leven.
(Wijsheid 8:7, Willibrordvertaling 1975)

Sophia (Wijsheid) is één van de benamingen van God de Moeder; het vrouwelijke aspect van God, dat zich zowel in het bekken van de mens bevindt, als in de gehele schepping. De yogi noemt haar de kundalini-shakti. Dit is – uiteraard – niet hoe de kerk Sophia uitlegt, maar deze betekenis kan uit de Bijbelteksten worden gehaald, als deze gelezen worden met een esoterische bril. Een voorbeeld uit hetzelfde hoofdstuk van het boek Wijsheid als het bovenstaande citaat:

Want de wijsheid [Sophia] is beweeglijker dan alle beweging; zij doordringt en doortrekt alles door de kracht van haar zuiverheid. Want zij is de ademtocht van Gods kracht en de pure afstraling van de heerlijkheid van de Almachtige: daarom wordt zij niet aangetast door iets dat bezoedeld is. Zij is de afglans van het eeuwig licht, de onbeslagen spiegel van Gods werkzaamheid en het beeld van zijn goedheid. Hoewel zij een is, vermag zij alles; hoewel zij in zichzelf blijft, vernieuwt zij alles; wat geslacht tot geslacht treedt zij binnen in heilige zielen en maakt hen tot vrienden van God en tot profeten.
(Wijsheid 7:24-27)

We vinden Sophia – verhuld – op veel tarotkaarten terug. Niet alleen als personificatie van de kardinale deugden, maar ook als bijvoorbeeld De Hogepriesteres.

De Visconti-Sforza Tarot

De kaart Gerechtigheid uit het 15e eeuwse Visconti-Sforza deck lijkt misschien recht toe recht aan, qua betekenis. Maar dit is slechts schijn, de kaart bevat wel degelijk subtiele esoterische symboliek.

Voordat het heilige huwelijk ter hoogte van het zesde chakra kan plaatsvinden, moeten de eerste vijf chakra’s worden gezuiverd, en moeten de twee energiebanen die langs de wervelkolom stromen – en die de energetische blauwdruk vormen van de dualiteit in de mens – in balans worden gebracht. Dit is waar de kaart Gerechtigheid voor staat. Het zwaard symboliseert de zuiverende werking van de kundalini (Sophia) en de weegschaal staat voor de energetische balans.

De Visconti-Sforza Tarot (15e eeuw)

Het ‘Sigillum Sapientum’ (Zegel der Wijzen) van de alchemist. De innerlijke éénwording (hexagram en oeroboeros) komt tot stand door de inwerking van de goddelijke Sophia (vrouw met zwaard en weegschaal) in de mens.
(J.M. Faust, Philalethes Illustratus, 1706).

De kaart Dame van Zwaarden van het Visconti di Modrone deck. Met haar linkerhand maakt de vrouw het teken van het heilige huwelijk. Op haar jurk is een granaatappelpatroon gedrukt. Zowel het zwaard als de granaatappel is een symbool voor de kundalini-energie.

De symbolische betekenis van een zwaard, met betrekking tot spiritueel ontwaken, wordt bevestigd door andere Visconti tarotkaarten, waaronder de kaart Dame van Zwaarden (hierboven). De vrouw maakt het teken van het heilige huwelijk met haar linkerhand: de innerlijke polariteit is versmolten tot een eenheid als gevolg van de inwerking van het zwaard/de kundalini.

Een voorbeeld buiten de tarot is de afbeelding bovenaan deze pagina, van het New Suffolk County Court House. We zien Vrouwe Justitia met een zwaard waar omheen twee slangen kronkelen: een verwijzing naar de caduceus, het symbool voor een kundalini-ontwaken.

De vrouw op de Visconti-kaart Gerechtigheid draagt een jurk met een hexagonaal patroon. Dit is een verwijzing naar het hexagram (zespuntige ster); het universele symbool voor de versmelting van de tegenstellingen. Met de hand waarmee de vrouw de weegschaal vast houdt, maakt zij het teken van het heilige huwelijk. De schalen van de weegschaal hebben verschillende kleuren: goud en zilver. Dit is een verwijzing naar de polaire energieën van zon (goud) en maan (zilver), die in balans zijn gebracht.

Op de bovenkant van de kaart zien we dezelfde vrouw, rijdend op een wit paard, in een harnas en met het zwaard geheven. Dit is een metafoor voor de zuiverende werking van Sophia/de kundalini-shakti. Een wit paard staat voor uitgezuiverde dierlijke driften. Zowel het harnas van de vrouw, als de metalen plaat op het hoofd van het paard, is in twee kleuren: één helft is goud en de andere helft is zilver.

Ongetwijfeld is dit beeld van een strijdlustige vrouw op een paard geïnspireerd door de Franse Jeanne ‘d Arc, die zo’n twintig jaar voor het verschijnen van dit tarotspel op de brandstapel aan haar einde kwam.

Een alchemistische afbeelding met Sophia, staand op de maan (16e eeuw, Nationaal Museum van Praag). In haar geopende buik zien we op de plaats van de wervelkolom een zwaard met een (kundalini-)slang er omheen. Met haar linkerhand maakt zij het teken van het heilige huwelijk.

De hindoe-godin Durga vecht tegen een (innerlijke) demon (1775-1800).

Ook de aartsengel Michaël heeft als vaste attributen een zwaard en een weegschaal. In de christelijke iconografie gaat hij met deze attributen de Draak (Satan) te lijf. Een beeld dat stamt uit het Bijbelboek Openbaring (vers 12:7): “Michaël en zijn engelen vochten tegen de draak.” De betekenis hiervan is hetzelfde als de kaart Gerechtigheid van de tarot. De engel Michaël staat voor de goddelijke (kundalini-)energie in ons bekken die, eenmaal ontwaakt, ten strijde trekt tegen onze innerlijke draak (het dierlijke), en die onze polaire energieën in balans brengt.

De Tarot van Marseille

De Tarot van Marseille is een verzamelnaam van tarot decks die ontworpen en geproduceerd zijn door verschillende personen, in een bepaalde periode, in een specifiek geografisch gebied. De diverse uitvoeringen lijken qua stijl op elkaar en zijn makkelijk herkenbaar als ‘Marseille decks’. Voor de tarot-onderzoeker zijn met name de onderlinge verschillen interessant.

Dat de vrouw op de kaart Sophia/de kundalini-shakti is mogen we afleiden uit haar veelkleurige jurk. De drukkunst stond toen nog in de kinderschoenen. Met het beperkte kleurenspectrum dat de ontwerpers tot hun beschikking hadden, hebben ze getracht alle chakra-kleuren te verwerken in de jurk.

De gevlochten halsketting verwijst naar de twee polaire energiebanen die bij een kundalini-ontwaken versmelten tot één. De gekrulde haarlokken van de vrouw staan voor hetzelfde. Op beide kaarten raakt één haarlok de halsketting, om aan te geven dat ze voor hetzelfde staan.

Tarot van Marseille,
versie Pierre Madenié (1709)

Tarot van Marseille,
versie Payen-Webb (18e eeuw)

Deze symbolische haardracht zien we ook terug in het orthodoxe (chassidische) jodendom. De mannen dragen gekrulde strengen haar aan weerzijde van het hoofd. Deze zogenaamde peies groeien ter hoogte van de slapen, de plaats waar de twee energiebanen versmelten tijdens het heilige huwelijk.

Het juweel op de voorkant van de kroon verwijst naar de pijnappelklier, die geactiveerd wordt tijdens een kundalini-ontwaken. Op de Payen-Webb kaart heeft de vrouw vleugels om haar goddelijkheid te benadrukken. Op de kaart van Pierre Madenié zit ze tussen twee pilaren. Deze staan voor de twee polaire energiebanen.

Links: in de esoterische traditie worden de drie energiebanen die bij een kundalini-ontwaken betrokken zijn vaak weergegeven als pilaren.

De ontwerper van het Payen-Webb deck heeft de kaart een afwijkende naam heeft gegeven: La Balance (De Balans). Dit versterkt de esoterische betekenis van innerlijke balans. Zijn Vrouwe Justitia heeft vleugels, hetgeen haar goddelijkheid benadrukt.

De Tarot van Paris (17e eeuw)

De Tarot van Parijs gooit het over een iets andere boeg, waardoor nog duidelijker wordt waar de kaart Gerechtigheid voor staat. De figuur heeft een hoofd met een mannelijk en een vrouwelijk gezicht.

Niet alleen in de tarot, ook daarbuiten, probeerde men esoterische kennis over het spirituele proces van ontwaken, die indruiste tegen de leer van de kerk, toch te communiceren door deze op verhulde wijze te verwerken in christelijke kunst. Hier drie voorbeelden van kundalini-symboliek op afbeeldingen van de kardinale deugd Gerechtigheid.
Van links naar rechts:
1. De vrouw houdt het zwaard tussen de twee schalen van de weegschaal, waardoor de symboliek van drie energiebanen ontstaat (gravure uit 1593).
2.De vrouw steekt de middelvinger van haar linkerhand uit. De middelvinger staat in de esoterische symboliek voor de wervelkolom, met erin stromend de kundalini-energie (Jacob Matham, 17e eeuw).
3. De vrouw houdt de weegschaal voor een pilaar, waardoor de symboliek van drie energiebanen ontstaat (Lucas van Leyden, 1530, Rijksmuseum)

Oswald Wirth en Rider-Waite-Smith

De occultisten van de Golden Dawn hebben niet veel nieuwe elementen meer toegevoegd aan de kaart. Op de kaart van Oswald Wirth draagt de vrouw nog nadrukkelijker een gevlochten halsketting.

Arthur Waite heeft de kaarten Gerechtigheid en Kracht omgewisseld, waardoor Gerechtigheid in zijn deck nummer 11 heeft. De kroon bij zowel Wirth als Waite heeft drie punten; een verwijzing naar de drie energiebanen. De twee linten aan de mantel op de RWS-kaart hebben dezelfde betekenis als de twee pilaren. Op deze linten staat een letter Y-patroon. Deze letter symboliseert de versmelting van de tegenstellingen.

Oswald Wirth Tarot, (tweede) versie 1930

Rider-Waite-Smith Tarot (1909)

Ook het androgyne uiterlijk van de vrouw, alsmede het zichtbaar zijn van slechts één schoen, verwijst hier naar. Ze houdt het zwaard en de weegschaal precies voor de twee pilaren. De betekenis hiervan is dat ze deze twee pilaren/energiebanen zuivert en in balans brengt.

De cirkel met een punt in het midden, aan het handvat van haar zwaard, is het symbool voor goud; een verwijzing naar de goddelijke energie waar dit zwaard voor staat. Het doek tussen de pilaren is – net als bij de kaart van de Hogepriesteres – de sluier van Isis: de sluier waarachter Isis/Sophia de grotere werkelijkheid verborgen houdt.

Château des Avenières

Op de mozaïek in de kapel van Château des Avenières zijn de twee pilaren voorzien van de letters B en J. Een element dat we kennen van de kaart De Hogepriesteres van het RWS-deck. De letters staan voor Boaz en Jachin: de namen van de bronzen zuilen bij de ingang van koning Salomo’s tempel. Volgens het Oude Testament leidt deze ingang naar de Ark des Verbonds in het Heilige der Heiligen, waar de mens met God kan communiceren.

De tempel staat voor de mens zelf, de pilaren voor de polaire energiebanen langs de wervelkolom en de ingang bevindt zich aan de onderkant wervelkolom, in het bekken. De Ark des Verbonds bevindt zich in het hoofd van de mens: als de pijnappelklier en hypofyse worden geactiveerd door de opgestegen kundalini (Sophia) ontstaat een verbinding met God.

Op de kleine kroon van de vrouw is een uraeus-cobra geplaatst: de slang die in het Oude Egypte staat voor de kundalini en waarmee farao’s vaak werden afgebeeld.

Château des Avenières (1917)